Draagdoek knopen: zo doe je je baby in de draagdoek

Draagdoek knopen: zo doe je je baby in de draagdoek

Met een draagdoek heb je je handen vrij en je kind dichtbij: ontzettend handig en knus. Je kunt je baby direct vanaf de geboorte veilig in een draagdoek dragen. Maar hoe doe je dat precies? En wat voor manieren heb je om een draagdoek te knopen?

Waarom dragen?

In de baarmoeder heeft een baby het altijd warm en is hij constant in contact met zijn moeder: hij hoort jouw hart, je stem en voelt je bewegingen. Door je kind te dragen kun je je baby na de geboorte hetzelfde ‘omvattende’ gevoel geven. Dit is ook de reden dat een draagdoek goed kan werken bij huilbaby’s of baby’s met darmkrampjes.

Huid-op-huidcontact is daarnaast goed voor de hechting tussen ouder en kind en zorgt voor een direct gevoel van veiligheid: je kind voelt bijvoorbeeld aan jouw lichaam dat een hard geluid op straat niet iets is om bang voor te zijn. Bovendien zorgt een draagdoek voor een soort filter tussen je baby en de buitenwereld; grijpgrage handen blijven op afstand, harde geluiden worden gedempt en met de doek kun je het gezichtsveld van je baby afschermen.

Voordelen van dragen

Er bestaan nog meer voordelen van het dragen van je kind in een draagdoek:

  • Een baby in een draagdoek heeft volledig overzicht en bekijkt de wereld vanuit een veilige plek.
  • Baby’s die worden gedragen leren eerder praten, omdat zij visuele ondersteuning hebben bij wat ze horen: ze zien gezichten, uitdrukkingen en de bewegende lippen van degene die praat. Ze koppelen mimiek zo eerder aan intonatie, mondbewegingen en verschillende klanken.
  • Een baby in een draagdoek komt veel in contact met mensen en stimuleert zo zijn sociale ontwikkeling. Hij bevindt zich op ooghoogte en observeert sociale interactie van zijn ouders met anderen.
  • Volgens onderzoek zijn baby’s die gedragen worden rustiger en huilen ze minder door het rustgevende en veilige effect van dicht bij hun ouder te zijn.
  • De kikkerhouding zorgt voor een goede houding en ontwikkeling van rug- en nekspieren en kan heup- en rugproblemen – ook op latere leeftijd – voorkomen.
  • Verticaal dragen vermindert de kans op reflux of krampjes.

Voor de ouders zijn er ook voordelen. Zo heb je je handen vrij en kun je makkelijker iets in het huishouden doen. Ook neemt een draagdoek minder ruimte in beslag dan een kinderwagen en is daardoor makkelijker te vervoeren.

Wanneer dragen?

Je kunt je baby vanaf de geboorte direct in een draagdoek dragen. Zijn hoofd, rug en beentjes worden, mits je hem op de juiste manier gebruikt, voldoende ondersteund. Hierdoor is het een verantwoorde manier om je baby te dragen. Vanaf welke leeftijd jij je baby draagt, hangt uiteraard ook af van hoe jij je voelt. Ben je erg verzwakt na de bevalling, heb je een keizersnede gehad of heb je last van bekkeninstabiliteit? Dan is het aan te raden nog even te wachten met het dragen van je baby totdat je je sterk genoeg voelt.

Houding van de baby

Je baby mag vanaf de geboorte rechtop in de draagdoek. In deze houding kan hij vrij ademen en het is goed voor zijn fysieke ontwikkeling. Als een baby in een gebogen houding (de kikkerhouding) wordt gedragen, wordt de ontwikkeling van zijn spieren en gewrichten gestimuleerd. Bovendien is de afstand tussen de uiteinden van zijn botten in de gewrichten optimaal, waardoor het eerst nog zachte kraakbeen kan verharden. Dit heeft je baby nodig om uiteindelijk te gaan zitten, kruipen en staan.

Zorg daarom dat een pasgeboren baby altijd in de kikkerhouding zit, met zijn gezicht naar jou toe: de heupjes van je kind moeten in een hurk-/spreidpositie staan, met zijn knieën opgetrokken tot navelhoogte. Dit doe je door zijn beentjes met de doek te ondersteunen van knie tot knie. Dit kan alleen met de juiste draagdoek, dus laat je goed adviseren bij de aanschaf. Het ruggetje van je baby moet mooi bol zijn en zijn schouders iets naar voren. De armpjes liggen dicht tegen hem aan met zijn handen zo dat hij op z’n vuisten kan sabbelen om eventuele honger aan te geven.

Let op dat de rug en nek van je kind goed ondersteund zijn. Dit doe je door de draagdoek strak aan te trekken. Je baby heeft hier geen last van. Het is niet veilig om je baby in een liggende houding te dragen. Hij kan dan niet goed ademen, omdat hij met zijn kin op de borst ligt.

Drie soorten draagdoeken

Er bestaan drie soorten draagdoeken: rekbare draagdoeken, geweven draagdoeken en ringslings.

  • Rekbare draagdoek

    Deze draagdoek is – de naam zegt het al – gemaakt van rekbaar tricot. Deze doek kun je vanaf de eerste dag gebruiken. Een van de voordelen van deze draagdoek is dat je hem kunt ‘voorknopen’. Dit betekent dat je de draagdoek eerst om je zelf heen knoopt en dan pas je kind erin doet. Dit kan handig zijn als je je baby bijvoorbeeld vaak in en uit de draagdoek doet, dan hoef je de doek niet steeds opnieuw te knopen. Na een voeding of verschoning kan je baby zo weer in de draagdoek.

  • Geweven draagdoek

    Deze draagdoek is iets langer dan de rekbare variant. In een geweven draagdoek kun je je kind langer dragen, ook op je rug. Knopen met een geweven draagdoek heeft ook zo z’n voordelen; omdat je hem knoopt terwijl je kind er al in zit, weet je precies hoeveel stof je waar nodig hebt om ‘m strak te krijgen. Met een geweven draagdoek heb je bovendien meer mogelijkheden met betrekking tot knopen.

  • Ringsling

    Dit is een korte baan geweven stof die je door twee ringen haalt om een zitje te maken voor je baby. Je hoeft de stof alleen maar door de ringen te halen en daarna de banden aan te trekken. Een ringsling vereist dus geen (lastige) knooptechnieken.

Draagdoek knopen

Je kunt een draagdoek op een heleboel verschillende manieren knopen. Het is in het begin even puzzelen wat voor jou en je baby de beste manier is, maar als je de draagdoek regelmatig gebruikt, heb je dit zo onder de knie.

Stappenplan: Front Wrap Cross Carry (geweven draagdoek)

De Front Wrap Cross Carry is de basisknoop voor als je je kind in een geweven draagdoek op je buik wilt dragen. Stappen:

  1. Zoek het midden van de geweven draagdoek en hou deze tegen je borst aan. Rimpel de doek op tot ongeveer je navel.
  2. Haal beide doekbanen nu naar achteren en kruis ze op je rug, waarna je ze over je schouders naar voren haalt. Zorg dat de stof van de draagdoek niet draait op je rug, dan kun je ‘m straks goed aantrekken.
  3. De losse uiteinden van de draagdoek hangen over je schouders naar voren. Leg je baby tegen je schouder aan, alsof je hem een boertje laat doen. Laat hem leunen tegen je lichaam en breng zijn lichaam rustig naar beneden met de beentjes onder de horizontale baan, totdat zijn hoofdje vlak onder je kin zit. De onderkant van de doek ribbel je wat omhoog om een zitje voor je baby’s billen te maken. Zorg dat je kind in kikkerhouding zit (beentjes hoger dan billen).
  4. Haal de doek nu (voorzichtig) over zijn rug omhoog tot onder zijn nek. Terwijl je dit doet, blijf je de billen en rug met de stof en je onderarm ondersteunen. De doek bedekt je baby nu van het nekje tot de billen. Houd de banen die je net hebt aangespannen goed vast en trek ze langzaam strak. Zit je kind stevig, trek dan de banen langs het lijf van je kind naar beneden over de beentjes en naast de billen, en kruis beide doekbanen onder de billen. Haal de stof onder de voeten van je kind door naar achteren.
  5. Knoop de doek op je rug met een platte dubbele knoop. Check of je kind stevig tegen je aan zit en comfortabel te dragen is. Voor extra comfort en ondersteuning van het hoofdje kun je aan de bovenzijde van de doek een rolletje maken van bijvoorbeeld een spuugdoekje of een hydrofiel washandje.

Stappenplan: Pocket Wrap Cross Carry (rekbare draagdoek)

De Pocket Wrap Cross Carry is de basisknoop voor als je je kind in een rekbare draagdoek op je buik wilt dragen. Stappen:

  1. Zoek het midden van de rekbare draagdoek en houd deze tegen je buik aan. Rimpel de doek op tot ongeveer je navel.
  2. Haal beide doekbanen nu naar achteren en kruis ze op je rug waarna je ze over je schouders naar voren haalt.
  3. De losse uiteinden van de draagdoek hangen over je schouders naar voren. Haal beide uiteinden van de draagdoek onder de buikband door en kruis deze weer.
  4. Knoop de draagdoek met dubbele knoop op je rug. Haal de uiteinden naar voren om op je buik te knopen.

Stappenplan: rucksack

Als je je baby op je rug wilt dragen, kun je de rucksack-knoopmethode gebruiken. Deze knoopmethode is alleen geschikt voor een geweven draagdoek. Ervaren draagdoekouders kunnen hun baby vanaf dag één op de rug dragen, mits het hoofd en nekje goed worden ondersteund. Ben je nieuw in draagdoek-land, dan is het veiliger om te beginnen met buikdragen en gaandeweg te oefenen met een knuffel of pop als je ook wilt gaan rugdragen. De meeste ouders beginnen met rugdragen als hun kind te zwaar wordt om op hun buik te dragen. Stappen:

  1. Leg de draagdoek op een tafel neer en leg je baby in het midden. De bovenkant van de draagdoek ligt net boven het nekje van je baby en de onderkant komt bij zijn benen. Met de onderkant van de doek maak je een zitje door de doek tussen de benen te schuiven tot zijn middel. De twee lange banen van de draagdoek liggen nu aan weerszijden van je baby.
  2. Pak je baby op door met je ene hand zijn nek en rug te ondersteunen en met je andere hand de twee doekbanen, je baby ligt in een soort hangmatje.
  3. Leg je baby op je linkerschouder terwijl je hem blijft ondersteunen. Pak de rechterdoekbaan en haal die over je rechterschouder naar voren. Je baby hangt nu in het midden hoog op je rug. Beide banen hangen over je schouders heen, zorg dat je baby een goed zitje heeft.
  4. Twist de linkerdoekbaan nu een aantal keer en klem ‘m even tussen je knieën. Doe hetzelfde met de andere doekbaan en haal deze baan onder je oksel door naar je rug. De baan gaat over het eerste been van je kind en onder het andere been door, waarna je hem weer naar voren haalt. Houd de doek hier vast. Doe nu hetzelfde met de andere kant: de getwiste doekbaan gaat over het eerste been en onder het andere been langs en de weerzijde eindigt weer voor. Je kind steunt nu met z’n billen op een gemaakt kruis.
  5. Knoop de twee einden in een dubbele knoop voor je buik.

Draagconsulent

Op YouTube vind je nog veel meer video’s die je laten zien hoe je een draagdoek kunt knopen. Ook kun je hier verschillende knooptechnieken met elkaar vergelijken. Nog fijner is het als een draagconsulent jou de knooptechniek aanleert. Zij kan je meerdere knopen met elkaar laten vergelijken en samen met jou kijken wat de meest geschikte is voor jou en je baby. Hier vind je een draagdoekconsulent bij jou in de buurt.

De juiste houding voor jou

Het is niet alleen belangrijk dat je baby in de juiste houding in een draagdoek zit, ook voor jou moet de doek goed zitten, zodat je geen last van je rug of nek krijgt. Spreid de doek daarom altijd goed uit over je lichaam, zodat het gewicht van je baby verdeeld wordt over je eigen lichaam. Meer informatie hierover kun je krijgen bij een draagdoekconsulent of de winkel waar je de draagdoek koopt.

Welke draagdoek kies je?

Er zijn verschillende draagdoeken te koop. Allereerst maak je een keuze tussen een geweven draagdoek of een draagdoek van stretchstof. Beide hebben voor- en nadelen. Sommige draagdoeken zijn erg makkelijk in het gebruik, bij andere moet je iets meer oefenen om het knopen goed onder de knie te krijgen. Het is slim om de draagdoek eerst uit te proberen voordat je hem aanschaft. Zo weet je of je hem handig in gebruik vindt en of je hem fijn vindt zitten. Sommige draagdoekenverkopers en draagdoekconsulenten hebben een ‘doekenbibliotheek’, waaruit je een doek kunt lenen of huren om deze te testen.

Andere opties

Lijkt een draagdoek knopen je erg ingewikkeld, maar wil je je kind wel graag dragen? Dan kun je ook kiezen voor een draagzak.

Checklist veiligheid

Zo draag je je kind veilig in een draagdoek:

  • Verticale houding: zorg dat je kind altijd in een verticale houding zit en zo strak mogelijk tegen je aan ligt.
  • Ondersteuning rug en heupen: zorg dat zowel de rug als de heupen goed worden ondersteund als je je baby draagt.
  • Ondersteuning nek: kan je kind nog niet zelfstandig zitten, zorg dan dat zijn nek goed wordt ondersteund.
  • Vrije ademhaling: er moet genoeg ruimte zijn tussen de kin en borst, zodat je kind vrij kan ademen tijdens het dragen.
  • Buik tegen buik of buik tegen rug: je mag je kind zowel op je buik als op je rug dragen. Je baby moet wel altijd met zijn buik tegen jouw buik of rug aan liggen.
  • Houding: de knieën van je kind moeten hoger komen dan zijn heupen (kikkerhouding).
  • Hoe jonger de baby is, hoe dichter de beentjes bij elkaar moeten blijven. Hoe ouder je kind is, hoe meer hij zijn beentjes kan spreiden en om je heen kan ‘vouwen’.
  • Hoogte: als je je kind op je buik draagt, moet zijn hoofd net onder je kin komen. Je moet je kind makkelijk een zoen op zijn hoofd kunnen geven.

Zo mag je niet dragen

Er zijn een aantal manieren waarop je je kind niet mag dragen, omdat ze onveilig zijn. Dit zijn ze:

  • Draag je je baby op je buik? Dan is het niet veilig om je kind met zijn rug tegen jouw buik te dragen, zodat je kind naar voren kan kijken. Deze manier van dragen zou niet goed zijn voor de heupen en rug van je kind. Bovendien levert het naar voren kijken veel prikkels op voor je kind.
  • Het is onveilig je kind horizontaal te dragen. Je kind ligt dan met zijn gezicht in de doek, waarbij de kans bestaat dat hij in ademnood komt als de kin richting de borst gaat. In Amerika en Canada zijn bepaalde typen draagdoeken waarbij het kind horizontaal wordt gedragen sinds een paar jaar verboden. De reden was dat er baby’s overleden door verstikking.
  • Volgens het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid is het onveilig om je kind in een draagdoek te dragen als hij slaapt. Door warmtestuwing en zuurstoftekort is er een verhoogd risico op wiegendood. Valt je kind toch in slaap, dan kun je hem het best in bed leggen. Als je buiten loopt kan dat natuurlijk niet, maar zorg dan dat je altijd het gezicht van je baby kunt zien.

Bron: Vereniging van Draagdoekconsulenten