Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 

Alleen op pad met een tweeling: 7 onmisbare tips

Ze rennen weg, luisteren niet en zitten o-ver-al aan: alleen met een dreumes- of peutertweeling op pad gaan kan een flinke uitdaging zijn weet Marieke uit eigen ervaring. Met vallen en opstaan heeft ze geleerd wat wel en niet werkt. Ook ouder van een tweeling? Doe er je voordeel mee!

Als je het mij vraagt is de allergrootste uitdaging om alleen met je tweeling op stap te gaan. Want wat doe je als ze allebei een andere kant op rennen? Weigeren mee naar huis te gaan? Of samen de hele boel op stelten zetten? Twee voorbeelden ter illustratie waarbij de moed me behoorlijk in de schoenen zakte:

Advertentie

1. Je belooft ze sap en eenmaal aangekomen bij het café blijkt deze nog niet open te zijn. Dus vallen ze allebei krijsend op de grond en weigeren ze mee te gaan. Ze zijn te groot en druk om ze allebei op te tillen. En ze laten liggen en weglopen in de hoop dat ze je volgen is ook geen optie. Er loopt immers een drukke weg langs. Wat doe je?

2. Je tilt nummer één van de fiets en maakt je klaar om nummer twee uit het fietszitje te tillen. Nummer één ziet echter zijn kans schoon en rent heel hard weg. Over straat. Langs een kanaal. Grappig joh! Ren je als een gek achter nummer één aan en vertrouw je erop dat nummer twee stil op de fiets blijft zitten zodat deze niet omvalt? Of verspil je tijd door nummer twee uit het zitje te halen en met hem in je armen achter nummer één aan te rennen?

Zo overleef je een dwarse peuter

7 handige tips

Met vallen en opstaan heb ik ondertussen geleerd hoe je het beste in je eentje dingen kunt ondernemen met je dreumes- en peutertweeling. Hier zeven tips waar jij misschien ook iets aan hebt.

    1. Koop een goede wandelwagen
      Sinds een paar weken (ze zijn nu ruim 2,5 jaar) durf ik eindelijk een klein blokje om met de tweeling zonder wandelwagen. Eerder was dat echt een no-go. Ze renden de straat op, liepen alle voortuinen in of wilden allebei tegelijk gedragen worden. Alle wandelingen waren daarom mét kinderwagen. Wel zo fijn als je er een hebt die lekker loopt en waar ze prettig in zitten.
    2. Leg een buggy in je auto
      Er ligt standaard een buggy achterin de auto. Het stukje parkeerplaats-ingang binnenspeeltuin is namelijk verder dan je denkt met een tweeling. Ook ideaal aan een buggy: je kunt ze erin vastzetten. Ik heb ook weleens geprobeerd om een rondje dierentuin te doen met de bolderkar, maar daar klimmen ze gewoon uit.
    3. Neem een abonnement op de dierentuin
      Al vanaf dat ze heel klein zijn, hebben wij een abonnement op Beekse Bergen. Als ze dieren kunnen kijken, vinden ze het geen probleem om twee uur in de buggy te zitten. Vooral de eerste twee jaar hebben daar heel wat gezellige uren met z’n drieën doorgebracht. Check hier de leukste dierentuinen van Nederland. 
    4. Zoek naar afgesloten speeltuinen
      Een speeltuin zonder omheining? Niet doen. Je bent alleen maar panisch achter je kinderen aan het aanrennen. Dus google ik eerst iedere speeltuin op een goed hekwerk. Binnenspeeltuinen zijn wat dat betreft ideaal, zeker ’s ochtends als het nog niet druk is. Als je ze één seconde uit het oog verliest, hoef je in ieder geval niet bang te zijn dat ze ver weg zijn of onder een auto liggen.
  1. Stop altijd ‘lifesavers’ in je tas
    Snoepjes, koekjes, rijstwafels: er zit altijd wel iets in mijn tas waarmee ik ze kan paaien. Niet heel pedagogisch verantwoord, maar het zorgt er wel voor dat ik makkelijker met ze de deur uit ga. Overtuig twee peuters maar ééns dat het tijd is om naar huis te gaan, als ze de tijd van hun leven hebben in het bos. Het vooruitzicht van een snoepje in de auto scheelt alle partijen een hoop stress.
  2. Het bos werkt altijd
    Stokken zoeken, dennenappels verzamelen of boomstam springen. Mijn jongens vinden het bos te gek. Nog een groot voordeel: er zijn geen auto’s/scooters/vrachtwagens, dus kun je ze met een gerust hart een paar meter voor je uit laten rennen.
  3. Maak het jezelf vooral niet moeilijk
    Ik heb me op een hete zomerdag nog weleens laten verleiden om alleen met de jongens naar een klein strandje in de buurt te gaan. Dat. Nooit. Meer! Ik was alleen maar druk met spullen slepen, kinderen insmeren, zwemluiers verwisselen en panisch achter twee enthousiaste waterratten aanrennen. En verwacht ook niet dat een speelhoek en glas chocomelk voldoende is om jou lekker rustig een kop koffie buiten de deur te laten drinken. Zoutpotjes en waxinelichtjes van tafel plukken, rennen achter de bar of een kijkje nemen in de keuken: alles is leuker dan op een stoel blijven zitten. Dit soort dingen doe ik nu heel bewust niet meer.

Marieke Ordelmans

Marieke Ordelmans (1986) woont samen met vriend Faysal en zoontjes Lewis en James (2) in Tilburg. In de weekenden komt ook Faysal’s dochter Aysha (10) op bezoek. Marieke werkt freelance in de media en schrijft regelmatig over het ‘managen’ van een samengesteld gezin en peutertweeling.