Tweetalig opvoeden

Tweetalig opvoeden

Welke taal spreek je thuis? En raakt je kind niet in de war van al die verschillende talen als jij en je partner allebei een andere taal spreken?

Kind tweetalig opvoeden

Volgens deskundige Maaike Verrips is er niets mis mee om een kind tweetalig groot te brengen. Je kind krijgt de kans om accentloos een andere taal te leren spreken en de mogelijkheid om met buitenlandse familieleden te praten. Via de taal leert jullie kind bovendien andere culturen kennen.

Om een tweetalige opvoeding te laten slagen, is het belangrijk dat je zorgt voor voldoende aanbod in beide talen. Je zou thuis een andere taal kunnen spreken, een boekje in die andere taal aan jullie kind voor kunnen lezen, samen buitenlandse dvd’s te kijken en buitenlandse spelletjes te doen. Kortom, zorg dat de andere taal een vast onderdeel van jullie huishouden wordt.

2-3 jaar: prachtige verzinsels

Gedurende dit jaar voegen kinderen de werkwoordsvervoegingen aan hun taalrepertoire toe. In plaats van ‘slapen’, ‘eten’ en ‘spelen’, zul je nu dingen horen als ‘beer slaapt’, ‘ik heb al geeet’, en ‘met mamma brood gekoopt’. Dit is misschien wel de leukste fase in de taalontwikkeling.

In hoog tempo en met enorme creativiteit, gaan de meeste kinderen nu nieuwe woorden bedenken. Een computer is een ‘pajoeter’, ‘puba’ volstaat voor prullenbak en een rollade gaat voortaan door het leven als ‘breivlees’. Tweetalige kinderen doen nu prachtige vondsten als ‘lekkerlicious’ (lekker en ‘delicious’), ik ‘vries’ (‘I am freezing’) of ‘mooiest’ (mooiste en ‘prettiest’).

3-4 jaar: verstaanbaar

Zo langzamerhand begint je kind nu echt Nederlands te spreken. Het is nog lang niet foutloos, onregelmatige werkwoorden, meervouden en ingewikkelde woorden blijven lastig, maar er komen wel hele zinnen uit (‘Na de vakantie ga ik naar de grote school!’).

Hoewel er kinderen zijn die in groep 1 nog behoorlijk onverstaanbaar spreken, zullen de meeste kinderen nu – ook voor anderen – goed te begrijpen zijn. Voor tweetalige kinderen kan het op school even wennen zijn. Hun klasgenootjes kunnen bijvoorbeeld raar opkijken, als ze, behalve Nederlandse, ook Spaanse en Arabische woorden gebruiken om uit te leggen wat ze precies bedoelen.

Als ouders kun je je kind het beste uitleggen dat op school alleen Nederlands gesproken wordt en thuis bijvoorbeeld Duits of Berbers. Kinderen zullen zich over het algemeen snel aanpassen en op school zonder problemen Nederlands spreken. Er is immers niets zo vervelend als niet begrepen te worden.

LEES OOK: Tweetalig onderwijs