huiswerk-maken

Huiswerk maken: 10 tips

Kinderen krijgen steeds jonger huiswerk mee van school. Soms al vanaf groep 5. Hoe zorg je dat jij niet elke keer naast hem hoeft te gaan zitten, maar dat hij het langzaamaan zelf goed leert doen?

Het leuk houden

Als je van je kind verlangt dat hij zijn huiswerk op tijd maakt, is het handig om daar afspraken over te maken. Lees hem niet de les, maar leg uit dat afspraken nodig zijn om het voor jullie allebei leuk te houden. Neem het huiswerk niet van hem over, maar plan het samen met hem en zorg dat híj het zoveel mogelijk uitvoert.

Huiswerk maken: 10 tips

  1. Laat je kind zijn mobiele telefoon of jullie tablet in een andere kamer leggen en op zacht zetten. Dat helpt hem zich beter te concentreren, want hij heeft geen mogelijkheid om te whatsappen, googelen of gamen.
  2. Zorg dat je kind in een omgeving zit waar hij zich prettig voelt en niet snel afgeleid wordt. Dat kan bijvoorbeeld op zijn eigen kamer zijn of in een stil hoekje van de woonkamer. Creëer routine door hem zo vaak mogelijk op dezelfde plek zijn huiswerk te laten maken.
  3. Ga met je kind zitten voordat hij begint. Wat moet hij allemaal doen? Hoeveel dagen heeft hij daarvoor? Deel het huiswerk op in hapklare brokken en maak er een lijstje van.
  4. Wees duidelijk over wat je verwacht van je kind en leg hem dat in twee zinnen uit. Hoe langer je verhaal, des te groter de kans dat hij je niet meer volgt.
  5. Laat je kind zo nodig samenvatten wat jullie hebben afgesproken. Doe dat alleen als je het idee hebt dat wat je zegt misschien niet helemaal is overgekomen.
  6. Observeer je kind tijdens het huiswerk maken, zonder dat hij zich gecontroleerd voelt. Zo ontdek je waar hij behoefte aan heeft. Misschien moet hij na twintig minuten wel even door de kamer rennen of iets drinken en uit het raam staren.
  7. Maak je kind duidelijk dat hij altijd bij je terecht kan met vragen over de lesstof. Laat hem ook eens aan jou uitleggen wat hij zojuist heeft geleerd of geoefend. Dit is een manier om je interesse te tonen en het is nog leuk ook.
  8. Benoem het goede, wees positief en geef je kind complimentjes.
  9. Als de sfeer rondom huiswerk maken ontspannen is en je maakt af en toe een grapje, is het gezelliger in huis. Benader het huiswerk positief in plaats van het een negatieve naam of bijklank te geven.
  10. Help je je kind, doe dat dan met volle aandacht en niet half op je mobiel kijkend.