Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 

Je peuter voorlezen: zo doe je dat!

Samen met je kind op de bank een verhaal lezen en plaatjes bekijken: voorlezen is goed voor het contact tussen ouder en kind, voorlezen is ook belangrijk voor de taalontwikkeling en voorlezen stimuleert de fantasie van je kind. Hier vind je handige tips om het voorlezen aan je peuter nog leuker te maken.

Voorlezen aan je peuter

Voorlezen is gezellig en speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van je kind. Het vergroot de woordenschat en je kind leert hoe een zin is opgebouwd, maar verhaaltjes raken vaak ook aan zijn eigen ervaringen en hij kan zijn fantasie erbij gebruiken. Peuters vinden het fijn om in boekjes herkenbare situaties tegen te komen. Dat geeft houvast, bijvoorbeeld als het verhaaltje gaat over een kind dat ook bang is in het donker. Of als een simpele en dagelijks voorkomende activiteit wordt besproken, zoals tandenpoetsen voor het slapengaan.

Advertentie

Nog ruimte over op de boekenplank? Hier vind je geweldige voorleesboeken voor peuters

Voorlezen is in elke ontwikkelingsfase belangrijk. Kinderen leren woorden en maken kennis met de wereld om hen heen. Maar voorlezen is ook een moment van rust en aandacht. Ook kun je aan de hand van het verhaal en de vragen die je stelt ontdekken wat je kind bezighoudt. Daar kun jij weer mooi op inspelen door peuterboeken te zoeken die daarover gaan.

Wat begrijpt je kind?

Je kind begrijpt inmiddels meer dan losse woordjes, dus kun je korte verhaaltjes voor peuters voorlezen. In deze voorleesfase zorgen vooral plaatjes ervoor dat hij de taal begrijpt. Kinderen maken tussen het tweede en derde levensjaar een sprongetje. Van praten met twee woorden gaan ze naar wat langere zinnen, misschien al wel van vier of meer woorden.

Meer lezen: Wanneer is je kind klaar voor groep 3?

Wanneer voorlezen?

Vind je het lastig om een geschikt moment uit te kiezen voor het voorlezen met je peuter? Of om het in te passen in jullie dagelijkse gewoontes? Probeer deze tips dan eens:

  • Je kind moet leren begrijpen wat ‘lezen’ inhoudt. Door de voorleessessie steeds op dezelfde manier te beginnen (‘Zullen we samen een boekje lezen?)’, weet je kind wat er gaat komen. Of laat elke keer als je begint met voorlezen dezelfde knuffel of handpop zien. Dan weet je kind: ‘Ha, we gaan fijn samen een boekje bekijken.’
  • Lees hetzelfde boekje vaker voor. Dat geeft je kind houvast en herkenning. Vol trots zal hij al gauw meedoen, en bijvoorbeeld al gaan ‘blaffen’ voordat je kunt vragen: ‘Wat doet het hondje?’ Kinderen leren van herhaling, bij alles wat ze doen. En krijgen ze er genoeg van? Dan merk je dat snel genoeg.
  • Maak van de voorleesmomenten een vaste gewoonte. Kies daarvoor de tijd die jou en je kind goed uitkomt: lekker rustig ’s morgens vroeg, ’s middags samen op de bank of voor het slapengaan. Als jullie telkens op hetzelfde moment van de dag samen een boek bekijken, wordt voorlezen bij je peuter een routine. Veel kinderen kunnen ook steeds langer hun aandacht bij het verhaal houden.

8 leuke en leerzame boeken:

Interactief voorlezen

Als je kind zo’n drie jaar is, kun je samen praten over het verhaal, ook wel interactief voorlezen genoemd. Stop eens midden in het verhaal met voorlezen en vraag je kind hoe hij denkt dat het verhaaltje verdergaat. Ga de interactie aan! Je kind zal je tijdens het voorlezen vast onderbreken met vragen. Ga daar vooral op in, maar pak het verhaal daarna ook weer op. Stelt hij geen vragen? Dan kun jij dat tussentijds doen. Stel je kind bijvoorbeeld een vraag over wat er te zien is; ook al kan je kind nog niet praten, vaak snapt hij een eenvoudige vraag wel (‘Zie jij het hondje? Wat zegt het hondje?’). Of kijk samen met je kind naar de kaft en bedenk waar het boek over zou kunnen gaan. Bij stillere kinderen die soms dichtklappen bij het horen van veel vragen, kan het helpen dat je zelf benoemt wat je op de plaatjes ziet. Je kunt tegelijk een link leggen met een herkenbare gebeurtenis. Dat gaat bijvoorbeeld zo: ‘Oh ik zie daar een hond. Die hond lijkt wel op Boris, van oma. Weet je nog? Boris likte je in je gezicht, zo blij was hij!’

Lees ook: Moet je blijven oefenen met lezen tijdens schoolvakanties?

Fantasie of een stukje voorlezen

Van peuter naar kleuter neemt de behoefte toe om over de grens van het bekende te gaan. Tijd voor fantasie. Stimuleer je kind te fantaseren over het verhaal en er een mooie wending voor te bedenken. Hou je kind tijdens het voorlezen in de gaten. Verslapt zijn aandacht? Of vindt hij het verhaal een beetje eng? Pas dan je intonatie aan of ga voor een gedeelte van de tekst, een stukje voorlezen van de gehele tekst is vaak al voldoende. Heeft jouw kind juist behoefte aan meer spanning? Dan kun je met je stem het verhaal nog spannender maken, maar vaak is een stukje voorlezen al voldoende.

Leestip: Hieraan herken je geschikte apps voor kinderen

Je peuter voorlezen: tips

Hier een aantal voorleestips op een rij.

  1. Praat eerst met je kind over de voorkant van het boek en bedenk samen waar het verhaal over zal gaan. Stel een vraag over de illustratie. Zo komen jullie in de voorleesstemming. Je kind wordt nieuwsgierig naar het boek.
  2. De eerste zin, daar win je veel mee. Lees die niet achteloos voor, want die eerste woorden zetten de toon. Hier gaat iets spannends verteld worden, iets machtig interessants. Iets wat we niet moeten missen. Ja, kruip nog maar wat dichter tegen me aan, want het is sen-sa-tioneel. Moet je horen…
  3. Herhaling. Herhaling. Kinderen vinden het prachtig dat ze weten wat er komt. Lees om die reden peuterboeken gerust steeds opnieuw.
  4. Hoe jonger het kind is, hoe korter de verhaaltjes. Kies daarom korte verhaaltjes voor peuters. Plaatjes kijken is minstens zo leuk, en vaak is in het begin een regel per bladzijde al genoeg.
  5. Emoties laat je zien met je ogen. Boosheid, verdriet of plezier. Moeheid, verwarring of verbazing. Met je uitdrukkingen geef je het verhaal non-verbale kracht en als je ze aanpast aan wat je vertelt, gaat het nog meer leven voor je kind. Zorg dus dat jullie elkaars gezicht goed kunnen zien tijdens het voorlezen.
  6. Vraag je kind of hij zelf weleens zoiets heeft meegemaakt, gehoord of gezien. En wat er toen gebeurde. Stel open vragen, zodat je kind wordt aangemoedigd om te vertellen.
  7. Ook met gebaren en je stem kun je het verhaal kracht bijzetten. Er zijn zes ‘spreekvarianten’: luid, zacht, hoog, laag, snel en langzaam. Speel daarmee om het voorleesmoment nog aantrekkelijker te maken.
  8. Vanaf de peutertijd ontwikkelt de fantasie van je kind zich. Samen een verhaal bedenken stimuleert die fantasie. Je kunt beginnen met bedenken hoe het verhaal afloopt. Dus op de helft of twee derde van het boek vraag je: hoe loopt het af?
  9. Klap niet na de laatste zin het boek dicht met een: ‘Zo, en nu naar bed’. Dan haal je je kind in één keer ruw uit het verhaal. Neem dus tijd voor het einde, zodat je kind zelf rustig uit het verhaal stapt.

Voor meer tips over boeken en voorlezen, kijk je op Boekstart.nl.

Dit artikel is tot stand gekomen en goedgekeurd door artsen en andere (medische) deskundigen van het Ouders van Nu expertteam.

Kinderboeken peuters top 10:

Jente Timmer

Logopedist

Jente behandelt als logopedist kinderen met spraak- en taalproblemen. De taal- en communicatieve ontwikkeling van jonge kinderen boeit haar mateloos en is daarom haar gebied van expertise. Als eigenaar van Meertaalpraktijk geeft Jente daarnaast workshops over (meer)talig opvoeden en thuis brengt ze de meertalige opvoeding in de praktijk bij haar twee kinderen.