peuterspeelzaal

Naar de peuterspeelzaal, wat kun je verwachten?

Als je kind 2 jaar is geworden, mag hij naar de peuterspeelzaal. De eerste keer kan het best even spannend zijn, maar de meeste kinderen vinden het al snel ontzettend leuk. Het is ook nog eens erg leerzaam én het is een goede opstap naar de basisschool. Wat wordt er allemaal gedaan op een peuterspeelzaal? En wat zijn de kosten?

Wat is een peuterspeelzaal?

Een peuterspeelzaal of peuterschool is een soort schooltje voor peuters van 2 tot 4 jaar oud. Het wordt ook weleens ‘voorschool’ genoemd, omdat het een goede voorbereiding is op de basisschool. Je kind hoeft op een peuterspeelzaal geen schoolwerk te doen, maar leert er spelenderwijs onder begeleiding van twee gediplomeerde pedagogische medewerkers. In een groep van maximaal 16 kinderen leren de peuters om samen te spelen, te delen en om te gaan met andere leeftijdsgenoten. Kinderen gaan – zeker in het begin – vaak maar halve dagen naar een peuterspeelzaal, twee ochtendjes in de week bijvoorbeeld.

Advertentie

Tegenwoordig wordt er gesproken van peuteropvang, in plaats van peuterspeelzalen. Officieel bestaan peuterspeelzalen namelijk niet meer sinds 1 januari 2018. Sindsdien vallen ze onder de reguliere kinderopvang. Alle kwaliteitseisen die gelden voor kinderdagverblijven, gelden nu ook voor peuterspeelzalen. Eén van die eisen is dat een peuteropvang niet meer alleen met vrijwilligers mag werken, maar dat er altijd twee pedagogisch opgeleide leidsters aanwezig moeten zijn op een groep van zestien kinderen.

Ondanks dat peuterspeelzalen officieel niet meer bestaan, noemen veel organisaties hun peuteropvang in de praktijk nog wel gewoon ‘peuterspeelzaal’. Andere organisaties spreken van dagopvang, waarbij je ook halve dagen kunt kiezen.

Waarom naar de peuteropvang?

Er zijn verschillende redenen om je kind naar een peuterspeelzaal te brengen, zoals:

  • Het is goed voor de taalontwikkeling, motorische ontwikkeling, en de cognitieve en sociale vaardigheden van je kind.
  • Je kind went aan het omgaan met leeftijdsgenootjes, een juf en regels in een klas.
  • Het maakt de stap naar de basisschool minder groot als je kind al op een peuterspeelzaal heeft gezeten.
  • Voor kinderen die niet naar een kinderdagverblijf of gastouder gaan, is dit vaak de eerste plek waar zij geconfronteerd worden met een grote groep leeftijdgenootjes.
  • Misschien heb je thuis te weinig speelruimte of wonen er geen speelkameraadjes in de buurt.
  • Het kan ook gewoon lekker zijn om een paar uur voor jezelf te hebben.

Vanaf welke leeftijd?

Het verschilt per gemeente vanaf welke leeftijd je kind welkom is op de peuterspeelzaal. Maar meestal is dat vanaf 2 tot 2,5 jaar totdat ze 4 jaar zijn. Na z’n vierde verjaardag mag je kind naar de basisschool. Vind je zelf dat je kind van 2,5 er nog niet aan toe is, dan kun je gewoon nog een paar maanden wachten. In principe geldt dat als je peuter belangstelling heeft voor andere kinderen, hij in staat is om een dagdeel (ochtend of middag) naar de peuterspeelzaal te kunnen.

Hoe vaak per week?

Om te wennen beginnen kinderen vaak met twee dagdelen in de week, oftewel; twee ochtenden of twee middagen. Tegen de tijd dat je kind bijna 4 jaar is, is het raadzaam om het op te bouwen tot hele dagen. Zo wennen kinderen alvast enigszins aan het ritme van school.

Overigens bieden niet alle peuterspeelzalen de optie om je kind hele dagen te brengen. Sommige peuterscholen zijn open tot lunchtijd en ’s middags gesloten. Dat verschilt per organisatie, dus controleer of de openingstijden van de peuterspeelzaal van jouw keuze goed uitkomen met jouw wensen. Nog iets om rekening mee te houden: in de schoolvakanties en tijdens de feestdagen zijn de meeste peuterspeelzalen gesloten.

Lees ook: Wat moet je kind al kunnen voor de basisschool?

Kinderopvang versus peuterspeelzaal

Of je kiest voor peuteropvang op een kinderdagverblijf, hangt vooral af van hoeveel dagen en uren jullie je kind ernaartoe willen brengen.

De peuterspeelzaal is niet precies hetzelfde als een kinderdagverblijf, al valt het sinds 2018 op papier allemaal onder dezelfde noemer van kinderopvang. Een peuterspeelzaal is in principe niet als een opvang bedoeld, maar meer als voorschool. De ontwikkeling van het kind staat er centraal. Maar eigenlijk is er vrijwel geen verschil meer in wat je kind leert en doet op een peuterspeelzaal of op een kinderdagverblijf. Er gelden tegenwoordig namelijk precies dezelfde wettelijke kwaliteitseisen voor beide instellingen. Op kinderdagverblijven wordt ook gewerkt volgens een pedagogische beleidsplan en met een vast dagritme. En ook daar wordt de ontwikkeling van alle kinderen gestimuleerd en gevolgd.

Het verschil zit ‘m dus vooral in hoe lang je kind aanwezig is op de peuteropvang. Op een peuterspeelzaal is je kind maar een paar uurtjes; een ochtend of een middag. Daarna haal je ‘m weer op. Vaak gaat het om twee dagdelen in de week. Een kinderdagverblijf is vooral bedoeld om kinderen op te vangen waarvan de ouders overdag werken of studeren. Je peuter kan hier dan ook de hele dag naartoe, er wordt ontbeten, geluncht en ’s avonds gegeten met de kinderen die pas later kunnen worden opgehaald.

Voor ouders die overdag werken, is de peuterspeelzaal dus meestal lastiger te combineren. Omdat de peuterspeelzaal in de schoolvakanties en tijdens de feestdagen gesloten is, zul je op die dagen voor alternatieve opvang moeten zorgen. Iets om rekening mee te houden als je je oriënteert op de mogelijkheden van kinderopvang.

Tips: zo kies je een geschikte opvang voor je kind.

Wat wordt er op de peuterspeelzaal gedaan?

De meeste kinderen vinden het erg leuk om een ochtend naar de peuterspeelzaal te gaan. Niet alleen omdat ze dan lekker met leeftijdsgenootjes kunnen spelen, maar ook omdat er een heleboel ander speelgoed is dan dat ze thuis hebben. Maar een peuterspeelzaal is niet alleen leuk, het is ook leerzaam.

Op de peuterspeelzaal ligt de nadruk weliswaar op het spelen met andere kinderen, maar tegenwoordig zijn veel peuterspeelzalen tevens voorscholen. De ontwikkeling van taal en motoriek van het kind staat daar centraal. Door middel van kinderliedjes zingen, creatieve activiteiten en handvaardigheid (knutselen, verven, kleien, tekenen), buiten spelen, puzzelen en samen boekjes lezen, wordt de ontwikkeling van de taal en motoriek op een speelse manier gestimuleerd.

Op een peuterspeelzaal wordt gewerkt volgens een vast dagritme en volgens een pedagogisch beleidsplan. Dat plan is vaak op de website van de peuterspeelzaal van je keuze te vinden of je kunt het opvragen. Het pedagogisch beleidsplan verschilt per opvang. Vaak houdt het in dat er met thema’s gewerkt wordt (net als op basisscholen), denk aan jaargetijden en feestdagen. Er wordt bij binnenkomst bijvoorbeeld ook in de kring gepraat en gezongen. Halverwege het dagdeel gaan de peuters samen aan tafel om fruit te eten.

Wat leert je kind op de peuterspeelzaal?

Emotionele en sociale vaardigheden, cognitieve vaardigheden, de motorische ontwikkeling en taalontwikkeling: het komt allemaal aan bod op een peuterspeelzaal. Hij komt in situaties terecht die hij thuis niet zo snel zal ervaren. Hij leert er onder andere:

  • samenwerken met andere kindjes
  • elkaar troosten
  • netjes op zijn beurt wachten
  • samen spelen
  • eerlijk delen
  • ruzie oplossen
  • voor zichzelf opkomen
  • iets vertellen in een kringgesprek
  • langere tijd zonder vader en moeder te zijn

Bovendien gaat hij het normaal vinden om kleine opdrachten uit te voeren, regels spelenderwijs na te leven en te luisteren naar een juf. Dat maakt de overgang naar de kleuterschool straks een stuk soepeler.

Voor- en vroegschoolse educatie

Op een peuterspeelzaal wordt vaak voor- en vroegschoolse educatie (VVE) aangeboden. Dit is een programma dat erop gericht is om onderwijs- of ontwikkelingsachterstand bij jonge kinderen te verminderen, zodat ze een betere start kunnen maken op de basisschool. Het is bijvoorbeeld bedoeld voor kinderen met een taalachterstand, omdat er thuis geen Nederlands wordt gesproken. Maar het geldt ook voor peuters die op een ander gebied een beetje achter blijven.

Het programma richt zich op:

  • Taalontwikkeling: woordenschat opdoen en het stimuleren van boekjes lezen.
  • Beginnende rekenvaardigheid: leren tellen en meten.
  • Motorische ontwikkeling: stimuleren van de grove en fijne motoriek.
  • Sociaal-emotionele ontwikkeling: stimuleren van zelfstandigheid, zelfvertrouwen en samen spelen.

Als de pedagogische medewerkers van een peuterspeelzaal merken dat jouw kind een beetje achterblijft op één van deze vlakken, zullen ze dat met jou bespreken. Vervolgens kunnen ze je kind extra hulp en aandacht geven om de ontwikkeling op dat gebied te stimuleren.
Voorschoolse educatie wordt gesubsidieerd door de gemeente. Die bepaald ook de invulling ervan, daarom kan het per gemeente verschillen hoe het programma er precies uitziet.

Lees ook: Woordenschat peuter, kent jou kind deze woorden al?

vroegschoolse-educatie

Eerste keer naar de peuterspeelzaal

De eerste keren dat je je kind naar de peuterspeelzaal brengt, gaat het om wenochtenden. Het verschilt per locatie hoe dit wordt aangepakt. Op sommige peuterspeelzalen mag er de eerste keren een ouder bijblijven op de wenochtend. Op anderen blijf je er niet bij, maar gaat je kind de eerste keer maar één of twee uur.

Zo wordt het langzaam opgebouwd tot je kind in zijn eentje een hele ochtend (of middag) kan blijven. Sommige kinderen vinden het de eerste keren moeilijk en huilen dikke tranen als jij weggaat. Dat is heel normaal. Voor je peuter is het wennen om dingen zelfstandig te doen. Meestal zijn de tranen snel weer gedroogd als hij betrokken wordt bij het kringgesprek of een spelletje. Maar het is ook helemaal niet gek als jij het in het begin nog spannender vindt dan je kind om hem alleen achter te laten. Sommige kinderen gaan zo op in al het nieuwe speelgoed om hen heen, dat ze niet eens in de gaten hebben dat jij weggaat.

Kinderopvangtoeslag voor peuterspeelzaal

Aan een peuterspeelzaal zijn kosten verbonden, net zoals aan elke andere vorm van kinderopvang. Vroeger betaalde je die kosten helemaal zelf, maar sinds 1 januari 2018 heb je recht op kinderopvangtoeslag als zowel jij als je partner werken en je gebruik maakt van een peuterspeelzaal. Hoeveel toeslag je kunt krijgen, hangt af van je inkomen en hoeveel uur jullie werken. Als één van de ouders niet werkt, kun je bij veel gemeenten een tegemoetkoming krijgen.

De kinderopvangtoeslag kun je aanvragen bij de Belastingdienst. Hoe het geregeld is met de tegemoetkoming van de gemeente, verschilt per gemeente. Dit kun je dus het beste navragen bij jouw gemeente.

Lees hier aan welke voorwaarden je moet voldoen om in 2019 in aanmerking te komen voor kinderopvangtoeslag.