Taalontwikkeling stimuleren

Taalontwikkeling van je baby: zo stimuleer je dat

De taalontwikkeling van baby’s begint op het moment dat ze kunnen horen, dus al in de buik. Bij elk kind verloopt de taalontwikkeling in een ander tempo. Wel kun je de taalontwikkeling van je kind al vanaf het eerste moment stimuleren.

Taalontwikkeling

Taalontwikkeling is meer dan leren praten. Het is ook het herkennen van woorden en zinnen, oftewel het leren begrijpen van taal. De taalontwikkeling verloopt bij elk kind volgens min of meer vaste stappen. Het tempo waarin een kind deze stappen maakt verschilt. Sommige kinderen praten rond hun eerste verjaardag al de oren van je hoofd, terwijl andere kinderen pas rond hun tweede verjaardag de eerste woordjes zeggen. Daarnaast kunnen kinderen een tijdje stil lijken te staan in de taalontwikkeling en dan ineens een ‘sprintje’ maken. Dit is allemaal normaal. Gaat je kind achteruit in zijn taalontwikkeling, dan is dat wel een reden om naar de huisarts of het consultatiebureau te gaan.

Verloop taalontwikkeling baby

Een pasgeboren baby heeft al een beetje taalgevoel. De taalontwikkeling begint in de baarmoeder, in het laatste trimester van de zwangerschap. Al dobberend in het vruchtwater luistert je baby naar jouw stem en leert hij iets over de klanken van zijn moedertaal. Na de geboorte maakt deze ontwikkeling een spurt.

Je kind krijgt ook al snel in de smiezen dat woorden ergens voor staan: het woord ‘poes’ hoort bij dat knorrende beest dat kopjes geeft. En als mama het over ‘badje’ heeft, mag hij in warm water poedelen. Vanaf zijn eerste levensjaar gaat hij die woorden ook benoemen en vanaf zijn tweede of zijn derde jaar krijgt hij interesse in rijmen. Als je kind begint te rijmen, is dat een teken dat hij al behoorlijk creatief met taal omgaat. Hij snapt dat woorden niet alleen een betekenis hebben, maar ook een bepaalde vorm waarmee je kunt spelen. Als je in plaats van de b in ‘bos’ een m zegt, krijg je ‘mos’; en hoe grappig klinken die woorden als je ze achter elkaar zet? Om van soep en poep maar niet te spreken.

In de buik

Vanaf de 21ste week van je zwangerschap kan je baby horen. Je baby vangt vanaf dit moment allerlei geluiden op. Zowel geluiden in jouw buik als erbuiten. Je baby heeft na de geboorte dan ook een voorkeur voor bekende geluiden, zoals de stem van zijn moeder.

Taalontwikkeling 0 – 1 jaar

In het eerste levensjaar van je baby gebeurt er ontzettend veel. Ook als het gaat om de taalontwikkeling. Deze bestaat het eerste jaar uit drie delen:

  1. Geluiden herkennen
    Zoals gezegd hebben baby ‘s na de geboorte vaak een voorkeur voor bekende geluiden, zoals de stem van hun moeder. In de eerste maanden leert je kind om onderscheid te maken tussen gesproken taal en andere geluiden (bijvoorbeeld het geluid van de stofzuiger).
  2. Geluiden maken
    In deze periode gaat je kind zelf geluid maken. Zo bereidt hij zich vast voor het praten later. Je kind zal allerlei geluidjes uitproberen: hard en zacht, lang en kort, pruttelen en blazen. De meeste kinderen beginnen te brabbelen als ze zo’n zes maanden oud zijn. Het begint met het maken van makkelijke klanken waarbij de mond open is (e en a) of dicht is (m en p). Vaak vinden kinderen het leuk om klanken te herhalen. Niet zo gek dus dat de eerste woordjes vaak ‘mama’ en ‘papa’ zijn.
  3. Communicatie
    Zegt een kind eenmaal de eerste woordjes, dan kan hij taal gebruiken om iets duidelijk te maken. Daarvoor doet je kind dit door het maken van geluid in combinatie met beweging. Bijvoorbeeld luidkeels klanken maken en wijzen naar speelgoed waar hij mee wilt spelen. Ook kan je kind door geluid aangeven dat hij iets niet wil: huilen of gillen als hij iets niet mag bijvoorbeeld.

Taalontwikkeling 1 – 2,5 jaar

In deze periode leert je kind steeds meer verschillende klanken te maken. Net zo lang tot hij het eerste woordje kan zeggen. Gemiddeld zeggen kinderen rond hun eerste verjaardag de eerste woordjes. Vaak is het eerste woordje ‘papa’ of ‘mama’ of iets anders dat favoriet is, zoals ‘bal’. Moeilijke woorden worden aangepast in klanken. De hond wordt bijvoorbeeld ‘wawa’ (waf) en de auto ‘broem’. Zo’n woord telt ook als eerste woordje en wordt een ‘eenonomatopee’ genoemd.

Al snel gaat je kind steeds meer woorden gebruiken. Een kind van achttien maanden gebruikt gemiddeld vijftig woordjes, en met twee jaar zijn het al gemiddeld tweehonderd woorden. Vervolgens gaat je kind woorden combineren tot korte twee-woords-zinnen, zoals ‘Jas aan’. Kinderen begrijpen op deze leeftijd meer woorden dan ze gebruiken. Kinderen van dertien maanden begrijpen gemiddeld vijftig woordjes, maar gebruiken er maar tien. Daarnaast gebruiken kinderen andere manieren om iets duidelijk te maken: bijvoorbeeld door dingen aan te wijzen of gebaren te maken.

Taalontwikkeling 2,5 – 5 jaar

Op deze leeftijd kan je kind steeds beter praten en dingen duidelijk maken door middel van taalgebruik. Hij kan ingewikkelde klanken steeds beter uitspreken en samengestelde klanken gebruiken, zoals sch/(ool). De ‘r’ is voor veel kinderen de meest lastige klank. Veel kinderen zeggen deze pas goed als ze rond de zes jaar zijn. De zinnetjes worden steeds langer: op driejarige leeftijd hebben zinnen gemiddeld 3,5 woorden per zin en op vierjarige leeftijd worden het gemiddeld 4,5 woorden per zin. Ook kent je kind de betekenis van steeds meer woorden (drie jaar: ongeveer duizend woorden, vijf jaar ongeveer drieduizend woorden).

Taalontwikkeling schoolkind

Als het goed is, kan je kind nu alles in de eigen taal uitspreken. Alleen de ‘sch’, ‘sf’, ‘sk’ en ‘r’’ blijven voor sommige kinderen lastig. Je kind kan op vijfjarige leeftijd ongeveer drieduizend woorden en op zesjarige leeftijd zo’n zes tot achtduizend woorden. De zinnen worden langer en complexer. In het vertellen van een verhaal worden steeds meer details gebruikt. Taal wordt nu ook op andere manieren gebruikt: je kind leert lezen en schrijven. Ook kan je kind ingewikkelder dingen in taal gebruiken en herkennen, zoals sarcasme en woordgrapjes.

Tips stimuleren taalontwikkeling

Er zijn verschillende dingen die je kunt doen om de taalontwikkeling van je kind te stimuleren:

  • Voorlezen. Zelfs een jonge baby kun je al voorlezen. Hij zal dit niet alleen leuk vinden, maar leert er ook allemaal woorden en klanken door kennen. Je kunt kortom niet vroeg genoeg beginnen met voorlezen.
  • Samen televisie kijken. Door samen met je kind een programma te kijken dat bij zijn leeftijd past en dingen die jullie zien te benoemen, leert je kind ook een heleboel.
  • Praten is communiceren. Daarbij hoort ook: oogcontact en geduld. Je kind moet leren dat je om de beurt praat. Anders hoor je niet wat de ander zegt.
  • Praat veel en vaak met je kind. Tijdens het eten, in de auto en bij het naar bed gaan. Ook als je kind nog niet echt kan praten, stimuleer je de taalontwikkeling op deze manier.
  • Vertelt je kind een verhaal? Neem dan de tijd om er rustig naar te luisteren. Ook al begrijp je er maar de helft van als hij nog niet (goed) kan praten. Laat je kind altijd uitpraten voordat je reageert. Help je kind zo nodig verder vertellen door iets te herhalen wat het heeft gezegd of door een vraag te stellen.
  • Praat je kind weinig? Stel dan niet te veel vragen. Je kunt beter iets vertellen wat jij zelf hebt meegemaakt. Daar kan je kind dan op reageren.
  • Kijk samen met je kind naar digitale boeken op de iPad of een andere tablet.
  • Er zijn veel computerspelletjes, websites en apps voor de taalontwikkeling. Zo oefent je kind spelenderwijs met taal.
  • Samen rijmen, rijmpjes en gedichten opzeggen en liedjes zingen is ook goed voor de taalontwikkeling. Samen liedjes of (gekke) versjes bedenken stimuleert de creativiteit en het taalgevoel.
  • Maak uitstapjes. Een nieuwe situatie leert je kind nieuwe woorden en zinnen.
  • Doe taalspelletjes en andere spelletjes. Een rollenspel is bijvoorbeeld heel goed voor de taalontwikkeling. Je kunt zelf met je kind spelen, maar ook als kinderen met elkaar een fantasiespel spelen, is dat heel goed voor hun taalontwikkeling.