slaaphouding baby

Slaaphouding van je baby

In de eerste maanden is het verstandig om je baby altijd op zijn rug te leggen. Waarom is dat de beste slaaphouding? En wat als jouw kind een buikslaper is?

Veiligste slaaphouding baby

De veiligste slaaphouding voor een baby is op zijn rug. Dan is de kans op wiegendood het kleinst. Aangeraden wordt daarom om je kind vanaf de geboorte altijd op zijn rug te laten slapen.

Advertentie

Lees ook: Dit is de reden dat je baby met z’n armen omhoog slaapt

Als je baby op zijn rug ligt, ligt zijn gezicht vrij waardoor hij goed kan ademen. Wanneer je hem op zijn buik legt, kunnen de mond en neus tegen het matras komen te liggen. Hierdoor kan de ademhaling belemmerd worden. Leg je baby ook niet op zijn zij te slapen. Baby’s die op hun zij liggen, rollen vrij makkelijk door naar hun buik. Van de rug naar buik omrollen is een stuk moeilijker, dat leren baby’s meestal pas vanaf een maand of drie.

Sommige ouders vinden het een eng idee om hun baby op de rug te laten slapen, zeker als hij ziek is. Ze zijn bang dat hij stikt in zijn eigen spuug of slijm. Maar er is geen enkel onderzoek bekend waaruit blijkt dat het risico daarop groter is bij rugligging dan bij zij- en buikligging. Baby’s draaien in principe automatisch hun hoofd opzij als ze moeten spugen.

Lees hier meer over de richtlijnen om je baby veilig te laten slapen.

Op buik slapen

Sinds 1987 wordt officieel afgeraden om je baby op zijn buik te laten slapen. Dat is niet voor niets. Sinds het advies luidt om baby’s op hun rug te laten slapen, is het aantal gevallen van wiegendood sterk afgenomen: van 193 overleden baby’s in 1985, naar 49 gevallen in 1995, tot minder dan tien gevallen in 2004. Natuurlijk zijn er meer risicofactoren die een rol spelen bij wiegendood, zoals meeroken en samen in één bed slapen. Maar uit onderzoek blijkt dat buikslapen daar los van staat en op zichzelf het risico op wiegendood vergroot.

Daar zijn een aantal redenen voor:

  • Als je kind met z’n neus en onderkaak tegen het matras ligt, vervormt z’n neus iets waardoor je baby moeilijker kan ademen. Daardoor kan hij ademnood krijgen.
  • Buikslapen vergroot het risico op rebreathing. De neus en mond kunnen tegen het matras liggen waardoor de uitgeademde lucht min of meer wordt vastgehouden en vervolgens weer wordt ingeademd. Daardoor krijgt je baby te weinig zuurstof binnen.
  • Ook warmtestuwing speelt een rol. Als je baby op z’n buik ligt, kan hij sneller oververhit raken dan in rugligging. Dit komt doordat baby’s op hun buik meer contact maken met het matras.
  • Op de buik is je baby een stuk beweeglijker, omdat hij zich met de benen of armen kan afzetten en verplaatsen. Kleinere baby’s bewegen vooral naar het hoofdeinde en oudere baby’s naar het voeteneinde, waardoor ze onder het beddengoed terecht kunnen komen.
  • Op de buik lijkt de wekbaarheid van baby’s te verminderen, waardoor ze minder snel wakker worden als er iets mis is.

Tip: deze 7 voorzorgsmaatregelen kunnen het risico op wiegendood verkleinen.

Toch een buikslaper?

Het is dus verstandig om je baby niet op zijn buik te laten slapen. Maar wat als jouw kind een echte buikslaper blijkt te zijn, die op zijn rug geen oog dichtdoet en op zijn buik als een roosje slaapt? In principe blijft het advies luiden om je baby niet op de buik te laten slapen. Maar als dit echt de enige optie is om je kind überhaupt te laten slapen, weeg dan de risico’s voor jezelf af en bespreek dit met het consultatiebureau. Laat je kind overdag goed oefenen met tummy time door hem regelmatig op zijn buik te leggen. Hoe eerder je kind sterk genoeg is om zijn hoofd op te tillen en zelf van buik naar rug te draaien, hoe eerder je hem veilig op zijn buik kunt laten slapen.

Vanaf het moment dat je kind goed zelfstandig kan omrollen en terugrollen, is buikslapen geen probleem meer. Dan kun je hem zelf zijn slaaphouding laten bepalen. Veel baby’s die kunnen omdraaien, kiezen voor een zij- of buikligging. Een houding die veel voorkomt: met de knietjes onder de buik, billen in de lucht. Dit is de foetushouding die je baby waarschijnlijk ook in de baarmoeder aannam. Veel baby’s vinden dat ook na de geboorte nog een heel prettige slaaphouding.

Lees ook: Waarom kun je een baby op zijn buik slapen?

Baby op zij slapen

Ook het slapen op de zij wordt afgeraden. Een baby kan vaak al na een paar weken van zijn zij naar zijn buik rollen en dan komt hij dus op zijn buik terecht. Dat vergroot weer het risico op wiegendood. Leg je baby ook de eerste weken niet op zijn zij te slapen, als hij nog niet kan rollen. Sommige baby’s rollen al vrij snel om, op een moment dat je het zelf nog niet verwacht.

Er bestaan speciale zijligkussens en stabilisatierolletjes waardoor een baby op zijn zij kan blijven liggen. De fabrikanten van deze kussens beweren dat je daarmee een scheef of afgeplat hoofdje kan voorkomen en dat het reflux tegengaat, maar daar is geen bewijs voor, meldt de Consumentenbond. Daarom wordt het gebruik van dit soort zijligkussen afgeraden. De kussens zijn niet veilig. Een kussentje in het bed van je baby – in welke vorm dan ook – vergroot het risico op wiegendood.

Lees ook: Zo creëer je een veilige slaapomgeving voor je baby

Tips om rugslapen te stimuleren

Een aantal tips om je baby te stimuleren om op zijn rug te slapen:

  1. Stop je baby strak in met het beddengoed, zodat hij stevig vastligt en weinig speling heeft om te bewegen of om te rollen.
  2. Leg je baby in een babyslaapzak. In een slaapzak gaat omrollen van de rug naar de buik lastiger. Je kunt hem daarnaast nog strak instoppen met een dun laken over zijn heup en benen.
  3. Komt je baby moeilijk in slaap op zijn rug? Probeer hem dan eens in te bakeren. Dit geeft extra geborgenheid en kan helpen om je baby rustiger te maken.
  4. Rolt je baby in zijn slaap zelf om van zijn rug naar zijn buik? Draai hem dan weer terug als je het opmerkt. Pas als je kind ook zelfstandig van zijn buik terug naar zijn rug kan rollen, kun je hem zelf zijn slaaphouding laten bepalen.

Voorkeurshouding bij slapen

Sommige baby’s ontwikkelen een voorkeurshouding als ze op hun rug liggen. Dit houdt in dat een baby meer dan 75 procent van de tijd met zijn hoofd dezelfde kant op ligt; of naar links, of naar rechts kijkend. Een voorkeurshouding komt heel vaak voor, bij ongeveer acht op de tien baby’s. Als een baby te lang en te vaak in een voorkeurshouding ligt, kan de vorm van de schedel vervormen. Zo kan er een scheef of afgeplat hoofdje ontstaan.

Probeer een voorkeurshouding bij je baby dus te voorkomen. Dit doe je door zijn hoofdje afwisselend naar links en naar rechts te leggen als je hem in bed legt. Heeft je kind al een voorkeurshouding? Probeer dat dan af te leren door het hoofdje weer naar de andere kant te draaien. Misschien ligt hij graag met zijn gezicht naar de raamkant, omdat daar licht vandaan komt. Draai dan de wieg eens om, zodat hij zijn hoofd zelf moet omdraaien om naar de raamkant te kijken.

Lees ook: Voorkeurshouding voorkomen en afleren, zo doe je dat