bmi kind

Is de BMI van mijn kind gezond?

Ook al is je kind nog zo jong, zijn gewicht in de gaten houden is nu al belangrijk. Want op jonge leeftijd leg je de basis voor een gezonde levensstijl en kan je kind met een gezond gewicht opgroeien. De BMI is een goede meetgraad om te weten of je kind te zwaar, te licht of precies goed is.

Wat is BMI?

De BMI (Body Mass Index) is een snelle en makkelijke methode om te bepalen of je kind een gezond gewicht heeft. Het is een index dat de verhouding tussen het lichaamsgewicht en de lichaamslengte weergeeft. De BMI en het vetpercentage geven vanaf dat je kind twee jaar is, een goede indicatie of hij een gezond gewicht heeft.

Gewicht tot twee jaar

Is je kind nog geen twee jaar, dan wordt het gewicht van je kind niet beoordeeld aan de hand van de BMI-meter. Het consultatiebureau checkt wel bij ieder bezoek de lengte en het gewicht van je baby. De arts of verpleegkundige kan zo beoordelen hoe het gewicht van je kind zich ontwikkelt en geeft indien nodig advies.

Vanaf twee jaar

Het consultatiebureau (en als je kind naar school gaat de jeugdarts) houdt het gewicht van je kind in de gaten. Wil je graag zelf nagaan of je kind een gezond gewicht heeft, dan kun je de Body Mass Index gebruiken. Dit kan vanaf dat je kind twee jaar oud is. De uitkomsten voor kinderen worden anders beoordeeld dan voor volwassenen. Ook zit er een verschil tussen jongens en meisjes.

BMI kind berekenen peuters en kleuters

De BMI geeft aan of het lichaamsgewicht in balans is met de lichaamslengte. Het gewicht wordt bij het berekenen gedeeld door de lengte in het kwadraat.

Bijvoorbeeld: Is je dochter 4 jaar, 106cm lang en weegt zij 17kg? Dan bereken je haar BMI zo: 17/ (106 x 106) = 15,1

Benieuwd of jouw kind een gezond gewicht heeft? Bereken dan zijn BMI en kijk in de tabel hieronder. Ligt de BMI-waarde tussen de aangegeven waarden dan heeft je kind een gezond gewicht. Zit hij eronder dan is hij aan de lichte kant en daarboven te zwaar.

BMI-index peuters en kleuters
Leeftijd (jongens) BMI (jongens) Leeftijd (meisjes) BMI (meisjes)
2 jaar 15 – 18,5 2 jaar 14,7 – 18
3 jaar 14,5 – 18 3 jaar 14,4 – 17,6
4 jaar 14,3 – 17,5 4 jaar 14 – 17,3
5 jaar 14 – 17,4 5 jaar 14 – 17,2
6 jaar 14, 17,5 6 jaar 13,9 – 17,3

Een gezond BMI

Wat is een gezond gewicht? Als je de BMI van je kind berekent en vergelijkt met bovenstaande tabel, dan krijg je een indicatie of het gewicht van je kind wel of niet gezond is. Het consultatiebureau, en als je kind naar school gaat de jeugdarts, houden dit ook goed in de gaten. Elk kind dat met zijn gewicht binnen de bovenste en onderste lijn van de groeigrafiek van het consultatiebureau valt heeft een gezond gewicht. Is je kind twee jaar of ouder, dan moet hij binnen de in de tabel aangegeven waardes vallen.

Eet je kind opeens meer dan anders, dan hoeven er in principe geen alarmbellen af te gaan. Het kan het zijn dat hij een groeispurt doormaakt. Of misschien zit hij in een onderzoeksfase waardoor hij extra actief is. Logisch dat hij dan wat meer eet. Zolang zijn BMI-waardes gezond zijn of hij volgens het consultatiebureau binnen de curve valt, is er niets aan de hand.

Een te laag BMI

Is het BMI van je kind te laag, maak dan een afspraak bij de huisarts of een kinderdiëtist. Want hoewel ondergewicht zelden zorgt voor groeivertraging of ontwikkelingsachterstand, is dit wel een risico. Ook zijn kinderen met ondergewicht vaak lusteloos, minder energiek en vatbaarder voor ziektes. In de tabel hieronder zie je of er bij de berekende BMI sprake is van (ernstig) ondergewicht.

Leeftijd (jongens) BMI bij ernstig ondergewicht BMI bij ondergewicht
2 jaar minder dan 13,36 13,37 – 15,13
3 jaar minder dan 13,09 13,10 – 14,73
4 jaar minder dan 12,86 12,87 – 14,20
5 jaar minder dan 12,66 12,67 – 14,20
6 jaar minder dan 12,50 12,51 – 14,06

 

Leeftijd (meisjes) BMI bij ernstig ondergewicht BMI bij ondergewicht
2 jaar minder dan 13,24 13,25 – 14,82
3 jaar minder dan 12,98 12,99 – 14,46
4 jaar minder dan 12,73 12,74 – 14,18
5 jaar minder dan 12,50 12,51 – 14,93
6 jaar minder dan 12,32 12,33 – 13,81

Een te hoog BMI

Is de BMI van je kind hoger dan de waardes in de tabel, dan is je kind (iets) te zwaar. Het is dan belangrijk tijdig actie te ondernemen. De gevolgen van overgewicht bij kinderen kunnen groot zijn. Die extra kilo’s zijn slecht voor de gezondheid: het vergroot de kans dat je kind later suikerziekte krijgt of problemen met zijn hart en bloedvaten. Ook maakt overgewicht het lastiger voor je kind om lekker te bewegen. Daarnaast kunnen veel te zware kinderen psychisch last krijgen van hun overgewicht. Het is niet goed voor hun zelfvertrouwen en ze worden vaker gepest. Als je niet tijdig ingrijpt kan je kind in een vicieuze cirkel terechtkomen: te dikke kinderen horen er vaker niet bij, komen niet goed mee, trekken zich terug, bewegen daardoor nog minder en gaan (nog) meer eten uit verdriet.

Het vetpercentage van je kind

Het vetpercentage geeft de hoeveelheid vet aan die opgeslagen ligt in het lichaam. Het is het totale lichaamsgewicht min de vetvrije massa, zoals de spieren, botten, organen, weefsels etc. Als je kind een hoog vetpercentage heeft, betekent het niet altijd dat zijn BMI ook te hoog is en je kind dus te zwaar is. Wel brengt een te hoog BMI in combinatie met een te hoog vetpercentage risico’s met zich mee voor je kind.

Vetpercentage kind berekenen

Heeft je kind ‘zwembandjes’ of een bolle buik, dan kan dit betekenen dat hij te zwaar is, maar dat hoeft niet. Elk kind is tenslotte verschillend en de lichamelijke ontwikkeling van kinderen kent bovendien fasen van molligheid. Zo heeft een baby veel onderhuids vet (de bekende spekarmpjes) en worden veel kinderen rond een leeftijd van acht jaar wat ronder.

Kinderen tot een leeftijd van 17 jaar mogen een vetpercentage van maximaal 20% hebben. Het berekenen van het vetpercentage kan op verschillende manieren; met een speciale weegschaal, een huidplooimeter of met een meetlint. Het meten van het vetpercentage kun je het beste laten uitvoeren door een arts.

Erfelijke aanleg

Sommige kinderen hebben een erfelijke aanleg om zwaar te worden. Ze hebben wel een gewoon aantal vetcellen, maar elke vetcel bevat meer vet. Als beide ouders kampen met overgewicht, is de kans op overgewicht bij hun kinderen ook groter. Toch is een verkeerd eet- en beweegpatroon meestal de oorzaak. Kinderen nemen het eetpatroon van hun ouders over. Eet je zelf veel tussendoortjes, dan zal je kind dat ook willen. Ook is het niet verstandig om je kind te belonen als hij iets eet dat hij niet lekker vindt. Hij leert dan af om naar zijn eigen lichaam te luisteren.

Naar de kinderdiëtist bij overgewicht

Is je kind te zwaar, dan is het verstandig het voedingspatroon van je kind onder de loep te nemen. Eet je kind regelmatig snoep of chips, beperk dit of kies voor gezonde(re) tussendoortjes. Kijk ook of je kind wel voldoende beweegt. Dagelijks minimaal een uur is een goede richtlijn. Zet je kind nooit zelf op een streng dieet als blijkt dat hij echt te zwaar is. Ga liever naar een kinderdiëtist om te overleggen hoe je dit het beste kunt aanpakken.

Tips voor een gezond gewicht

Sommige kinderen zijn van nature meer beweeglijk waardoor ze meer ‘brandstof’ nodig hebben dan anderen. Hoeveel een kind eet, zegt dus niet zoveel. Zolang je kind drie gezonde maaltijden en twee gezonde tussendoortjes per dag eet, is er weinig aan de hand. Of hij nu één of twee boterhammen eet bij het ontbijt of de lunch maakt niet uit. Als je kind maar niet overmatig zoet of vet eet. Want wát een kind eet en drinkt is veel belangrijker dan hoeveel. In chocola, een stroopwafel, sapjes of een croissantje, zitten ontzettend veel vetten en suikers.

Niet snoepen en lekker bewegen

Blijf consequent en geef gezonde tussendoortjes op een vast, voor je kind herkenbaar moment, zodat hij weet dat zeuren om lekkers geen zin heeft. Je kunt je kind best eens een snoepje of koekje geven, maar hou het verder bij gezonde tussendoortjes.

Gezonde tussendoortjes:

  • rijstwafel
  • soepstengel
  • stuk vers of gedroogd fruit
  • doosje rozijntjes
  • stukjes groenten uit het vuistje

Als je kind ondanks een gezond voedingspatroon toch te dik wordt, krijgt hij misschien te weinig beweging. Minstens een uur bewegen per dag is de norm. Ga lekker samen naar de speeltuin, fietsen, klimmen, rennen, ravotten, naar het pierenbadje, het strand, lopen naar de winkel of wandelen met het hele gezin. Of kijk eens of er een sport is die goed bij je kind past.

* Voor een schoolkind (4-9 jaar) zijn 3 tot 4 sneetjes de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (dus ontbijt en lunch) volgens het Voedingscentrum.

Nelleke de Kom

Jeugdarts

Nelleke de Kom is jeugdarts bij de GGD Hollands Noorden in Alkmaar. Ze beantwoordt bijna dagelijks vragen over baby's, peuters en schoolkinderen. Nelleke heeft zelf twee kinderen; een jongen van vier jaar oud en een meisje van twee.