Kind 5 jaar oud

Kind 5 jaar oud

Je kind is nu 5 jaar. Gesprekken met je kleuter worden steeds leuker nu hij zinnen maakt en beter kan uitleggen wat er in zijn hoofd omgaat.

Jouw kind van 5 jaar in het kort

Alles sorteren. Hé, ik heb een piemel! Jij bent stom! Als ik vals speel, kan ik winnen. Opruimen?

1. Verstandelijk

Je kleuter zal nu voor negentig procent heel verstaanbaar praten. De kromme zinnen verdwijnen dit jaar en je 5-jarige maakt steeds ingewikkelder en langere zinnen als: ‘Mijn broek is kapot, want ik ben gevallen en mijn knie doet pijn.’ Hij kan steeds beter uitleggen wat hem bezighoudt en dat maakt hem zelfstandiger en weerbaarder. Toch moet je er rekening mee houden dat een kind niet altijd meteen antwoord geeft als je hem iets vraagt. Om een vraag te beantwoorden, moet hij je eerst begrijpen, nadenken over het antwoord en dan moet hij antwoord geven. Een kleuter heeft daar meer tijd voor nodig dan een volwassene. Lees hier alles over de spraakontwikkeling van kleuters.

Tip: blijf je kind voorlezen. Dat bevordert zijn taalontwikkeling en een kind met een uitgebreide woordenschat en een duidelijke manier van praten kan beter communiceren.

Hij leert de relaties tussen begrippen en sorteert graag dingen. Dit legt een basis voor rekenen. Laat je kind bijvoorbeeld voorwerpen van groot naar klein neerzetten, zoals alle schoenen of speelgoedauto’s. De tijd wordt ook interessant: jaargetijden, de week en het verschil tussen morgen en gisteren. Voor een 5-jarige is alles van vroeger ‘gisteren’: de vakantie, zijn geboorte…

Of je kind aan het eind van het schooljaar toe is aan groep 3, zal blijken uit zijn gedrag. Sommige kleuters hebben nog moeite met de fijne motoriek die nodig is om te leren schrijven. Of ze hebben moeite met zich op een taak te concentreren of weten het verschil tussen links en rechts nog niet. Die kinderen worden dan nog te ‘speels’ genoemd om aan het echte leren te beginnen. Schoolrijpheid is van belang omdat een kind pas echt aan leervakken kan beginnen als zijn hersenen daar rijp voor zijn. Het ene kind is al schoolrijp vóór zijn zesde jaar, het andere een tijd later. Het heeft geen zin om dat te forceren. Ieder kind heeft zijn eigen tempo. Lees ook ons uitgebreide artikel: Vroege leerling of langer kleuteren?

Kleuters gebruiken vaak veel fantasie in hun spel, wat goed is voor de verstandelijke ontwikkeling. Het is creatief spelen met de werkelijkheid waarbij je kind steeds nieuwe oplossingen moet zoeken. Valt er een stoel om? Dan was die stoel een auto en kwam er gewoon een botsing. Je kind oefent zo voor creatieve oplossingen in de grotemensenwereld. Soms kan zijn fantasie lastig zijn, omdat hij zich er ook achter kan verschuilen. Niet hij, maar de hond heeft de koekjes opgegeten… Hier alles over omgaan met jokken.

Tip: een kleuter kan nog niet zo goed het onderscheid maken tussen waarheid en fantasie. Vertel hem daarom rustig wat wel en wat niet mag. Herhaal het steeds, dat is de manier waarop hij het leert.

2. Cognitieve ontwikkeling

In groep twee zie je je kleuter steeds groter worden (dat gaat écht hard) en daar hoort bij dat hij steeds meer leert. Je 5-jarige:

  • herkent de cijfers 1 t/m 10.
  • kan hoeveelheden tot en met twaalf vergelijken en ordenen (meer, minder, verschil, alles) en schatten.
  • herkent groepjes van zes zonder te tellen.
  • kan eenvoudig optellen en aftrekken onder de twaalf en herkent de begrippen lengte, inhoud, omtrek, gewicht
  • gebruikt tijdsaanduidingen als eerder, later, gisteren en benoemt de seizoenen, dagen en dagdelen.
  • benoemt naast de vormen cirkel, vierkant, driehoek en rechthoek nu ook ruit en ovaal.
  • kan nu ook de kleuren de kleuren oranje, paars, zwart, wit, grijs en bruin benoemen.

Lees ook: Dit leert je kind in groep 2

3. Lichamelijke/Motorische ontwikkeling

5-jarigen kunnen in principe naar zwemles. Hun spieren zijn over het algemeen sterk genoeg en ze kunnen de ingewikkelde samengestelde zwembewegingen maken. Een goede graadmeter is het fietsen zonder zijwieltjes. Gaat dat goed, dan is hij motorisch in staat om te zwemmen.

Ook de fijne motoriek is beter. Ze kunnen knutselen (knippen, plakken, vouwen) en zullen trots zijn op wat ze maken. Ze zijn trouwens ook trots op hun lichaam en ontdekken daar spannende onderdelen die een fijn gevoel kunnen geven. Zelfs in het openbaar spelen jongens soms ongegeneerd met hun piemel en stoppen meisjes hun hand tussen hun benen. Dat is niet seksueel, het ontspant gewoon. De ontdekkingstocht van het eigen lichaam is heel gezond, maar leer je kind wel dat er grenzen zijn. Je peutert bij anderen niet in je neus, en je speelt waar anderen bij zijn niet met je piemel of vagina. Lees hier meer over het geven van seksuele voorlichting.

Tip: leer je kind dat hij mag weigeren als jij of je partner om een knuffel vraagt. Als je kind jouw aanraking durft te weigeren, kan hij ook ‘nee’ zeggen tegen mensen met verkeerde bedoelingen. Wil je kind niet knuffelen? Hier tips van onze kinderpsycholoog.

4. Sociaal-emotionele ontwikkeling

Contact met leeftijdsgenootjes wordt steeds belangrijker. Veel kinderen willen na school met een klasgenoot spelen. Vriendjes geven je kind steun en vrolijkheid en vergroten zijn ontwikkeling. Kinderen nemen veel van elkaars gedrag over en verzinnen samen meer spelletjes dan in hun eentje. Lees hier tips van onze onderwijsdeskundige: omgaan met speeldates.

‘Jij bent stom!’ Kleuters hebben het hart op de tong, maar even later spelen ze gewoon weer verder. Ze schieten van het ene gevoel in het andere. Boosheid wordt soms heftig schoppen en schelden. Dat heeft niet alleen te maken met temperament, maar ook met voorbeeldgedrag. Word jij zelf superboos, dan neemt je kleuter dit over. Gebruik voorbeeldgedrag daarom om je kind te helpen: dit mag je doen als je boos bent, en als je verdrietig bent, mag je huilen, net als ik.

Tip: een kind moet weten dat emoties mogen. Er zijn alleen grenzen aan het gedrag dat hij vertoont. Is-ie woedend? Zorg voor een plek waar hij mag schreeuwen. Dat lucht op en hij leert dat je daarbuiten rustig bent.

Mensen hebben vijf verschillende emoties. Je kunt blij, boos, bedroefd, bang en beschaamd zijn. Je emoties bepalen je gedrag en kleuters laten zich in hun gedrag sterk leiden door hun gevoelens. Het is goed als je kleuter leert welke gevoelens hij heeft en hoe hij ermee kan omgaan. Het temperament van je kleuter zal bepalen hoe boos of hoe blij hij zal worden. Een kind met een fel temperament is eerder en erger boos dan een kind met een rustige aard. Check hier welk type kind jij hebt.

Je kunt je kind helpen om zijn gevoelens beter te onderscheiden zodat hij meer invloed heeft op het gedrag dat kan volgen op bepaalde emoties. Je kleuter leert van jou en van mensen in de omgeving welk gevoel hij wel en niet mag tonen. Gun je kind zijn eigen emoties. Stuur alleen het gedrag bij als dat nodig is. Je kunt je kind bijvoorbeeld vertellen dat je ziet dat hij heel blij is, maar dat het niet de bedoeling is dat hij een uur door de kamer gaat springen en schreeuwen.

Tip: als je merkt dat je kind schrikt van zijn eigen emoties, kun je hem helpen door erover te praten.

De kleutertijd is heel enerverend, want elke dag gebeurt er wel weer wat nieuws. Hij probeert steeds nieuwe dingen die hem spanning kunnen geven, maar er wordt ook steeds meer van hem gevraagd. Dat geeft spanning en je kind kan dingen gaan doen om die wat te verminderen. Sommigen gaan nagelbijten, anderen gaan aan hun mouw sabbelen of wiebelen met hun voet. Soms is het tijdelijk en na een paar weken weer verdwenen. Gebeurt dat niet, dan kun je proberen na te gaan waarom je kleuter spanning heeft. Je kunt je kleuter misschien helpen door zijn programma (speeldates, sport, uitjes) wat rustiger te maken, waardoor er minder spanning voor hem is.

5. Persoonlijkheid/gedrag

Regels geven een 5-jarige houvast. Maar hij wil ze zelf bepalen en veranderen. Bij een spelletje past hij de regels halverwege aan om te kunnen winnen en vindt hij ook nog dat hij gelijk heeft. Met zijn fantasie kan hij de werkelijkheid nog beïnvloeden. Volwassenen noemen dat liegen, maar een kleuter gelooft zijn fantasie.

Tip: fantasie kan soms beangstigend worden, bijvoorbeeld wanneer papa of mama ziek wordt. Een 5-jarige denkt vaak dat het zijn schuld is. Stel je kind gerust: ‘Jij kunt veel, maar je kunt niemand ziek maken.’

De informatie uit dit groeikalender-artikel is gebaseerd op de gemiddelde ontwikkeling van een kind. Ieder kind is uiteraard uniek en ontwikkelt zich zijn eigen tempo en manier. Ook iedere ouder zal het ouderschap anders beleven. Onze informatie is dan ook vooral bedoeld om je een idee te geven wat je per levensjaar, vanaf het moment dat je kind naar de basisschool gaat, ongeveer kunt verwachten.

Dit leert je kind in groep 2

 

 

Je kleuter weet nu heel duidelijk het verschil tussen jongens en meisjes. Dat laat hij ook in zijn kleding en spel merken. Het is goed om als ouder je zoon en je dochter gelijk te behandelen. Je kind ziet zelf het onderscheid, door bijvoorbeeld het speelgoed en de vriendjes die hij kiest. Zo kom je het best te weten wat bij je kind past.

Vroeger werden van jongens en meisjes vaste rolpatronen verwacht. Nu mag een jongen ook zijn vrouwelijke kanten hebben en uiten en een meisje haar mannelijke kanten. Te strakke verwachtingspatronen van ouders en omgeving kunnen de ontwikkeling in de weg zitten. Omgekeerd blijkt dat jongensgedrag door vrouwen minder wordt gewaardeerd dan meisjesgedrag. Jongens zijn over het algemeen drukker en wilder. Dit gedrag wordt door moeders en de juf op school vaak ingedamd, terwijl het wel bij de ontwikkeling van jongens hoort.

Je kunt je kind betrekken bij de zaken in jullie gezin. Hij kan best begrijpen dat papa en mama ook een eigen leven hebben en er niet alleen maar voor hem zijn. Je kleuter kan kleine taken in het huishouden uitvoeren om jou te helpen: de tafel afruimen, zichzelf aan- en uitkleden en de was in de wasmand stoppen. Ook is het goed om hem te leren zelf zijn speelgoed op te ruimen voordat hij weer aan iets nieuws begint.

Het voordeel van zijn inlevingsvermogen is dat hij zich op school ook beter kan aanpassen aan verschillende situaties. Dat is voordelig voor het leren op school.

6. Opvoeding: kind 5 jaar

Kinderen horen alles
Let op als je naar het nieuws luistert en/of kijkt. Het lijkt misschien alsof je kind niet luistert, kinderen horen alles. En na een uur, of soms pas dagen later, vraagt hij ineens wat ‘moord’ betekent. Beelden en woorden die gewelddadig en verontrustend zijn kunnen leiden tot angsten en nachtmerries. Ook kan het Jeugdjournaal veel impact hebben. Overweeg om nieuws op je smartphone of tablet te volgen zodat je kind het niet kan zien, of wacht tot hij in bed ligt.

Lees ook: Wat als je kind bang is door gewelddadig nieuws?

Luisteren
Luistert je 5-jarige niet? Hij blijft spelen, terwijl jij hebt gevraagd of hij zijn rommel opruimt? Dat komt doordat er veel in zijn kleuterhoofd moet gebeuren bij zo’n vraag. Sta je te ver weg, dan hoort hij je niet eens. Vraag dus echt zijn aandacht en herhaal je vraag. Daarna moet hij de vraag nog snappen. Kleuters praten goed, maar begrijpen niet alle woorden die ze zeggen. Weet hij wel wat ‘rommel’ is? Check dat. En dan moet hij nog nadenken: ‘Heb ik mijn speelgoed opgeruimd? Eh…’ Help hem: ‘Waar speelde je met de Lego?’ Tenslotte: hij moet ook nog iets zeggen. In zijn hoofd heeft hij misschien al geantwoord, maar veel kleuters vergeten daarna om te praten.

Tip: veel kinderen hebben het nodig om af te maken waar ze mee bezig zijn, net als dat het voor ons vervelend is als we ergens mee bezig zijn en van stel op sprong daarmee moeten stoppen. Bereid je kind dus voor dat het spel gaat aflopen. Zeg hem dat hij nog vijf of tien minuten heeft, of zet de keukenwekker op een x aantal minuten en zeg je kind dat hij moet komen als het belletje gaat. Dan kan hij zijn spel afmaken en is er daarna ruimte voor jouw verzoek. Hier meer tips over speelgoed opruimen.

Grenzen stellen
Voel je niet schuldig om ‘nee’ of ‘stop’ tegen je kind te zeggen. Grenzen stellen is jouw taak en kinderen varen beter bij grenzen dan dat ze alles mogen doen en laten. Discipline is net zo belangrijk als liefde. Het is niet jouw verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat je kind altijd gelukkig is. Dat is niet alleen een onmogelijke opgave, het is niet wenselijk.

Tijd voor jezelf
Ze zeggen niet voor niks dat je om goed voor anderen te kunnen zorgen, je ook lief moet zijn voor jezelf. Doe er moeite voor om momenten voor jezelf te pakken of in te plannen. Een avond met vriendinnen, een hobby, naar de bioscoop, een yogales, noem maar op.

Lees ook: Mijn kind 6 jaar

Hoe ontwikkelt jouw kind zich, jaar na jaar, vanaf het moment dat hij naar de basisschool gaat? Elk kind is anders en ontwikkelt zich op zijn eigen tempo, dat vooropgesteld. En met die belangrijke nuance in gedachten geven wij je een algemeen overzicht van wat je zou kunnen verwachten van je 4-jarige dochter, je 5-jarige zoon, enzovoorts, tot en met je 12-jarige puber.