Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 

Mond dicht en op de rug drijven: dit leert je baby bij een cursus overlevingszwemmen

Het is je grootste nachtmerrie: je dreumes of peuter die in een onbewaakt moment in het water valt. Met overlevingszwemmen kunnen kinderen al vóór ze toe zijn aan zwemles leren om te blijven drijven. Goed idee, of zijn er ook nadelen?

Advertentie

Lees ook: Hoe de kleur van zwemkleding het leven van je kind kan redden

Drijven als een zeester

Het is indrukwekkend om te zien: een baby of peuter, luiertje aan, springt in een bad en verdwijnt helemaal onder water. Vervolgens rolt het kind zich kalm op zijn rug, komt weer boven water, strekt zijn armen en benen uit en drijft als een zeester rustig door het bad.

Er zijn inmiddels overal ter wereld dreumesen en peuters die zichzelf op deze manier boven water krijgen. In de Verenigde Staten bestaat survivalzwemmen al veertig jaar. Daar hebben ze niet het standaard ABC-zwemlessenpakket dat we hier kennen. Bovendien zijn er veel huizen met zwembaden en is verdrinken er doodsoorzaak nummer 2 (na aangeboren afwijkingen) onder peuters.

Je kunt een peuter nog geen schoolslag leren – volgens de zwemleraren die we spreken voor dit artikel is dat zelfs de moeilijkste slag om te leren – maar je kunt een klein kind wél leren drijven. De meeste kinderen gaan op zwemles vanaf een jaar of 5. Die jaren daarvoor geeft het ouders vaak een onveilig gevoel om hun kind in de buurt van water te laten. Niet zonder reden, want een klein kind kan al verdrinken in een opblaasbadje met een laagje water van 10 centimeter.

Lees ook: Alles over zwemles

Zelfredzaam worden

‘Het idee van overlevingszwemmen is zelfredzaam worden,’ legt Kara Bos uit. Zij is kinderreddingszwemmer en mede-eigenaar van Children of the Water Amsterdam, een organisatie die ook in Antwerpen, Londen en op Ibiza zit. ‘In het water leren kinderen hun mond gesloten te houden, hun adem in te houden en op de rug te draaien en te drijven.’

Advertentie

Bos denkt dat ze een van de eersten in Europa was die dit aanbood, in 2013 in het Zuiderbad in Amsterdam. Inmiddels leidt ze zelf ook instructeurs op. ‘Ik vond het zo gek dat overlevingszwemmen er in Nederland nog niet was, want hier is echt overal water. Je hebt wel ouder-kindzwemmen, maar dat is eigenlijk een beetje spetteren in een ondiep bad. Er zit een groot gat tussen het moment dat kinderen kunnen lopen en het moment dat ze 4 of 5 zijn en voor hun A-diploma kunnen beginnen. Het zijn precies de jaren waarin veel waterongelukken plaatsvinden.’

Handig voor een vakantie

Sport- en zweminstructeur Daan Uylenbroek raakte in dezelfde tijd als Bos enthousiast over overlevingszwemmen. Hij ging op onderzoek uit en kwam erachter dat het in Amerika al heel groot was. ‘Kinderen beginnen daar gewoonlijk met deze cursus en gaan pas later zwemslagen leren.’

Hij vloog naar Amerika om de opleiding te volgen en geeft nu al zeven jaar overlevingszwemmen bij Kidslodge, een kinderdagverblijf in Houten. Zijn eigen dochter heeft hij op overlevingszwemmen gedaan toen ze 14 maanden oud was. ‘Het kan al eerder, maar ik vond het nodig vanaf het moment dat ze kon lopen. We wilden naar Curaçao op vakantie, daarvoor was het ook handig.’

Het is wel belangrijk om het te onderhouden, stelt Uylenbroek. Je moet ook na de cursus blijven zwemmen met je peuter. ‘Als je niet regelmatig met ze gaat zwemmen, gaat hun zelfvertrouwen naar beneden en weten ze niet meer of ze het nog kunnen.’

Advertentie

Lees ook: Peuterzwemmen: je kind watervrij maken

Automatisme

Bos is van mening dat zelfs als je het niet bijhoudt, de meeste peuters uit automatisme op hun rug zullen draaien als het hen goed is aangeleerd. Ze biedt wel vervolgcursussen aan, daar leren de kinderen een soort simpele zwemslag, waarmee ze kunnen voortbewegen en af en toe op hun rug draaien om adem te halen.

De derde stap is diplomavoorbereiding. ‘Ik heb peuters gezien van 2,5 die zelfstandig borstcrawl of rugcrawl konden, en kinderen van 1,5 die op hun rug het hele bad doorzwommen,’ zegt ze.

Eerst huilen, dan plezier

Koppie onder gaan is doorgaans niet iets waar peuters uit zichzelf om staan te trappelen. Voor de meesten is het behoorlijk beangstigend. Britt Klaassen is oprichter van ‘Met succes op zwemles’, een organisatie die ouders, kinderen en zweminstructeurs helpt bij het succesvol doorlopen van het ABC-zwemtraject en het watervrij maken.

Klaassen heeft ook overlevingszwemmen gegeven en vond dat altijd bijzonder om te doen. Maar ze is op een paar punten kritisch. ‘Het kan voor ouders lastig zijn om hun baby of peuter onder water te zien. Vaak huilen de kinderen in het begin. Je moet er goed over nadenken als ouder: past het bij je kind, en bij jou? Want er zijn ook andere methodes om kleine kinderen zelfredzaam te maken, waarbij ze rustiger aan water wennen. Maar die kosten wel meer tijd.’

Uylenbroek erkent dat de meeste peuters het heel spannend vinden. ‘Ze moeten onder water en dat voelt onprettig. Maar ze leren megasnel. Op dag vier merken ze al: hé, ik kan dit. Langzaam krijgen ze er plezier in. Na drie weken kunnen ze in het water vallen en op hun rug draaien.’

Lees ook: Zwembandjes, welke zijn veilig

Wat kost het?

Toen Bos met de lessen begon in Amsterdam, kwamen er vooral mensen op af die op een boot wonen, of gezinnen waarvan opa en oma aan het water wonen. Ze zegt: ‘Nu komt eigenlijk iedereen.’

Hoewel, iedereen… Het is wel een cursus die niet iedere bezorgde ouder zich kan veroorloven. Overlevingszwemmen is niet goedkoop: voor de eerste cursus van tien een-op-eenlessen betaal je 850 euro, een les duurt 10 tot 30 minuten. En belangrijk om te vermelden: voor dat geld heb je natuurlijk geen garantie dat jouw kind niets meer kan overkomen in de buurt van water.’

De risico’s blijven

Klaassen benoemt als nadeel ook de schijnveiligheid die het ouders geeft. ‘Met de term ‘overlevingszwemmen’ creëer je een bepaald vertrouwen, of verwachting. Maar het is niet gegarandeerd dat je kind zichzelf redt; je moet als ouder natuurlijk blijven opletten.’

Jarno Hilhorst, kennismanager bij de Nationale Raad Zwemveiligheid, beaamt wat Klaassen zegt: ‘Veilig is het nooit. Het kan zeker zinvol zijn voor kleine kinderen om deze vaardigheden – zoals mond dichthouden, op de rug draaien – aan te leren. Misschien dat het hier en daar de kans op overleving vergroot. Maar onder aan de streep kunnen jonge kinderen situaties niet inschatten. Kan de peuter ook omdraaien in ijskoud water, of in een rivier waar stroming staat?’ Het grootste deel van het Nederlandse water is natuurlijk modderig en koud.

Hilhorst vervolgt: ‘De term ‘overlevingszwemmen’ suggereert dat het meer is dan wat het is. Dat is ook onze zorg: begrijpen ouders wel dat ze nog steeds áltijd erbij moeten blijven? Dat je nooit achterover kunt leunen, dat je geen boek kunt lezen bij het zwembad?’

De Zwemraad richt zich daarom liever op de ouders. Hun advies: blijf altijd in de buurt van je peuter, ook in bad of in een piepklein badje in de tuin, zelfs na een cursus overlevingszwemmen. Voldoende onderzoek is er nog niet, het is dus ook niet bewezen dat het overlevingszwemmen leidt tot minder verdrinkingen, voegt Hilhorst toe.

‘Ik zeg niet dat deze lessen slecht zijn opgebouwd, ze worden verzorgd door kundige zweminstructeurs. Het is alleen nooit een garantie. Je kunt de risico’s niet wegnemen, die zijn er nu eenmaal met kleintjes aan de waterkant.’

Vroeg beginnen heeft voordelen

Wel bewezen is dat jonge kinderen baat hebben bij zwemmen – wat voor zwemcursus dan ook – en bij bewegen of spelen in het water op jonge leeftijd. Hilhorst: ‘Ga vooral lekker zwemmen met je kind.’

En dat moedigt Klaassen ook aan: ‘Ga lekker vaak met baby’s en peuters zwemmen. Kinderen die aan peuterzwemmen hebben gedaan met hun ouders, halen over het algemeen sneller zwemdiploma’s. Je kunt kleine kinderen al jong drijven aanleren zonder bandjes, bijvoorbeeld.’

Dat een peuter plezier heeft en zelfvertrouwen krijgt in het water, dat is het belangrijkste volgens zweminstructeur Klaassen: ‘Dat kun je bereiken met een cursus overlevingszwemmen, maar ook via andere vormen van baby- peuter- of kindzwemmen.’

Meer weten

Overlevingszwemmen voor peuters wordt op verschillende plaatsen in Nederland aangeboden. Het is voor kinderen vanaf 6 maanden tot 7 jaar. De lessen duren 10-30 minuten. Voor informatie over de cursussen o.a.: childrenofthewater.com. Overlevingszwemmen bij Kidslodge: kidslodge.nl/overlevingszwemmen Meer lezen over zwemveiligheid? Nationale Raad Zwemveiligheid: nrz-nl.nl

Dit artikel is eerder verschenen in Ouders van Nu Magazine – Tekst: Pauline Bijster, Beeld: Getty Images

Artikelen van Ouders van Nu ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.