verklevingen baarmoeder

Het Asherman-syndroom: oorzaken en behandeling

Als het baarmoederslijmvlies is beschadigd door een ingreep of operatie rondom een zwangerschap, dan kunnen er verklevingen in de baarmoederholte ontstaan. Dit heet het syndroom van Asherman. Het komt weinig voor, maar kan onder meer onvruchtbaarheid veroorzaken. Hoe weet je of je dit hebt? En wat is eraan te doen?

Wat is het Asherman-syndroom?

Als het baarmoederslijmvlies is beschadigd door bijvoorbeeld een operatie, kunnen de wanden van de baarmoeder gaan verkleven, alsof ze tegen elkaar zijn geplakt. Als dit gebeurt rondom een zwangerschap, dan heet dit het syndroom of de ziekte van Asherman, genoemd naar de Israelische gynaecoloog Josef Asherman, die er in 1948 voor het eerst in de Engelse taal over publiceerde. Lang niet alle vrouwen die een ingreep aan de baarmoeder hebben gehad, krijgen het syndroom van Asherman.

Er is weinig over bekend waarom de ene vrouw hier gevoeliger voor is dan de andere. Het vermoeden bestaat dat de kans groter is bij een wat dunner baarmoederslijmvlies, maar dit is niet zeker. Omdat het weinig voorkomt, zijn niet alle huisartsen van het syndroom op de hoogte of wordt er soms pas laat aan gedacht of op onderzocht. Het feit dat er weinig op wordt onderzocht, kan overigens ook een reden zijn waarom de diagnose weinig wordt gesteld. Mogelijk komt het vaker voor dan gedacht.

Oorzaken

Het syndroom van Asherman ontstaat na een ingreep aan de baarmoederholte bij een ‘zwangere’ baarmoeder, zoals:

  • een keizersnede
  • het verwijderen van de placenta of een placentarest als deze na de geboorte niet loslaat
  • curettage bij een miskraam of abortus
  • embolisatie: het afsluiten van een bloedvat bij hevig bloedverlies na een bevalling

Ook een infectie kan de oorzaak zijn van verklevingen in de baarmoederholte, zoals endometritis of een ontsteking in de baarmoeder door tuberculose of chlamydia.

Symptomen

Er zijn niet altijd klachten bij het Asherman-syndroom. Meestal komt het aan het licht doordat de menstruatie na een ingreep aan de baarmoeder uitblijft. Of doordat je maar heel weinig bloedverlies hebt tijdens de menstruatie, veel minder dan voordat de ingreep plaatsvond. Ook kan het zijn dat het niet lukt om opnieuw zwanger te worden. Als je één van bovenstaande ingrepen of ziekten hebt gehad, is dat een belangrijke aanwijzing. Wees dus na een ingreep aan de baarmoeder (gerelateerd aan een zwangerschap) extra alert op:

  • uitblijvende of onregelmatige menstruatie, terwijl je voorheen een regelmatige cyclus had
  • weinig bloedverlies of alleen bruine afscheiding bij de menstruatie

Deze klachten kunnen ook andere oorzaken hebben. Het is belangrijk dat je naar een gynaecoloog verwezen wordt om dit te laten onderzoeken. Onderzoeken naar je cyclus en de baarmoederholte kunnen dan duidelijkheid geven.

Complicaties

Als het syndroom van Asherman niet wordt behandeld, kan het voor ernstige problemen zorgen. Vrouwen met dit syndroom hebben meer kans op:

Zwanger worden moeilijker met Asherman-syndroom

De verklevingen in je baarmoeder kunnen er op verschillende manier voor zorgen dat zwanger worden niet lukt. Het baarmoederslijmvlies werkt niet meer zoals het hoort: het wordt ongevoelig voor de hormonen die zorgen voor opbouw van het slijmvlies. Normaal gesproken gebeurt dit na elke menstruatie. Als er geen nieuw slijmvlies wordt opgebouwd, blijft de menstruatie uit of is er heel weinig bloedverlies. Ook kan het baarmoederslijmvlies zo dun zijn dat een eicel die wordt bevrucht, niet kan innestelen. Het syndroom van Asherman kan ook miskramen of een buitenbaarmoederlijke zwangerschap veroorzaken. Als het syndroom niet wordt behandeld, is de kans op een gezonde zwangerschap klein.

Lees ookInnesteling van een bevruchte eicel in het baarmoederslijmvlies

Onderzoek en diagnose

Bij problemen met de menstruatie, of als het niet lukt om zwanger te worden, verwijst de huisarts je door naar een gynaecoloog. Die kan vaststellen of er verklevingen in de baarmoederholte zitten.

Vaak wordt er eerst een echo gemaakt van de baarmoeder waarbij er gekeken wordt naar de dikte van het baarmoederslijmvlies. Ook wordt er soms gekeken naar de hormoonwaarden in het bloed om te zien of de hormonale aansturing van de baarmoeder wel goed verloopt. Als er verdenkingen zijn op verklevingen in de baarmoederholte wordt er een diagnostische hysteroscopie gepland. Dit is een soort kijkoperatie van de baarmoederholte. Met een hele dunne buis van een paar millimeter gaat de gynaecoloog via de vagina en de baarmoedermond naar de baarmoederholte. Zo kan hij de holte bekijken en zien of er verklevingen zijn.

Een andere manier om de baarmoederholte te beoordelen is een baarmoederfoto (hysterosalpinogram). Dan wordt er via de vagina en baarmoedermond contrastvloeistof in de baarmoeder gespoten, waarna er een röntgenfoto wordt gemaakt. Op de foto is meestal goed te zien of er verklevingen zijn.

Behandeling

Het verwijderen van de verklevingen gebeurt met een kijkoperatie. De medische term hiervoor is een therapeutische hysteroscopie of transcervicale adhesiolyse. Als het diagnostisch onderzoek ook met een hysteroscopie wordt gedaan, kan de gynaecoloog in ongeveer de helft van de gevallen meteen de verklevingen wegknippen, eventueel onder lokale verdoving. Als dit niet lukt, kan het nodig zijn om de ingreep op de operatiekamer uit te voeren. Dan wordt er vaak ook contrastvloeistof en röntgenstraling gebruikt. De operatie vindt dan plaats met een ruggenprik of onder narcose. In principe gaat het om een dagopname en kan je dus diezelfde dag weer naar huis.

Nadat de verklevingen zijn verwijderd, wordt vaak een (koper)spiraaltje geplaatst om de wanden van de baarmoeder gescheiden te houden. Dit moet voorkomen dat er meteen nieuwe verklevingen ontstaan. Soms wordt geadviseerd om ook hormonen te slikken, om het herstel van het baarmoederslijmvlies te ondersteunen. Na een aantal weken wordt het spiraaltje verwijderd. Acht tot tien weken na de operatie krijg je weer een hysteroscopie, om te controleren of het baarmoederslijmvlies goed is hersteld en er geen nieuwe verklevingen zijn. Het is belangrijk dat je in de herstelperiode niet zwanger raakt. Het (koper)spiraaltje dat na de operatie wordt geplaatst, beschermt niet altijd tegen een zwangerschap (bijvoorbeeld als het koper is verwijderd). Je moet dus op een andere manier ervoor zorgen dat je in die tijd niet zwanger wordt.

Risico’s

Het verwijderen van verklevingen is een operatie die weer voor nieuwe verklevingen kan zorgen. Dat maakt het een erg lastige ingreep. Omdat het syndroom van Asherman weinig voorkomt en vaak niet wordt herkend, hebben de meeste gynaecologen er bovendien weinig ervaring mee. En ervaring is voor een goede kans van slagen juist zo belangrijk. De gynaecologen van het Hysteroscopisch Therapeutisch Centrum van het Spaarne Gasthuis in Hoofddorp en van het Universitair Medisch Centrum in Utrecht zijn gespecialiseerd in hysteroscopische operaties, zoals bij Asherman. Uit heel de wereld worden vrouwen met het Asherman-syndroom daarom naar deze expertisecentra doorverwezen voor diagnose en behandeling. Je kunt je gynaecoloog of huisarts hierom vragen.

Kans op herstel

Bij patiënten die worden behandeld in het expertisecentrum van het Spaarne Gasthuis en het UMC Utrecht, herstelt de baarmoederholte in 95% van de gevallen helemaal. Je hebt dan in principe weer evenveel kans om zwanger te raken als andere vrouwen. Helaas komen er wel meer miskramen voor, bij ongeveer 30% van de zwangerschappen. De kans op het krijgen van een baby na het syndroom van Asherman is dus ongeveer 70%.

Als je zwanger wilt worden, kun je dit het beste direct na het afronden van de behandeling proberen. De verklevingen kunnen namelijk terugkomen; dit gebeurt bij ongeveer 30-50% van de vrouwen. Dit kan ook na de bevalling of een eventuele miskraam gebeuren. Ze kunnen dan opnieuw met een operatie verwijderd worden. Maar het is ook goed mogelijk dat het syndroom van Asherman niet meer terugkomt.

Zwanger na Asherman

Als het Asherman-syndroom succesvol is behandeld, kun je weer zwanger worden en kan de zwangerschap gewoon zonder complicaties verlopen. De zwangerschapshormonen hebben bovendien een gunstige invloed op de baarmoeder. Wel is er kans op verklevingen met de placenta. Als de placenta daardoor niet goed loslaat na de geboorte, kun je veel bloed verliezen. De placenta moet dan worden verwijderd door de gynaecoloog. Je bevalt daarom met medische indicatie in het ziekenhuis. In het UMC Utrecht is een speciale polikliniek geopend voor alle vrouwen die zwanger zijn na behandeling van de ziekte van Asherman. Bij een zwangerschapsduur van ongeveer 30 weken wordt hier gekeken of er aanwijzingen zijn voor een abnormale innesteling van de placenta. In dat geval moeten er voorzorgsmaatregelen genomen worden voor een optimaal verloop van je bevalling.

Onderzoek

In het UMC Utrecht loopt een onderzoek naar het baarmoederslijmvlies bij o.a. vrouwen met het syndroom van Asherman. Ben je benieuwd of je hieraan mee kunt doen? Kijk dan hier.

Simone Broer

Gynaecoloog

Simone Broer is gynaecoloog in het Universitair Medisch Centrum in Utrecht. Ze houdt zich vooral bezig met vruchtbaarheid en ziektes en aandoeningen die je vruchtbaarheid beïnvloeden, zoals hormoonstoornissen, cystes of verklevingen. Simone heeft veel onderzoek gedaan naar het meten van vrouwelijke vruchtbaarheid.