echo's zwangerschap

Echo's tijdens je zwangerschap

Als je zwanger bent, kan je baby worden bekeken door middel van echoscopie. Meestal gebeurt dit twee keer tijdens de zwangerschap. Hoe werkt dit, is het veilig en waar kijkt de echoscopist naar? Alles over echo’s tijdens de zwangerschap.

Hoe werkt een echo?

Bij een echoscopie zendt een apparaatje (transducer) hoogfrequente geluidsgolven (ultrageluid) naar de plek in je lichaam die onderzocht moet worden. Het ultrageluid wordt daar weerkaatst, waarna de transducer de geluidsgolven weer opvangt en omzet in beelden die je op een scherm kunt bekijken. Als je zwanger bent, wordt de ontwikkeling van je baby op die manier in de gaten gehouden, maar er kunnen meer redenen zijn om een echo te laten maken.

Advertentie

Inwendige of uitwendige echo

Er zijn twee manieren om een echo te maken: op de buikwand (uitwendig) en via de vagina (inwendig). Als er vroeg in je zwangerschap reden is om de baby en/of baarmoeder te bekijken, krijg je een inwendige echo. De baarmoeder zit dan nog diep in het bekken, achter het schaambeen. Via de vagina kan de echokop dichter bij de baarmoeder komen en betere beelden maken.

Een inwendige echo doet meestal geen pijn, maar het inbrengen en bewegen met de echokop kan wat vervelend aanvoelen. Na tien weken zwangerschap kan een echo meestal uitwendig worden gemaakt. Je krijgt daarbij een beetje gel op je blote buik, waarna de echoscopist met de echokop je baby opzoekt.

Lees meer: Alles over de baarmoeder

Wanneer krijg je een echo?

Tijdens de zwangerschap krijg je standaard twee echo’s aangeboden: de termijnecho en de twintigwekenecho, ook wel Structureel Echoscopisch Onderzoek (SEO) genoemd. Deze echo’s worden beide vergoed door de zorgverzekeraar en gaan niet van je eigen risico af. De termijnecho krijg je als je tussen de acht en twaalf weken zwanger bent (wanneer kan verschillen per verloskundepraktijk) en de twintigwekenecho volgt, zoals de naam al doet vermoeden, bij twintig weken. Sommige praktijken bieden daarnaast standaard een groei-echo aan bij dertig weken en/of een liggingsecho bij 34-36 weken (zie verderop).

Lees hier wat er door de basisverzekering vergoed wordt en wat niet.

Welke echo’s zwangerschap?

1. Termijnecho

Bij de termijnecho wordt je baby gemeten. Ze kijken van de lengte van de kruin tot het stuitje. Op basis hiervan wordt berekend hoe oud je baby is en wat de uitgerekende datum is. Tot veertien weken groeien alle baby’s ongeveer even snel en kan de duur van de zwangerschap vrij precies worden vastgesteld, maar daarna kan de ontwikkeling erg uiteenlopen. Slechts 4 procent van de baby’s wordt daarom geboren op de uitgerekende datum; het overgrote deel ergens tussen de 37 en 42 weken zwangerschap. Toch is de termijnecho een uitgangspunt om de ontwikkeling van de zwangerschap te volgen en de uitgerekende datum staat ook op een verklaring die je nodig hebt om zwangerschapsverlof aan te vragen.

Bij de termijnecho wordt ook gekeken of het hartje klopt en of je misschien een meerling krijgt. Als je de combinatietest wilt laten doen, kan daarnaast tussen elf en veertien weken een nekplooimeting worden gedaan. Deze test berekent de kans op een baby met down- edwards- of patausyndroom.

Lees hier wat de verschillen zijn tussen de combinatietest en NIPT.

2. De dertienwekenecho

Bij de termijnecho is de baby nog te klein om eventuele afwijkingen te kunnen zien. Om ervoor te zorgen dat die niet pas worden ontdekt bij de twintigwekenecho, wordt vanaf eind 2020 ook een dertienwekenecho aangeboden en toegevoegd aan het basispakket.

Met dertien weken is de ontwikkeling van de organen, het zenuwstelsel en de ledematen wel te zien. Een groot deel van de afwijkingen waarnaar wordt gekeken kan zo al vroeg in de zwangerschap worden ontdekt. Het gaat hierbij om heel ernstige afwijkingen, die weinig voorkomen, maar die reden kunnen zijn om de zwangerschap af te breken.

3. Twintigwekenecho

Met twintig weken krijg je een medische echo, waarbij de baby wordt onderzocht op verschillende aangeboren afwijkingen. Er wordt onder meer gekeken naar de schedel en botten, de rug en de buikwand, de armen en benen, de hersenen, het hart, de maag, blaas en de nieren. Als een baby bijvoorbeeld een open ruggetje, een waterhoofd of een hartafwijking heeft, is dit op de echo te zien. Maar dat geldt uiteraard niet voor alle afwijkingen. Sommige afwijkingen zijn pas later zichtbaar.

Bij de twintigwekenecho wordt ook gekeken naar de grootte en ligging van de placenta. Die ligging kan invloed hebben op je bevalling. Als je een voorliggende placenta hebt, betekent dit dat deze over je baarmoedermond (waar je baby doorheen moet) ligt. Soms groeit een placenta mee omhoog tijdens de zwangerschap, maar als dit niet het geval is, dan kan je kind niet vaginaal geboren worden en volgt er een keizersnede.

5. Geslachtsbepaling

Bij de twintigwekenecho kan de echoscopist ook kijken of je een zoon of dochter krijgt, maar dit hoort niet bij het onderzoek. Als je het geslacht niet wilt weten, kun je dit aangeven. Het kan ook zijn dat de echoscopist het geslacht niet kan zien door de ligging van de baby. Hij of zij is niet verplicht om het geslacht vast te stellen en zal er vaak ook niet uitgebreid de tijd voor (kunnen) nemen.

Wil je toch graag weten of je een jongen of meisje krijgt, maar is het niet te zien? Laat dan een pretecho maken. Een geslachtsbepaling kan overigens al met redelijke zekerheid worden gedaan vanaf zeventien weken, bijvoorbeeld met een pretecho.

Wil je het liefst zo snel mogelijk weten of je een meisje of een jongen krijgt? Dan kun je kiezen voor de nub-theorie, daarmee kun je al in de twaalfde week het geslacht van je kind voorspellen. Let wel: deze methode biedt 75 procent zekerheid.

Meer lezen: Zo werkt de NUB-theorie

6. Extra echo’s

Buiten de reguliere echo’s om kan de verloskundige om medische redenen besluiten extra echo’s aan te vragen. Bijvoorbeeld in de volgende gevallen:

  • Als het vermoeden bestaat dat de baby niet goed groeit of juist te groot is.
  • Bij twijfel over de hoeveelheid vruchtwater.
  • Om de placenta te lokaliseren als deze bij de twintigwekenecho erg dicht bij de baarmoedermond lag.
  • Om te kijken of de baby in stuitligging of dwars ligt.
  • Als je een meerling verwacht, kunnen er extra controles worden gedaan.

7. Een vroege echo

Soms krijg je een medische indicatie om al met zes of zeven weken zwangerschap een echo te laten maken. Dit wordt ook wel een vroege echo of vitaliteitsecho genoemd. Er wordt dan gekeken of het hartje klopt en of de baby in de baarmoeder zit. Dit kunnen redenen zijn voor zo’n vroege echo:

Meer lezen: Prenatale screening, wel of niet doen?

8. De groei- en liggingsecho

Sommige verloskundepraktijken bieden standaard een groei-echo aan rond de dertig weken en een liggingsecho bij 34-36 weken. Bij een groei-echo wordt een schatting gemaakt hoe groot de baby zal zijn met veertig weken. Tijdens een liggingsecho wordt gekeken of de baby met zijn hoofdje naar beneden ligt. Doordat op deze termijn de baby tijdens een echo niet altijd gemakkelijk te bekijken is (door zijn lengte) en de (langetermijn)effecten van echoscopie ook niet zeker zijn, zijn veel verloskundigen hier terughoudend in. De groei- en liggingsecho worden vaak alleen gedaan als er een medische reden voor is en/of de baby niet goed te voelen is via de buikwand.   

9. GUO-echo

Als er een verhoogd risico is dat een baby een bepaalde (erfelijke) afwijking heeft, of als er factoren of complicaties bekend zijn die de gezondheid van de baby mogelijk beïnvloeden, kan de verloskundige je naar het ziekenhuis verwijzen voor een Geavanceerd Ultrageluid Onderzoek (GUO). Dit onderzoek is uitgebreider dan de twintigwekenecho en wordt met speciale apparatuur gedaan. Een echospecialist kijkt hierbij extra goed naar de aandoening waar een verhoogde kans op is. Soms zijn er meerdere echo’s nodig.

10. Pretecho

Wil je een extra echo zonder dat je daar een indicatie voor krijgt, dan kun je overwegen een pretecho te laten maken. Bij sommige echopraktijken kunnen ze al vanaf zeven weken kijken of er een kloppend hartje te zien is. Vanaf 17 weken is vaak al te zien of je baby een jongen of een meisje is en na 25 weken zwangerschap kun je met een 3D- of 4D-echo goed zien hoe je baby eruitziet en wat hij doet in de buik.

Lees ook: Luisteren naar de hartslag van je baby met een doppler of doptone, is dat veilig?

11. 2D-, 3D- en 4D-echo

De reguliere medische echo’s zijn meestal in 2D. Je ziet daarbij zwart-witbeelden zonder diepte, die lijken op röntgenbeelden. Bij een pretecho kun je meestal kiezen voor 2D-, 3D- en 4D-beelden. Een 3D-echo is een stilstaand beeld in kleur en met diepte, bijna alsof er in de buik een kleurenfoto van je baby is gemaakt. Een 4D-echo bestaat uit bewegende beelden met kleur en diepte. Hierop zie je dus ook het gezicht van je baby bewegen of je ziet hem zijn duim in zijn mond doen of zijn tong uitsteken.

Waarom niet elke keer een echo?

Aangenomen wordt dat echo’s geen kwaad kunnen en als er een medische reden voor is, kunnen ze erg nuttig zijn. Toch laten verloskundigen en gynaecologen ze liever niet vaker maken dan medisch nodig is. Het echoapparaat werkt met radiogolven en die geven warmte af. Veel baby’s reageren op deze warmte en het is niet wetenschappelijke bewezen of ze daar last van hebben.

Bovendien is het niet nodig om bij elke controle een echo te maken. De verloskundige kan de groei van de baarmoeder en de baby goed met de hand meten via de buik en ze kan naar het hartje luisteren. Als je gezond bent en de zwangerschap normaal verloopt, is er meestal geen reden voor een echo. Echo’s zijn ook niet 100% betrouwbaar en kunnen onnodig ongerust maken. Zo kan uit de ene echo blijken dat een baby erg groot is, terwijl de volgende echo laat zien dat hij volgens verwachting groeit. Zeker na 34 weken zwangerschap is de grootte van een baby moeilijk te meten.

Is een echo schadelijk voor de baby?

Er zijn geen schadelijke gevolgen bekend van echografie tijdens de zwangerschap, maar het is ook niet wetenschappelijk vastgesteld dat het veilig is en de langetermijneffecten zijn nog onbekend. De echoapparatuur die bij zwangerschapsecho’s wordt gebruikt, is wel afgesteld met veiligheidsmarges om te voorkomen dat de temperatuur van de baby te veel stijgt door de geluidsgolven. De Koninklijke Nederlandse Vereniging van Verloskundigen raadt aan alleen een echo te laten maken als dit nuttige informatie kan opleveren.

Een echo is niet verplicht

Dat echo’s standaard worden aangeboden, betekent niet dat ze verplicht zijn. Je mag bij elke echo zelf kiezen of je dit wilt en wat je wel en niet wilt weten. Bij die keuze kunnen allerlei redenen meespelen. Meestal is het leuk om op een echo naar je baby te kijken en van een deskundige te horen wat er allemaal te zien is. Het kan je ook geruststellen om te weten hoe het met je baby gaat.

Aan de andere kant is een echo een momentopname. Ook is er altijd een kans dat er iets uit naar voren komt wat je bezorgd maakt. Vaak blijken de zorgen later ongegrond, maar dan heb je er wel stress van gehad. In enkele gevallen is er slecht nieuws en het is heel persoonlijk of je dit tijdens de zwangerschap al wilt horen. Het is dus verstandig om hierbij stil te staan voordat je een echo laat maken. Je verloskundige kan je hier informatie over geven en het RIVM heeft een keuzehulp gemaakt die je hierbij kan helpen.

Alles over prenatale diagnostiek, van vlokkentest tot vruchtwaterpunctie.

Karlijn Janssen

Verloskundige

Karlijn Janssen is sinds 2010 verloskundige en heeft enkele jaren haar eigen verloskundigenpraktijk gehad. Op dit moment werkt ze bij Geboortecentrum Amsterdam. Karlijn geeft advies en voorlichting aan zwangere vrouwen en hun eventuele partner. Ze specialiseert zich momenteel ook tot echoscopiste. Ze heeft twee zonen.

Contact
Website