tot welke leeftijd borstvoeding

Hoe lang borstvoeding geven?

Borstvoeding geven is een mooi en intiem moment tussen jou en je baby. Hoe lang je borstvoeding geeft, is voor iedere moeder anders. Maar wat is het advies?

Huid-op-huid-contact

Het hebben van huid-op-huidcontact is belangrijk voor je baby. Door regelmatig bloot op bloot bij zijn moeder en vader te liggen, kan hij zich op een gezonde manier hechten en voelt hij zich veilig en geborgen. Als het kan, leg je je baby direct na de geboorte bloot en toegedekt op je borst. Eerst moet hij even bijkomen van de bevalling en dan wil hij op een gegeven moment drinken. Dit geeft hij aan door met zijn gezicht je borst te zoeken, op zijn handje te sabbelen, te smakken en geluidjes te maken.

Is je baby sterk en actief genoeg, dan zal hij, als hij daarvoor rustig de tijd krijgt, zelf naar je borst tijgeren en de tepel zoeken. Dit noem je ook wel de breast crawl en baby’s weten instinctief hoe dit moet. Als je het eerste uur na de geboorte ongestoord met je baby kunt doorbrengen, is de kans het grootst dat de borstvoeding op de natuurlijke manier vanzelf goed gaat.

Loopt de bevalling onverhoopt anders en kun je je baby niet binnen korte tijd rustig aanleggen, dan betekent dit niet dat borstvoeding geen optie meer is. Ook als er meer tijd tussen zit, of na een keizersnede, kan het helemaal goed komen met de borstvoeding.

Lees hier alles over de verschillende borstvoedingshoudingen.

Hoe lang geef je borstvoeding?

Er is geen eenduidig, pasklaar antwoord op de vraag hoe lang je borstvoeding moet geven. Allereerst gaat het er natuurlijk om wat je wílt en wat lukt. Wel geeft de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) als algemeen advies dat moeders hun baby het beste de eerste zes maanden uitsluitend borstvoeding kunnen geven en daarna gecombineerd met bijvoeding in elk geval tot het kind twee jaar is. Dit advies geldt voor alle moeders en dus niet – zoals veel mensen denken – alleen voor moeders in ontwikkelingslanden. Na zes maanden krijgt je baby naast de moedermelk ook bijvoeding. Als je baby vier maanden is, kun je al oefenen met het geven van zijn eerste hapjes.

Het is aan jou om te bepalen tot wanneer je je kind de borst wilt geven. Misschien kun je geen borstvoeding meer geven door bepaalde omstandigheden of wil je op een gegeven moment liever overstappen op kunstvoeding. Denk niet dat je faalt als de borstvoeding niet (zo lang) lukt. Alles wat je baby aan moedermelk heeft binnengekregen, is meegenomen. Zelfs als je alleen colostrum geeft – dit is de allereerste moedermelk – doe je iets heel belangrijks voor je baby: je geeft hem daarmee essentiële antistoffen tegen infecties.

Moeilijk moment

Veel moeders die borstvoeding geven hebben na drie maanden een moeilijk moment door een daling van de hoeveelheid prolactine, het hormoon dat de melkproductie stimuleert. Vaak moeten moeders tijdelijk wat meer energie in het voeden stoppen om het vol te houden, terwijl de baby rond die tijd juist wat meer melk nodig heeft. Als je je baby voedt op verzoek en hem dus aanlegt als hij daarom vraagt, krikt hij de productie vanzelf op naar het gewenste niveau. Check ook ons handige voedingsschema borstvoeding.

Lees meer: Hoe weet je of je te weinig borstvoeding aanmaakt?

Flesvoeding

Als je geen borstvoeding kunt of wilt geven, kun je flesvoeding geven (ook wel kunstvoeding genoemd). Deze voeding is kwalitatief goed en veilig. De fabrikanten proberen de moedermelk zo goed mogelijk na te maken en worden daar steeds knapper in, maar helemaal hetzelfde zal het nooit zijn. Dat komt omdat moedermelk ‘maatwerk’ is: het verandert voortdurend van samenstelling om precies te voldoen aan de individuele behoefte van het kind.

Borstvoeding en werken

Als je borstvoeding geeft en weer gaat werken, kun je de melk afkolven op je werk. Als werknemer heb je het recht om gedurende negen maanden na de geboorte je werk te onderbreken om je baby te voeden of voor de baby te kolven. Je mag hiervoor een vierde van je werktijd benutten. De onderbreking valt onder werktijd. De werkgever is verplicht om je een ruimte aan te bieden waarin je rustig kunt kolven.

Als je net bent begonnen met werken en je moet afkolven, kan het gebeuren dat je melkproductie wat minder is. Op je vrije dagen kun je je baby gewoon weer aanleggen. Je baby kan wat vaker om je borst vragen. Dat is normaal en het handige is dat je melkproductie daardoor weer toeneemt en goed in stand blijft.

Lees meer: Kolven op de werkvloer: dit zijn je rechten

Redenen om met borstvoeding te stoppen

Het is heel verschillend en persoonlijk wanneer en waarom vrouwen stoppen met borstvoeding geven. Vaak is een reden dat ze het lastig te combineren vinden met hun werk. Wil je eigenlijk niet stoppen, maar heb je het gevoel dat je moet opgeven omdat het niet goed lukt, pijn doet of omdat je te weinig melk hebt, dan kan hulp van een lactatiekundige veel verschil maken. Soms is er een simpele oplossing die ervoor zorgt dat het voeden beter gaat en alsnog genieten wordt. Maar als het je te veel stress oplevert, kan dat ook een afweging zijn om voor flesvoeding te kiezen.

De ene vrouw vindt het op een gegeven moment genoeg geweest en verlangt naar meer vrijheid. De andere vrouw wil haar kind af en toe nog borstvoeding geven tot hij naar school gaat of tot hij zelf aangeeft het niet meer te willen. Borstvoeding is niet alleen voeding, maar ook een intiem moment met je kind of een manier om ontspanning of troost te geven. Ook dat kan een reden zijn om ermee door te gaan. Doe wat het beste voelt voor jou en trek je weinig aan van de mening van anderen.

Borstvoeding afbouwen

Als je besluit om te stoppen met borstvoeding geven, moet je dit rustig afbouwen. Dit duurt twee tot vier weken. Hoe snel het gaat hangt af van je melkproductie. Stop je te snel, dan loop je het risico dat je een borstontsteking krijgt. Moet of wil je toch in één keer stoppen met borstvoeding, dan kun je kolven en dit afbouwen tot je melkproductie genoeg is afgenomen. Je kunt kiezen of je de borstvoeding die je weglaat vervangt door kunstvoeding of door vast voedsel, afhankelijk van de leeftijd van je baby.

Lees meer: Borstvoeding afbouwen: hoe doe je dat?

Vanaf wanneer ‘gewone’ melk en waarom?

Melkvoeding blijft tot ongeveer acht maanden de belangrijkste bron van voedingsstoffen. Als je borstvoeding geeft, past de samenstelling van de moedermelk zich vanzelf aan aan de ontwikkelingsfase en behoefte van je kind. Geef je kunstvoeding, dan stap je na zes maanden over op opvolgmelk. Dit is beter afgestemd op wat je kind nodig heeft. Zo bevat opvolgmelk meer ijzer. Bij de geboorte krijgt je kind daar een voorraadje van mee, maar het is belangrijk dit op tijd aan te vullen. Ook als je rond een half jaar stopt met borstvoeding, is opvolgmelk een verstandige keuze.

Lees meer: Is ‘gewone’ melk gezond voor je kind?

Gewone melk geef je pas vanaf één jaar, omdat het te weinig ijzer en te veel eiwit bevat. Deze hoeveelheid eiwit kunnen de nieren van een jong kind nog niet verwerken. Af en toe een slokje of een klein bakje yoghurt is vanaf acht maanden niet meteen schadelijk, zolang het geen grote hoeveelheden zijn en het geen voeding vervangt. Na een fase met oefenhapjes kun je de maaltijden zo groot maken dat ze een melkvoeding vervangen. Doe dit stapsgewijs: neem de tijd om de porties steeds groter te maken.

Koemelkallergie

De meest voorkomende voedselallergie bij baby’s is koemelkallergie, ook wel koemelkeiwitallergie genoemd. Jaarlijks wordt bij ongeveer 3.500 baby’s een koemelkallergie vastgesteld. Het is een lastige allergie, omdat koemelkeiwit in alle melkproducten voorkomt, dus ook in kunstvoeding. Zelfs borstvoeding kan kleine hoeveelheden koemelkeiwit bevatten.

Lees meer: Mijn baby heeft koemelkallergie, wat nu?

Annelies de Haan

Lactatiedeskundige

Annelies de Haan is lactatiekundige met een eigen praktijk, anneliesdehaan.nl. Ze helpt moeders die hulp nodig hebben bij het geven van borstvoeding. Daarnaast geeft ze borstvoedingscursussen aan zwangeren en hun partner (ook in het Engels). Annelies heeft twee kinderen.