opvoeden prepuber

10 tips voor het opvoeden van een prepuber

Is je kind een jaar of tien dan komt hij in de prepuberteit. Opeens verandert je vrolijke tiener in een nukkige prepuber met een grote mond. Hoe blijf je in touch met je kind tijdens deze lastige fase? Hier 10 handige tips.

Wat is de prepuberteit?

De meeste kinderen komen rond de leeftijd jaar van een jaar of tien in de prepuberteit. Meisjes vaak iets eerder dan jongens. Tijdens de prepuberteit kan je tiener een compleet ander kind worden. Dwars doen, een grote mond geven, niks meer willen vertellen over wat hij op school heeft meegemaakt. Hoe lastig ook, deze fase hoort bij zijn ontwikkeling. Je kind is zijn grenzen aan het verkennen en zijn eigen identiteit aan het ontdekken. Goed dus om te weten hoe je het beste om kunt gaan met je prepuber.

Advertentie
  1. Voel je niet afgewezen
    Voel je niet afgewezen door je kind. Het feit dat hij niet meer alles met je wil delen, geen kus of knuffel meer wil op het schoolplein, of brutaal tegen je doet, heeft niets met jou te maken. De prepuberteit is een fase in de ontwikkeling waarbij het normaal is dat je kind zich tegen zijn ouders gaat afzetten. Je kind neemt afstand van jou. Misschien vind je dat moeilijk, maar het is belangrijk voor de ontwikkeling van zijn zelfstandigheid dat je kind die ruimte krijgt. Dwing je kind niet om je alles te vertellen. Hij mag nu best wat geheimen hebben, waar jij niks vanaf weet.
  2. Neem de tijd voor je kind
    Tijdens de prepuberteit is het belangrijk om open te blijven communiceren met je kind. Zorg daarom regelmatig voor wat quality time met je kind. Ga regelmatig met z’n tweetjes wat leuks doen en zorg dan dat je telefoon uitstaat en je niet ondertussen half aan het werk bent. Zo’n momentje samen is niet alleen gezellig, maar als je kind voelt dat hij jouw onverdeelde aandacht heeft, geeft dat hem het gevoel dat hij bij jou terecht kan als hij ergens mee zit.
  3. Geen vragenvuur
    Bij jonge kinderen werkt het goed om directe vragen te stellen: ‘Hoe was het op school?’, ‘Met wie heb je gespeeld?’ en ‘Welk cijfer had je voor je toets?’ Maar is je kind een prepuber, dan werken die vragen niet meer. Je kind heeft waarschijnlijk helemaal geen zin om antwoord te geven op jouw vragenvuur. Het werkt daarom beter om je vragen even voor je te houden. Ga gewoon bij je kind zitten als hij uit school komt en luister eerst eens wat je kind zelf te vertellen heeft. Door gewoon te luisteren krijg je waarschijnlijk meer informatie over het leven van je kind, dan door hem te ondervragen.Reageer tijdens zo’n gesprek wel op wat hij vertelt, door zijn gevoelens te beamen, of hem advies te geven als hij ergens mee zit. Probeer niet de problemen voor je kind op te lossen, maar laat het hem zelf doen. Leestip: Zo vertelt je kind meer over school
  4. Niet te veel oordelen
    Let een beetje op wat je zegt als je met je kind praat. Belangrijk is om niet altijd gelijk een oordeel te hebben. Zo lang je kind het gevoel heeft dat hij open met jou kan praten, blijft hij je dingen vertellen. Maar als jij overal gelijk een oordeel over hebt, zal je kind op den duur steeds minder met je delen. Let hier ook op als je met je partner of vriendinnen kletst, bijvoorbeeld over andermans kinderen waarvan jij vindt dat ze zich slecht gedragen. Je kind pikt alles op wat jij zegt, ook al is hij geen onderdeel van het gesprek.  Als jij continu over anderen oordeelt, hoort je kind dat. Daardoor zal je kind minder snel geneigd zijn om zijn verhalen met jou te delen.
  5. Kijk mee met wat je kind kijkt
    Of het nou op tv is, op de spelcomputer, op internet of social media: probeer zo veel mogelijk mee te kijken met wat jouw kind kijkt. Niet alleen om te checken of je kind ongeschikte dingen bekijkt, maar ook om je interesse te tonen in wat je kind leuk vindt. Het is belangrijk dat jullie samen kunnen praten over zijn favoriete tv-programma, of samen kunnen lachen om een filmpje op internet. Daarnaast kan het jullie in gesprek brengen over onderwerpen die anders misschien nooit aan bod zouden komen.
  6. Ga het gesprek aan over ‘moeilijke’ onderwerpen
    Wees niet bang om met je prepuber het gesprek aan te gaan over lichamelijke veranderingen in de puberteit, maar ook over seks, drugs en alcohol. Dat voelt misschien vroeg, maar het is verstandig om er al over te praten vóórdat je kind ermee in aanraking komt. En dat gebeurt hoe dan ook, vroeg of laat. Zo heeft ongeveer 20% van de kinderen al eens alcohol geproefd voor hun twaalfde verjaardag. Ook zien kinderen steeds vaker seksbeelden online. Praat dus met je kind over deze onderwerpen of geef hem informatiefolders die hij zelf kan bekijken. Lees ook: Seksuele voorlichting geven aan je kind, zo doe je dat
  7. Reageer niet te heftig
    Als je kind verdrietig of boos thuiskomt omdat er iets vervelends is gebeurd, probeer dan rustig te reageren. Als je heftig reageert, kan je kind namelijk nog meer van streek raken. Een voorbeeld: je kind is verdrietig omdat hij niet is uitgenodigd op een slaapfeestje van een klasgenoot. De ouder gaat daar helemaal in mee en roept: ‘Niet te geloven, wat ontzettend gemeen. Ik ga gelijk de moeder bellen!’ Daarmee versterk je het drama en maak je zijn verdriet alleen maar groter. Wat je beter kunt doen: beaam rustig z’n gevoelens. ‘Ik snap dat je het jammer vindt dat je niet bent uitgenodigd.’ Stel een alternatief voor: maak er samen een leuke avond van, door in pyjama jullie favoriete film te kijken met een grote bak popcorn erbij. Tips: Je geduld verliezen, zo voorkom je dat
  8. Geef je kind verantwoordelijkheid
    In de prepuberteit wordt je kind steeds zelfstandiger en leert hij zelf verantwoordelijkheid te nemen. Geef hem de mogelijkheid om daarmee te oefenen. Moedig je kind aan om zelfstandig problemen op te lossen. Geef wel aan dat hij jou altijd om hulp kan vragen. Laat je kind verder meedenken bij het maken van afspraken en regels in huis. Dat geeft hem het gevoel dat hij gehoord wordt. Plus: als hij heeft meegedacht over de regels, is hij eerder geneigd zich aan die regels te houden. Opvoedtips: Zo kun je je puber het beste helpen
  9. Wees flexibel
    Opvoeden is een kwestie van vallen en opstaan, van zoeken naar balans. De ene aanpak werkt wel, de ander niet. En een aanpak die voorheen heel effectief was, kan tijdens de prepuberteit opeens niet meer werken. Het gedrag van je kind kan erg wisselend zijn in deze periode, dus hou daar rekening mee en ga daar flexibel mee om. Soms doe je twee stappen vooruit, dan weer een stap terug. Grenzen stellen is goed en belangrijk, maar als die grenzen te vaak tot strijd leiden, kom je kind dan ook eens tegemoet en overleg samen of je de grenzen iets op kunt rekken.
  10. Zorg goed voor jezelf
    En last but not least, denk ook goed aan jezelf. Het opvoeden van een prepuber kan behoorlijk pittig zijn. Het is heel normaal dat het soms bijna niet meer op kan brengen. Zorg ervoor dat je niet opgebrand raakt. Als jouw lontje steeds korter wordt, voelt je kind dat aan, waardoor hij zich nog dwarser gaat gedragen. Neem dus regelmatig tijd voor jezelf. Ga iets leuks doen, een stuk wandelen, ontspannen in de sauna, of een boek lezen. Of praat met iemand over je worstelingen; dat lucht op.Het kan wat moeite kosten, maar probeer altijd op een geduldige en open manier te blijven communiceren met je prepuber. Als je kind het gevoel heeft dat hij thuis bij jou een veilige haven heeft, wat er ook gebeurt, dan legt dat alvast een goede basis om de puberteit zo soepel mogelijk te laten verlopen.Lees ook: Wanneer komt je kind in de puberteit?

Lees hier meer over het puberbrein.