afgeplat hoofdje, baby

Een afgeplat hoofdje: wat is het en hoe kun je het voorkomen?

Een afgeplat hoofdje kan ontstaan doordat je baby een voorkeurshouding heeft. Hoe kan dat gebeuren en wat is eraan te doen? Plus: veel tips om zelf een afgeplat hoofdje te helpen voorkomen.

Wat is een afgeplat hoofdje?

Een afgeplat hoofdje ontstaat als een baby te vaak en te lang in een voorkeurshouding ligt. Ongeveer acht op de tien baby’s ontwikkelt een voorkeurshouding: een houding waarbij een baby meer dan 75 procent van de tijd met zijn hoofd dezelfde kant op ligt. Doordat de schedel van een baby nog week is en daardoor makkelijk kan vervormen, kan er een afplatting van de schedel ontstaan.

Advertentie

Er zijn drie verschillende vormen van een afgeplat hoofdje bij baby’s: plagiocefalie, brachycefalie en een scafocefalie. Bij plagiocefalie (‘plagio’ betekent plat en ‘cefalie’ betekent hoofd) is er een afplatting aan één kant van het hoofdje: rechts of links. Als de afplatting centraal op het achterhoofd zit, is er sprake van brachycefalie, dat letterlijk ‘een kort hoofd’ betekent. Bij een scafocefalie is de schedel lang van voor- naar achterhoofd en smal van oor naar oor, en lijkt daardoor op de onderkant van een boot.

Wist je dat: 85 procent van de baby’s heeft in de baarmoeder al een favoriete kant om het hoofd naartoe te draaien.

Oorzaak afgeplat hoofdje

Sinds bij baby’s de rugligging wordt aanbevolen om wiegendood te voorkomen, neemt het aantal kinderen met een afgeplat hoofdje toe. Meestal is een voorkeurshouding in de eerste maanden na de geboorte de oorzaak. De meeste baby’s houden hier na een aantal weken vanzelf weer mee op, waardoor de afplatting vanzelf verdwijnt. Maar sommige baby’s blijven hun hoofd telkens naar één kant draaien of recht naar boven kijken. Door de langdurige druk op een bepaalde plek op het hoofd kan deze uiteindelijk zichtbaar platter worden. De structuur van de schedelbeenderen is bij baby’s namelijk nog week, waardoor de vorm van de schedel kan worden beïnvloed door de zwaartekracht en druk.

Voorkeurshouding
Deze afwijkende hoofdvormen komen regelmatig voor bij baby’s (Bredenkamp et al., 1990; Clarren et al., 1979; Golden et al., 1999; Littlefield et al., 2002; Mulliken et al., 1999).

Niet ernstig

Bij de meeste kinderen verdwijnt de schedelvervorming vanzelf en is dit later niet of nauwelijks meer te zien. Bij minder dan vijf procent van de kinderen blijft de vorm van de schedel op de lange termijn asymmetrisch of op een andere manier afwijkend. Dit heeft verder geen gevolgen voor de ontwikkeling: die verloopt bij kinderen met plagiocefalie, brachycefalie en scafocefalie hetzelfde als bij kinderen zonder schedelvervorming. Een afgeplat hoofdje kan wel cosmetische gevolgen hebben. De stand van de oren kan bijvoorbeeld ongelijk worden door de afplatting van het achterhoofd. Bij heel ernstige gevallen kunnen ook de kaak en de wangen vervormd raken.

Afgeplat hoofdje voorkomen

Als het hoofdje van je baby langdurig eenzijdig wordt belast, kan het afplatten of scheefgroeien. Voorkomen dat dit gebeurt, is vooral een kwestie van goed opletten. Merk je dat je baby een voorkeurshouding heeft, onderneem dan actie. Hoe langer je wacht, hoe moeilijker het probleem te verhelpen is. Dit kun je doen om een afgeplat hoofdje te voorkomen als je baby een voorkeurshouding heeft.

Als je baby wakker is

1. Tips voor het slapen

  • Leg je baby als hij wakker is minimaal drie keer per dag op de buik. Blijf er altijd bij om toezicht te houden. Begin hiermee in de eerste weken, bijvoorbeeld tijdens het verschonen. Je kunt beginnen met drie tot vijf keer per dag, één tot vijf minuten. Breid dit uit naar vijf keer vijftien of drie keer dertig minuten per dag op de leeftijd van drie maanden. Je baby ontwikkelt hierdoor sterke nekspieren, waardoor hij gemakkelijker naar alle kanten kan kijken.
  • Vindt je baby op de buik liggen niet meteen leuk, laat hem er dan aan wennen. Leg hem niet direct terug op zijn rug als hij huilt. Leid hem af of wieg hem zachtjes door zijn romp te bewegen, om hem te kalmeren.
  • Maak het je baby makkelijker om zijn hoofd op te tillen door met je hand op zijn billen te duwen, hem met zijn armen naar voren te leggen zodat hij op zijn ellebogen kan steunen, en een opgerolde handdoek onder zijn borstkas en oksels te leggen.
  • Maak er een spelletje van door een speeltje voor of naast zijn hoofd te bewegen.
  • Je kunt ook wat onderuit gezakt in een stoel gaan zitten en je baby op zijn buik op jouw buik leggen. Of leg hem dwars op je schoot en doe je knieën over elkaar. Hij ligt dan iets schuin en kan daardoor makkelijker zijn hoofd oprichten.
  • Gebruik als je baby wat ouder is liever de box en zo min mogelijk een autostoeltje of een ander stoeltje. Daarin kan hij niet goed gevarieerd bewegen.
  • Hang in de box een mobiel op navelhoogte en afwisselend wat meer naar rechts of links. Zo stimuleer je je baby om zijn hoofd naar verschillende richtingen te draaien.

2. Tips bij het voeden

  • Voed je baby in een licht ronde houding, zijn hoofd mag niet achterover liggen.
  • Voed je baby afwisselend op je linker- of rechterarm. Bij borstvoeding gebeurt dit automatisch, bij flesvoeding vraagt het soms om wat oefening. Probeer bij flesvoeding het hoofd in het midden te houden of iets naar de niet-voorkeurskant gedraaid.
  • Varieer voedingshoudingen: je kunt je baby bijvoorbeeld ook eens op je bovenbenen leggen, terwijl je je voeten laat steunen op een stoel of lage tafel.

Lees ookDit zijn de meest voorkomende borstvoedingshoudingen

3. Tips bij het verschonen

  • Probeer je baby zo min mogelijk omhoog te tillen onder de oksels of bij de benen. Rol hem bij het aan- en uitkleden en verschonen liever op zijn zij en buik en weer terug, om overal goed bij te kunnen.
  • Leg het aankleedkussen zo neer dat je baby met zijn voeten naar je toe ligt en niet vanaf één zijde wordt verzorgd.
  • Kun je het aankleedkussen alleen zo neerleggen dat jij naast je baby staat, leg je baby dan zo neer dat hij naar de niet-voorkeurskant moet draaien om jou te kunnen zien.
  • Bij het uit- en aankleden en na het verschonen kun je je baby ook op het aankleedkussen een paar minuten op de buik of op de zij leggen. Blijf er altijd bij.

4. Tips bij het dragen

  • Probeer je baby in een ronde houding te dragen. Zo vermindert de spanning in zijn nek en kan hij zijn hoofd beter zelf draaien. Zorg dat zijn benen en heupen licht gebogen zijn en dat zijn armen naar voren liggen.
  • Draag je baby niet met je handen onder zijn oksels.
  • Draag je baby zó op de arm dat hij spontaan naar de niet-voorkeurskant gaat kijken. Welke arm dit is, hangt af van waar hij graag naar kijkt. Dit varieert dus.
  • Je kunt je baby ook in buikligging op je arm dragen. Je ene arm ondersteunt zijn borst, met zijn hoofdje op je onderarm. Je andere arm gaat tussen zijn benen door en steunt onder zijn buik.

Als je baby slaapt

  • Leg je baby altijd op de rug te slapen en draai zijn hoofd de ene keer naar links en de andere keer naar rechts. Wissel zo af per slaapje. Gebruik als geheugensteun bijvoorbeeld een zakdoek die je links of rechts aan het ledikant of de wieg knoopt. Draai zijn hoofd voorzichtig terug als hij in zijn slaap toch weer naar de voorkeurskant is gedraaid. Lees ook: Mag een baby op zijn buik slapen?
  • Wordt je baby wakker als je zijn hoofdje draait? Dan is er een andere manier: leg hem eerst op zijn zij aan de niet-voorkeurskant. Wacht even tot hij rustig is en draai hem dan voorzichtig, heel langzaam terug naar rugligging, terwijl zijn hoofd naar de zijkant blijft liggen. Zijn hoofd blijft dan makkelijker naar de niet-voorkeurskant gedraaid liggen.
  • Baby’s kijken graag naar het licht (van een raam) of iets aantrekkelijks als een muziekdoosje. Een muziekdoosje kun je eventueel weghalen of aan de andere kant ophangen, maar een raam verplaatsen wordt lastig. Maak in dat geval regelmatig het bed andersom op, dus het hoofdeind wordt het voeteneind. Zo stimuleer je dat je baby zelf zijn hoofd naar de goede kant draait.
  • Voorkom dat je baby op zijn buik in slaap valt tijdens het spelen. Merk je dat hij moe wordt, leg hem dan voordat hij slaapt op zijn rug. Zo blijft hij gewend aan die slaaphouding.

Behandeling afgeplat hoofdje

Medisch gezien is een afgeplat hoofdje geen probleem. Met uitzondering van ernstige vormen, die gelukkig zeldzaam zijn. Bij de meeste kinderen komt een afplatting van het achterhoofd vanzelf weer goed. Zeker als je aan de slag gaat met de bovenstaande tips. Is het hoofdje van je kind afgeplat en blijft hij een voorkeurshouding houden, dan is het verstandig om dit te bespreken op het consultatiebureau. Als het nodig is kunnen ze je doorsturen naar een kinderfysiotherapeut of kinderosteopaat. Je kunt ook zelf een afspraak maken.

Kinderfysiotherapie

Een fysiotherapeut kan ondersteuning bieden als de voorkeurshouding van je baby moeilijk te corrigeren is. De kinderfysiotherapeut geeft je tips om de motorische ontwikkeling van je baby te bevorderen en instructies hoe je de niet-voorkeurskant kunt stimuleren. Ook leer je manieren om je baby zo gunstig mogelijk te tillen en dragen. Dit kun je ook leren bij een kinderosteopaat (zie verderop).

PCM-meting

De kinderfysiotherapeut kan een meting doen om de ernst van afplatting te bepalen. Dit heet een plagiocefalometrie-meting of PCM-meting. Dit doet geen pijn. Je baby krijgt een bandje om zijn hoofd. Op het bandje markeert de fysiotherapeut de loodrechte posities van de neus en de oren. Vervolgens haalt hij het bandje van het hoofd van je baby en kopieert dit op papier, om de exacte afmetingen te bepalen. Aan de hand van de PCM-meting wordt vastgesteld of verdere behandeling nodig is. Bij een volgende meting kan worden gekeken of er een vooruitgang (of achteruitgang) is.

Kinderosteopathie

Is er ondanks de oefeningen en kinderfysiotherapie te weinig resultaat? Dan kan de kinderosteopaat een mooie aanvulling zijn. De osteopaat onderzoekt het lichaam van je baby op verminderde beweeglijkheid en behandelt dit, zodat zijn schedelbotten en wervelkolom vrij kunnen bewegen. Zo probeert de osteopaat de beste voorwaarden te creëren voor je baby’s schedel en hersenen, zodat ze zich optimaal kunnen ontwikkelen. De kinderfysiotherapeut en de kinderosteopaat werken vaak nauw samen, allebei vanuit hun eigen expertise. Hier lees je meer over osteopathie voor baby’s.

Meer tips

Wil je meer weten over hoe je je baby het beste kunt helpen bij een goede beweeglijkheid, ontwikkeling van zijn spieren en een gezonde houding? Een kinderosteopaat of kinderfysiotherapeut kan je hierbij helpen. Ook kun je de volgende extra tips proberen:

Spelen op de rug:

  • Leg de baby zó in de box dat licht en geluid van de niet-voorkeurskant komen.
  • Trek de aandacht van je baby aan de niet-voorkeurskant. Hang eerst een speeltje midden boven hem op borsthoogte, bijvoorbeeld een bewegende mobiel of babygym. Verplaats het geleidelijk steeds verder naar de niet-voorkeurskant, dit mag zelfs tot buiten de box. Houd de voorkeurskant zo saai mogelijk en haal al het speelgoed daar weg. Kijk eventueel of je die kant donkerder kunt maken.

Spelen op de zij (altijd onder toezicht):

  • Als je baby een voorkeurshouding naar rechts heeft en uit zichzelf veel beweegt, leg hem dan op zijn rechterzij neer. Wanneer je baby dan ‘rondkijkt’, zal hij zijn hoofd vaker naar links draaien. Hij versterkt daarmee de spieren die de voorkeurshouding opheffen.
  • Heeft je baby een voorkeurshouding naar rechts heeft en beweegt hij uit zichzelf niet veel, leg hem dan op zijn linkerzij neer. Hij laat dan zijn hoofd in het midden liggen. Gaat hij zijn hoofd toch optillen, leg hem dan alsnog op zijn rechterzij.
  • Bij een voorkeurshouding naar links, doe je uiteraard het tegenovergestelde.

Op schoot en in een stoeltje:

  • Leg de enkel van je ene been op je andere been en laat je baby op je schoot zitten in het kuiltje dat zo ontstaat. Hierbij liggen de benen van je baby wat hoger en worden zijn schouders en hoofd goed ondersteund. Hij kan zijn armen zo makkelijker naar voren doen om te spelen.
  • Leg je baby met zijn voeten naar je toe op schoot. Zo kun je met hem praten, zingen of spelletjes doen. Wieg hem eventueel rustig met je benen.
  • Ze je baby alleen in een autostoeltje om hem te vervoeren in de auto. Laat hem hooguit een paar keer per dag kort in een wipstoeltje liggen, liefst niet langer dan een kwartier per keer. Zet het stoeltje dan wel in de ligstand.

Lees ook ons uitgebreide artikel: mijn baby heeft een voorkeurshouding.

Anne Kuilboer

Kinderosteopaat

Anne Kuilboer is trotse moeder van twee kinderen en eigenaar van Osteopathie Kuilboer in Hoorn. Na haar opleiding fysiotherapie is zij osteopathie gaan studeren. Vanuit deze opleiding heeft zij zich gespecialiseerd op het gebied van baby’s, kinderen en zwangere vrouwen.

In de praktijk ziet ze kinderen met allerlei soorten klachten zoals: voorkeurshouding/afplatting, nazorg tong/lipband problematiek, darmkrampjes, huilbaby’s, slaapstoornissen, overstrekken en motorische achterstanden. Ze werkt nauw samen met kinderfysiotherapeuten, lactatiekundigen en tandartsen.

Voor meer informatie: kijk op: Osteopathie Kuilboer en voor achtergrond:
Mam&B
Facebook
LinkedIn