kort tongriempje

Kort tongriempje: doorknippen of niet?

Heeft je baby een te kort tongriempje, dan kan dat voor problemen zorgen tijdens de borstvoeding of het geven van de fles. Op latere leeftijd kan een korte tongriem onder andere zorgen voor spraakproblemen bij je kind. Er wordt dan ook vaak geadviseerd een kort tongriempje door te knippen. Maar is dat wel echt nodig? En hoe gaat dat in z’n werk?

Wat is een (te) kort tongriempje?

De tongriem, medische naam: frenulum linguae, is een soort velletje waarmee de tong vastzit aan de bodem van de mond. Iedereen heeft een tongriempje: kijk maar eens in de spiegel en til je tong op. Als het goed is, kun jij je tong zonder problemen optillen of uitsteken. Is een tongriem te kort is, dan lukt dat niet. De tong heeft dan een v-vorm als je hem optilt of de vorm van een hart als je hem uitsteekt. Dit komt omdat een te korte tongriem erg strak is of vast zit aan het puntje van de tong. Een te korte tongriem kan bij baby’s problemen geven tijdens het voeden en op latere leeftijd onder andere voor spraakproblemen zorgen. Er wordt dan ook vaak geadviseerd een te korte tongriem door te knippen. Al zijn er ook artsen die twijfelen aan het nut van deze ingreep.

Borstvoeding en korte tongriem baby

Een (te) korte tongriem komt regelmatig voor bij pasgeboren baby’s (circa 3%) en is in de helft van de gevallen erfelijk. Heeft je baby een korte tongriem, dan hoef je je geen zorgen te maken. Wel kan het problemen geven bij het voeden: vooral als je borstvoeding geeft. Als je baby zijn tong niet goed kan bewegen, kan hij moeite hebben om op de juiste manier te drinken. Gaat het geven van borstvoeding moeilijk en herken je de volgende dingen, dan kan het zijn dat je kind een te korte tongriem heeft:

  • klikkend of smakkend geluid tijdens het voeden
  • aanleggen gaat moeilijk of hij laat steeds los
  • je baby groeit niet goed
  • pijnlijke tepels of tepelkloven
  • je borst wordt niet goed leeggedronken
  • stuwing of juist vermindering melkproductie

Flesvoeding en korte tongriem baby

Ook als je baby flesvoeding krijgt, kan een kort tongriempje problemen geven. Om goed te kunnen drinken, moet je baby van de flessenspeen een vacuüm maken. Gaat dit niet goed, dan komt er lucht met de voeding mee en kan je baby last krijgen van buikkrampen. Ook kan het ervoor zorgen dat hij niet voldoende voeding binnenkrijgt en onrustig drinkt.

Gevolgen korte tongriem kind

Wordt er niets gedaan aan een (te) kort tongriempje en scheurt het niet spontaan, dan kan je kind daar op latere leeftijd last van krijgen. Een (te) korte tongriem kan problemen geven bij het duidelijk uitspreken van woorden en letters: vooral de T, D, Z, S, TH, N en L zijn dan lastig. Ook kan het daardoor moeilijk zijn om een blaasinstrument te bespelen, aan een ijsje te likken en zal tongzoenen als hij groot is ook geen succes worden. Verder vergroot het de kans op gaatjes, omdat etensresten niet met de tong verwijderd worden.

Hazelbakerscore

Als er twijfel is of een baby last heeft van een kort tongriempje, kan de verloskundige, lactatiedeskundige of arts de tong beoordelen aan de hand van de Hazelbakerscore. Dit is een lijst met daarop allerlei kenmerken en functionaliteiten van de tong waaraan punten verbonden zijn. Zo is een erg elastische tongriem bijvoorbeeld goed voor twee punten, een matig elastische tongriem voor één punt en een niet elastische nul. Vervolgens worden alle punten bij elkaar opgeteld. Is de functionele score lager dan elf, dan moet een behandeling overwogen worden. Dit is ook het geval als de uiterlijke kenmerken in het totaal minder dan 8 punten opleveren.

Knippen of niet?

Een te kort tongriempje komt voor in allerlei gradaties: van heel erg kort tot een beetje en van redelijk flexibel tot heel stug. Niet elke baby heeft dan ook last van een te kort tongriempje. Soms merk je er niets van. Drinkt je baby ook gewoon goed, dan hoef je er niets aan te laten doen. Meestal scheurt het tongriempje als je kind wat ouder is vanzelf spontaan, tijdens het eten met een lepel bijvoorbeeld.

Heeft je baby moeite met drinken, dan kan inknippen (ook wel doorknippen of klieven genoemd) van het korte tongriempje helpen. Maar let op: niet alle artsen en verloskundigen zijn hier voorstanders van. Er zijn verschillende redenen waarom sommige mensen tegen het klieven van het tongriempje baby’s zijn:

  • Problemen bij het voeden worden volgens hen té vaak toegeschreven aan een te korte tongriem
  • Een te korte tongriem zou geen spraakproblemen geven
  • Het probleem verdwijnt vanzelf door het oprekken of scheuren van het tongriempje
  • De mond is heel gevoelig en tegenstanders zien de ingreep dan ook niet als simpel en pijnloos
  • Elke ingreep is er één te veel
  • Een doorgeknipte tongriem kan weer aan elkaar groeien, waardoor er opnieuw moet worden ingegrepen

Volgens het merendeel van de verloskundigen, lactatiedeskundigen en artsen is de ingreep wél simpel en vrijwel pijnloos. Er zitten bijna geen bloedvaten en zenuwen in het tongriempje, waardoor de baby bijna niets merkt van de ingreep en het bloed ook nauwelijks. Bovendien kan je het volgens hen beter zo snel mogelijk laten (liefst voor je baby zes weken is), dan wachten tot je kind er later problemen mee krijgt. De ingreep is dan namelijk lastiger en wel pijnlijk. Niet voor niets werd een te korte tongriem in de achttiende eeuw door vroedvrouwen direct na de bevalling met een scherpe nagel even snel verholpen.

Knippen tongriem baby

Het doorknippen van het tongriempje, frenulotomie, klinkt heftiger dan het is. Het is een eenvoudige, eeuwenoude ingreep en is meestal in een paar seconden gepiept. Is je baby jonger dan zes weken, dan kan de verloskundige of een lactatiedeskundige de ingreep doen als hij of zij daar ervaren in is. Is je baby ouder, dan kun je terecht bij een KNO- of kinderarts. Veel artsen adviseren niet te lang te wachten met de ingreep: hoe jonger je kind is als een te korte tongriem wordt doorgeknipt, hoe minder last hij van de ingreep heeft.

Zo’n frenulotomie gaat als volgt. De persoon die knipt, pakt de tong met duim en wijsvinger vast en trekt deze omhoog of er wordt een steel met een hartje aan het uiteinde tegen de onderkant van de tong gezet om de tong te beschermen, zodat de tongriem zichtbaar wordt. Met een smalle, steriele schaar wordt vervolgens een knipje in de tongriem gezet. Soms is het nodig om nog een keer te knippen.

Maak je geen zorgen, er zitten bijna geen bloedvaten en zenuwen in het tongriempje, dus het doet bijna geen pijn en bloed meestal nauwelijks. Uiteraard is het wel belangrijk dat het gedaan wordt door iemand met ervaring. Tijdens dit onderzoek naar het inknippen van de tongriem bij jonge baby’s, sliep een groot deel van de baby’s (18%) dan ook door de behandeling heen. En de baby’s die huilden, deden dat maar een paar seconden. Er hoeft niet gehecht te worden en het wondje geneest vanzelf. Na de ingreep mag je je baby al na ongeveer een kwartiertje weer laten drinken. Vaak gaat het voeden direct een stuk makkelijker dan daarvoor, al kan het ook zijn dat je baby even moet wennen aan de nieuwe manier van drinken. Het wondje geneest vanzelf en groeit vanzelf dicht. Een heel enkele keer is er een hechting nodig: deze lost vanzelf op na verloop van tijd.

Knippen tongriem ouder kind

Bij kinderen is de behandeling van een korte tongriem moeilijker dan bij een baby. De tongriem is dan steviger van structuur en daardoor lastiger in te knippen. Ook is de ingreep op latere leeftijd pijnlijker. Is een kind ouder dan zes weken, dan wordt de behandeling daarom altijd door een KNO- of kinderarts gedaan. Vaak met verdoving of zelfs onder narcose als een kind ouder is.

Moet het knippen van een te korte tongriem onder narcose gebeuren, dan wordt je kind op de dagbehandeling van het ziekenhuis opgenomen. Verloopt de operatie zonder problemen en zijn er ook daarna geen complicaties en voelt je kind zich weer goed, dan mag hij zo’n twee uur na de ingreep naar huis. Meestal wordt de tongriem tijdens de operatie met een speciale schaar ingeknipt. Er zijn ook artsen die een kort tongriempje losser maken door middel van laseren. Meestal geneest het wondje vanzelf, maar een wat grotere wond moet soms worden gehecht. Deze hechtingen lossen vanzelf op binnen ongeveer twee weken en hoeven er later dus niet meer uitgehaald te worden.

Nelleke de Kom

Jeugdarts

Nelleke de Kom is jeugdarts bij de GGD Hollands Noorden in Alkmaar. Ze beantwoordt bijna dagelijks vragen over baby's, peuters en schoolkinderen. Nelleke heeft zelf twee kinderen; een jongen van vier jaar oud en een meisje van twee.