Alles over trommelvliesbuisjes

Alles over trommelvliesbuisjes

Heeft je kind vaak oorontsteking? Tijd voor buisjes! Of niet? Wat zijn trommelvliesbuisjes, wanneer heeft je kind ze nodig en hoe ga je ermee om?

Wat zijn trommelvliesbuisjes?

Trommelvliesbuisjes zijn kleine plastic buisjes van ongeveer 1,5 millimeter groot: nog kleiner dan een luciferkop dus. De buisjes zien eruit als mini-diabolo’s. Ze worden in het trommelvlies van je kind geplaatst, waardoor er een tijdelijke opening ontstaat tussen het middenoor en de uitwendige gehoorgang. Via de buisjes kan ontstekingsvocht of slijm weglopen uit het middenoor. Ook komt er via die buisjes weer lucht in het oor terecht, waardoor geluid beter doorkomt en je kind beter gaat horen.

trommelvliesbuisjes

Wanneer zijn buisjes nodig?

Een kind krijgt buisjes bij bijvoorbeeld oorpijn of omdat hij al een tijdje niet goed kan horen. Er zijn verschillende ooraandoeningen waarbij het plaatsen van buisjes de oplossing kan zijn. Meestal werkt de buis van Eustachius (de doorgang tussen de neus-keelholte en het middenoor) niet goed, of zit deze verstopt. Eerst wordt altijd goed onderzocht wat precies de oorzaak is van de oorpijn of gehoorproblemen bij je kind. Een verstopte buis van Eustachius kan ook komen door een flinke neusverkoudheid. In dat geval zijn buisjes waarschijnlijk niet nodig.

De meest voorkomende redenen voor buisjes zijn:

  • Als je kind meerdere middenoorontstekingen heeft gehad; de richtlijn is drie keer in zes maanden of vier keer in één jaar. Vaak heeft je kind dan ook regelmatig een loopoor. De huisarts verwijst je kind in dat geval door naar de kno-arts om te beoordelen of buisjes nodig zijn.
  • Langdurig gehoorverlies door vocht of taai slijm achter het trommelvlies (ook wel een ‘lijmoor’ genoemd) kan ook een reden zijn om buisjes te plaatsen. Als een hoortest meer dan 25 decibel gehoorverlies laat zien, of als je kind een duidelijke spraak- of taalachterstand heeft, komt hij in aanmerking voor buisjes.
Belangrijk

Een verwaarloosde middenoorontsteking kan tot ernstige complicaties leiden; laat het dus nooit zomaar op z'n beloop.

tip

Oorontsteking

Als je kind oorontsteking heeft, zijn er via de buis van Eustachius bacteriën en/of het verkoudheidsvirus in het middenoor terechtgekomen. Het middenoor is het gedeelte van het oor achter het trommelvlies. Daardoor kan het middenoor gaan ontsteken en de buis van Eustachius gaan dichtzitten, omdat slijm en pus zich ophopen in de buis en niet meer kunnen worden afgevoerd naar de neus. De ontsteking en het ontstekingsvocht zitten ‘vast’ tussen de verstopte buis van Eustachius en het trommelvlies. Hierdoor komt er druk op het trommelvlies te staan en krijgt je kind oorpijn.

Tijdens de oorontsteking kan je kind ook last hebben van doofheid aan het aangedane oor. Als de druk te hoog wordt, kan er een klein scheurtje in het trommelvlies ontstaan, waardoor het ontstekingsvocht naar buiten loopt (loopoor). Hierna neemt de oorpijn af, doordat de druk op het trommelvlies minder wordt.

Oorontstekingen komen vaak voor bij jonge kinderen. Vooral kinderen tussen de negen maanden en een jaar zijn erg vatbaar voor oorontstekingen. Dat komt simpelweg doordat hun afweersysteem nog op gang moet komen. Vaak ontstaat een middenoorontsteking tijdens of vlak na verkoudheidmazelen of waterpokken.

Een oorontsteking of loopoor geneest meestal binnen een week en het trommelvlies gaat dan ook vanzelf weer dicht. Maar sommige kinderen hebben keer op keer een oorontsteking. Komt het bij jouw kind steeds weer terug, bespreek dit dan met de huisarts. Als je kind regelmatig oorontsteking heeft, plus de daarbij behorende gehoorproblemen, dan kan dat zijn spraakontwikkeling belemmeren. Ook loopt hij risico op blijvende gehoorschade. Bij terugkerende oorontstekingen zal je kind daarom worden doorverwezen naar een kno-arts, die kan beoordelen of buisjes nodig zijn.

Slechthorendheid of lijmoor

Slechthorendheid door vocht achter het trommelvlies komt bij kinderen ook vrij veel voor. Vaak wordt dit in eerste instantie veroorzaakt door een flinke verkoudheid, maar ook een vergrote neusamandel kan de oorzaak zijn, of een slecht werkende buis van Eustachius.

Als er vocht of slijm in het middenoor terechtkomt en niet meer wegloopt, kan het op den duur taai en plakkerig worden. Omdat dit vocht lijkt op een soort stroperige lijm, wordt dit ook wel een ‘lijmoor’ genoemd. Doordat het middenoor gevuld raakt met vocht in plaats van lucht, kan het trommelvlies niet meer goed trillen. Hierdoor gaat je kind slechter horen.

In het geval van een lijmoor is het gehoor van je kind ongeveer te vergelijken met je gehoor als je je vingers in je oren stopt. Deze gehoorproblemen zijn op te lossen met buisjes in het trommelvlies. Hierdoor kan het vocht weglopen en komt er weer lucht in het middenoor. Als een lijmoor niet wordt behandeld, loopt je kind het risico slechthorend te worden.

Keuze voor buisjes

Als je kind regelmatig oorontsteking, een loopoor of oorpijn heeft, of last heeft van slechthorendheid, ga je in eerste instantie naar de huisarts. Die zal jullie, als het nodig is, doorverwijzen naar een kno-arts. Dit staat voor keel-neus-oorarts: hij is dus onder andere gespecialiseerd in alle mogelijke aandoeningen rondom het gehoor.

De kno-arts onderzoekt je kind en bekijkt wat precies de oorzaak is van de oorproblemen. Bij sommige ooraandoeningen zal het oordeel zijn dat het beter is om af te wachten tot het vanzelf overgaat, terwijl in andere gevallen buisjes worden aangeraden. De kno-arts weegt alle voor- en nadelen tegen elkaar af en zal jullie daarna het advies geven om wel of geen buisjes te plaatsen.

Hoe worden buisjes geplaatst?

Het plaatsen van buisjes in de oren gebeurt door middel van een korte, eenvoudige operatie. Het is een van de meest voorkomende chirurgische ingrepen in Nederland. Als je kind buisjes nodig heeft, gebeurt dat als volgt:

  • De buisjes worden poliklinisch in het ziekenhuis geplaatst. Je kind wordt voor korte tijd opgenomen, vaak maar een paar uur of maximaal een dag.
  • Voor de operatie wordt je kind onder een lichte, algehele narcose gebracht. Hier mag jij bij zijn totdat je kind onder narcose is.
  • De arts maakt met behulp van een operatiemicroscoop een klein gaatje in het trommelvlies. Daarna haalt hij het vocht of slijm achter het trommelvlies vandaan: dit wordt uit het middenoor gezogen.
  • Vervolgens wordt het buisje geplaatst in het gaatje in het trommelvlies. De ene kant van het buisje steekt in het middenoor, de andere kant in de uitwendige gehoorgang.
  • De gehele ingreep duurt meestal maar een paar minuten.
  • Na de operatie mag je in principe meteen weer naar je kind toe. Als je kind is bijgekomen van de narcose en de verpleegkundige jullie uitleg heeft gegeven over het herstel thuis, mag je kind binnen een paar uur weer mee naar huis.
  • Je kind moet één tot twee weken na de operatie op nacontrole komen bij de kno-arts. Daarna blijft hij om de zes maanden op controle komen, totdat de buisjes uitgestoten zijn.

Soorten buisjes

Grofweg worden er twee soorten buisjes gebruikt: het ronde standaardbuisje (dat lijkt op een mini-diabolo) en het T-buisje (een langer buisje in de vorm van de letter T). Die laatste is groter en wordt alleen geplaatst als standaardbuisjes snel worden uitgestoten. De werking van de buisjes is hetzelfde: ze zorgen voor beluchting van het middenoor en er kan vocht door naar buiten lopen.

Pijnlijk?

Het plaatsen van buisjes is niet pijnlijk voor je kind. Tijdens de operatie is hij onder lichte narcose. Je kind merkt er dus niks van. Ook achteraf hebben de meeste kinderen geen pijn. Heeft je kind toch wat last van zijn oren, dan werkt paracetamol vaak al voldoende als pijnstilling.

Na de operatie

In principe zijn de meeste oorklachten direct na het plaatsen van de buisjes opgelost. De meeste kinderen hebben geen pijn na de operatie, maar er kunnen wel andere klachten voorkomen:

  • Je kind kan door de narcose last hebben van hoofdpijn, duizeligheid of misselijkheid.
  • De eerste dagen na de operatie kan er nog wat vocht uit het oor lopen.
  • Als je kind voor de operatie slecht hoorde, kan hij na de ingreep schrikken van bepaalde geluiden. Zo schrikken sommige kinderen van het geluid van de wc die wordt doorgetrokken, omdat ze dat voorheen niet goed hoorden. Dit is een kwestie van wennen.

Loopoor door buisjes

Als je kind buisjes heeft gekregen, kan hij als gevolg hiervan een loopoor krijgen. Er loopt dan vocht of pus uit het oor van je kind. Dit is heel normaal, de kno-arts zal jullie hier van tevoren voorlichting over geven.

Vroeger was het beleid om bij een loopoor een week af te wachten en daarna pas naar de huisarts of kno-arts te gaan. Inmiddels blijkt uit onderzoek dat een loopoor bij kinderen met buisjes het beste te behandelen is met oordruppels. Daarom wordt tegenwoordig aangeraden om in het geval van een loopoor bij buisjes meteen contact op te nemen met de huisarts of kno-arts, zodat hij een recept voor oordruppels kan voorschrijven.

Hoe lang blijven buisjes zitten?

Gemiddeld blijven buisjes acht maanden zitten; het varieert van twee maanden tot twee jaar. De meeste buisjes vallen er daarna vanzelf uit. Het trommelvlies stoot ze langzaam uit richting de uitwendige gehoorgang. Gebeurt dat niet vanzelf, dan haalt de arts ze er na twee jaar uit, omdat de kans op een blijvend gaatje anders te groot wordt. Dat gebeurt via dezelfde procedure als het inbrengen. Het gaatje in het trommelvlies groeit in principe vanzelf dicht, nadat de buisjes zijn uitgestoten.

Risico’s en complicaties

Complicaties na het plaatsen van buisjes komen zelden voor. Maar er is altijd een klein risico op bepaalde problemen of klachten. De mogelijke risico’s op de lange termijn zijn:

  • Gehoorverlies: de kans hierop is heel erg klein, maar het komt voor dat kinderen later licht gehoorverlies krijgen als ze buisjes hebben gehad. Maar dit risico is zo klein, dat het vrijwel verwaarloosbaar is. Buisjes zijn immers juist bedoeld om gehoorschade door andere ooraandoeningen te voorkomen. De kans daarop is vele malen groter als je die aandoening niet behandelt, dan dat je kind gehoorschade oploopt door het plaatsen van buisjes.
  • Gaatje in het trommelvlies: soms groeit het trommelvlies niet vanzelf goed dicht nadat het buisje is uitgestoten. Dit gebeurt in ongeveer twee procent van de gevallen. Zo’n gaatje moet dan met een operatie hersteld worden.
  • Verstopt buisje: als je kind na het plaatsen van buisjes een loopoor krijgt, kan het buisje soms verstopt raken. Met oordruppels kan de verstopping weer losgeweekt worden.
  • Buisje achter het trommelvlies: in principe stoot het trommelvlies het buisje vrijwel altijd uit richting de uitwendige gehoorgang. Maar soms komt een buisje áchter het trommelvlies terecht. Dit gebeurt heel zelden. Het buisje moet dan operatief verwijderd worden, maar deze ingreep is niet veel ingewikkelder dan het plaatsen van buisjes.
  • Buisje wordt niet uitgestoten: soms stoot het trommelvlies het buisje niet uit, maar blijft het er jarenlang zitten. Omdat je kind na de ingreep nog af en toe op nacontrole komt, houdt de kno-arts dit in de gaten. Het is geen probleem als het buisje langer blijft zitten, daarom laat de arts meestal eerst de natuur z’n gang gaan. Als een buisje er écht niet vanzelf uitkomt, zal de arts het uiteindelijk verwijderen.

Nog een keer buisjes

Bij veel kinderen zijn de gehoorproblemen na het plaatsen van buisjes permanent verdwenen. Maar bij sommige kinderen moeten er later nog een keer buisjes geplaatst worden, omdat de problemen terugkomen. Dat komt dan doordat de buis van Eustachius nog niet volledig was hersteld voordat de buisjes werden uitgestoten.

Het opnieuw plaatsen van buisjes komt vooral voor bij jonge kinderen. Bij kinderen van zeven jaar of ouder werkt de buis van Eustachius meestal weer goed nadat ze buisjes hebben gehad.

Terughoudend met buisjes

Tegenwoordig worden er minder snel buisjes bij kinderen geplaatst dan vroeger. Uit onderzoek blijkt dat in de jaren zeventig en tachtig erg snel voor buisjes werd gekozen, terwijl de nadelen daarvan niet altijd opwogen tegen de voordelen. Buisjes geven altijd kans op een loopoor. Dat is niet gevaarlijk, maar zo’n loopoor kan weken aanhouden en het is best een beetje vies. Ook bestaat er een kans dat er een gaatje achterblijft in het trommelvlies. Die kans is slechts twee procent, maar als het gebeurt, moet het met een nieuwe operatie hersteld worden.

Nadelen van buisjes

Buisjes kunnen een goede oplossing zijn voor verschillende oorproblemen, maar er zitten ook enkele nadelen aan vast. Een overzicht:

  • Ook al is het een kleine en simpele ingreep, voor een jong kind kan een operatie en ziekenhuisverblijf best spannend en ingrijpend zijn.
  • De buisjes zijn een oplossing voor terugkerende oorontstekingen en looporen, maar kunnen zelf ook een loopoor veroorzaken.
  • Soms is het nodig om nóg een keer buisjes te laten plaatsen, vooral bij jonge kinderen. Soms is het zelfs nog een derde of vierde keer nodig.
  • Er bestaat een kleine kans op een blijvend gaatje in het trommelvlies, dat dan operatief moet worden dichtgemaakt.
  • De eerste week na de operatie mag je kind niet zwemmen. Als je kind buisjes heeft, moet hij voortaan in het zwembad ook wat voorzichtiger zijn. Zo mag hij niet onder water zwemmen.

Zwemmen met buisjes

De eerste week na de operatie mag je kind niet zwemmen. Wacht hier in elk geval mee tot na de eerste nacontrole bij de kno-arts. Daarna is zwemmen wel weer toegestaan, maar het kan zijn dat je kind tijdens het zwemmen lichte oorpijn krijgt. Ook kan hij na het zwembadbezoek een loopoor krijgen. Daarom wordt aangeraden om:

  • Niet met het hoofd onder water te zwemmen en niet te duiken.
  • Te zwemmen met op maat gemaakte oordoppen in.
  • Na het zwemmen oordruppels te gebruiken.

Douchen met buisjes

Badderen of douchen met buisjes is geen probleem. Dit mag meteen na de operatie, maar je moet er wel op letten dat er geen water of zeep in de oren komt. De eerste week na de operatie is het verstandig om tijdens het douchen een badmuts over de oren van je kind te trekken. Na die week is dit niet meer nodig.

Vliegen met buisjes

Je kind kan zonder problemen mee in een vliegtuig als hij buisjes heeft. Door de buisjes kan er geen druk meer ontstaan in de middenoren, dus je kind zal geen oorpijn krijgen bij het opstijgen of landen.

Wanneer terug naar de arts?

Het is niet gek als je kind de dagen na de operatie last heeft van oorpijn, een loopoor of als er bloed in het oor zit. Als dit langer dan drie dagen aanhoudt, is het wel verstandig om contact op te nemen met de kno-arts.

Als er later oorpijn ontstaat, kan het zijn dat het oor ontstoken is of dat het buisje aan het uitgroeien is. Neem contact op met de arts als deze klachten langer dan drie dagen aanhouden.

Heeft je kind buisjes, maar twijfel je nog steeds aan zijn gehoor? Maak dan een afspraak met de kno-arts en laat een gehoortest doen.