Stuitligging: draaien of niet?

Stuitligging: draaien of niet?

Ligt je baby in een stuit? Geen paniek: tot de 36ste week draaien veel kinderen nog vanzelf. Gebeurt dat niet, dan moet je een keuze maken. Wil je je baby draaien om hem uit de stuitligging te krijgen of laat je de natuur zijn gang gaan?

Wat is een stuitligging?

Aan het eind van de zwangerschap, vanaf ongeveer 32 weken, gaan de meeste baby’s met hun hoofd naar beneden liggen om zich klaar te maken voor de geboorte. Dit heet de hoofdligging. Op die manier kan je lichaam de baby er het makkelijkst uitpersen. Bij een stuitligging ligt je baby niet met zijn hoofd naar beneden, maar liggen zijn benen of billen onder. Dit kan de kans op complicaties tijdens en na de bevalling vergroten.

Verschillende soorten stuitligging

Je baby kan op verschillende manier in een stuitligging liggen.

  • Onvolkomen stuitligging

    De benen van de baby liggen gestrekt omhoog naast het lichaam. De billen liggen zo bij de uitgang van het bekken.

  • Volkomen stuitligging

    De benen kunnen ook onderaan liggen, dat heet een volkomen stuitligging. De baby zit in kleermakerszit; zijn benen zijn gebogen en de voeten liggen naast zijn billen.

  • Half (on)volkomen stuitligging

    Eén been ligt gestrekt naar boven zoals bij een onvolkomen stuitligging, het andere been ligt naar beneden, zoals bij een volkomen stuitligging.

  • Voetligging

    Bij een voetligging liggen de benen van de baby gestrekt naar beneden, de voeten liggen zo het laagst.

stuitligging

Tot 36 weken

Tijdens de zwangerschap is het heel normaal dat je baby in een stuit ligt. Baby’s draaien veel in de baarmoeder en veranderen dan ook vaak van ligging, soms wel tot 36 weken. Rond de 30 weken ligt zo’n 25 procent van de baby’s in een stuitligging. Vier weken later ligt gemiddeld nog maar drie tot vier procent in stuitligging.

Stuitligging: hoe voelt dat?

Misschien voel je zelf al dat je baby in een stuitligging ligt aan het getrappel in je bekken of merk je dat het hoofd van je baby tegen je rib aandrukt. Hoe dat precies voelt, is moeilijk uit te leggen. Bij een onvolkomen stuitligging liggen de benen van de baby namelijk omhoog en voel je juist geen getrappel in je bekken.

Oorzaak stuitligging vaak onduidelijk

Van de Nederlandse baby’s ligt drie tot vier procent bij de geboorte met de billen naar beneden. Waarom een kind in een stuitligging ligt, is niet altijd duidelijk. Wel komt het vaker voor bij een vroeggeboorte, bij een meerlingzwangerschap, bij een placenta die voor de uitgang van de baarmoeder ligt, bij bepaalde afwijkingen aan de baarmoeder of als het kind een aangeboren afwijking heeft. Maar in ongeveer 85 procent van de zwangerschappen is er geen verklaring voor de stuitligging.

Liggingsecho

De verloskundige kan de ligging van je baby meestal door de buikwand heen voelen. Soms lukt dit niet door een te dikke of te aangespannen buikwand bijvoorbeeld. Met een liggingsecho kan de echoscopist met zekerheid vaststellen hoe je baby in de baarmoeder ligt. Ook wordt er gekeken naar de positie van de placenta, de grootte van de baby, de hoeveelheid vruchtwater en of er vleesbomen of andere afwijkingen zijn die de ingang van het bekken blokkeren. De echoscopist zal kijken of er een oorzaak voor de stuitligging is. Meestal is dit niet het geval.

Stuitligging, wat nu?

De risico’s voor de baby zijn bij de bevalling het kleinst bij een vaginale geboorte in hoofdligging. Daarom wordt geprobeerd de baby te draaien van stuit- naar hoofdligging. Ligt je baby in stuit dan zijn er twee mogelijkheden:

  1. Afwachten: je baby heeft met 36 weken niet veel ruimte meer en de hoeveelheid vruchtwater neemt af. De kans dat je baby nog spontaan draait, wordt steeds kleiner. Maar het is niet onmogelijk.
  2. Uitwendige versie: dit is het draaien van een baby in stuitligging. Lukt het om de baby van stuit- naar hoofdligging te draaien, dan mag je zelf kiezen waar je wilt bevallen.

Zo wordt een baby gedraaid

Ligt je baby in stuit, dan kan onder gunstige omstandigheden en als je het zelf wenst, de baby gedraaid worden. Soms doet de verloskundige dit zelf, maar je kunt ook doorverwezen worden naar een andere verloskundige of gynaecoloog, die hier veel ervaring mee hebben.

Bij een uitwendige versie lig je met opgetrokken knieën op de onderzoeksbank. Het is belangrijk dat je blaas leeg is, dat je zo ontspannen mogelijk ligt en dat je je buikspieren niet aanspant. De verloskundige of gynaecoloog probeert met zijn handen op je buik de baby vast te pakken en te kantelen.

De meeste vrouwen vinden dit een enge gedachte, maar voor en na de versie wordt een echo gemaakt en achteraf meestal ook een hartfilmpje. Het draaien kent weinig risico voor de baby. Het draaien kan wel voor jezelf pijnlijk zijn, maar de meeste vrouwen vinden de pijn goed te verdragen.

Video: Het draaien van baby in stuit naar hoofdligging in het Catharina Ziekenhuis

Wanneer draaien?

De meest geschikte zwangerschapsduur om een kind te draaien is rond de 36 tot 37 weken. Gebeurt het eerder dan is de kans groot dat de baby weer terugdraait. In principe kán het draaien tot vlak voor de bevalling, maar dat is onder meer afhankelijk van hoe groot je baby is en de hoeveelheid vruchtwater. Soms lukt het draaien niet, omdat de baby ongunstig ligt.

Kans van slagen

Gaat het om je eerste kind? Dan is het draaien lastiger dan bij een tweede of derde baby. De baarmoeder en buikwand zijn dan namelijk steviger. Gemiddeld lukt het in veertig procent (eerste kind) tot vijftig procent (bij tweede kind of meer) van de gevallen om een kind te draaien. Je kunt dan alsnog thuis of poliklinisch bevallen. Verder hangt de kans van slagen af van de hoeveelheid vruchtwater, de ligging van de placenta, de soepelheid van de buikwand en de zwangerschapsduur.

Moxatherapie bij stuitligging

Mocht het handmatig draaien van je kind niet lukken of voel je daar niets voor, dan zijn er weinig andere alternatieven. Wat je kunt overwegen, is moxatherapie. Dit is een onderdeel van acupunctuur en traditionele Chinese geneeskunde waarbij je een behandeling ondergaat met een moxastick. De acupuncturist verwarmt hierbij de zijkant van je kleine teen een aantal minuten met een stick. Lees ook: hoe werkt moxa precies en waar je terechtkunt voor een moxa-behandeling?

Stuitbevalling of keizersnede

Als het draaien niet gelukt is of als de baby terugdraait, onderzoekt de gynaecoloog of een natuurlijke stuitbevalling veilig is. Als dat niet zo is, wordt er vaak om medische redenen voor een keizersnede gekozen. Bij 75 tot 80 procent van de baby’s in stuitligging gebeurt dat. Bij het overgrote deel daarvan gaat het om een geplande keizersnede.

Bevallen met een stuitligging

Een stuitbevalling lijkt in principe veel op een normale bevalling. Wel vindt een stuitbevalling altijd in het ziekenhuis plaats. Er zijn namelijk meer risico’s bij een natuurlijke stuitbevalling, niet voor de moeder maar wel voor de baby. Om precies te zijn is de kans op complicaties één procent groter dan bij een gewone bevalling.

Mogelijke complicaties kind stuitbevalling

Na een stuitbevalling wordt een op de twintig kinderen opgenomen op de couveuseafdeling. Dat is tien keer vaker dan kinderen die met een keizersnede ter wereld komen. Bij ongeveer één procent van de baby’s die in stuit worden geboren, treden beschadigingen op zoals een botbreuk, een zenuwbeschadiging of een hersenbloeding. Dat is ongeveer twee keer zo vaak als bij een geplande keizersnede.

Lees hier meer over een natuurlijke stuitbevalling.

Video: Uitwendige versie van baby in stuitligging