Kraamtranen en babyblues

Kraamtranen en babyblues

Zit je niet meteen op een roze wolk nadat je baby is geboren? Ben je huilerig, moe en heb je negatieve gedachten? Je bent niet de enige: 40 tot 80% van de vrouwen voelt zich tijdelijk neerslachtig na de bevalling. Zo ga je om met babyblues en kraamtranen.

Een baby krijgen is een unieke gebeurtenis, waarbij allerlei emoties komen kijken die je van tevoren misschien niet had verwacht. Iedereen heeft het vooral over blijdschap, maar veel vrouwen vinden het moederschap in het begin best een rollercoaster. Het is echt niet gek als je je niet meteen happy voelt. Een zwangerschap en bevalling vergen veel van je lichaam, maar ook emotioneel gebeurt er een hoop. Eerst leef je negen maanden naar je baby toe en dan is daar de bevalling die veel van je eist. Terwijl je brein nog bezig is alle indrukken en emoties van de bevalling te verwerken, komen er in allerlei nieuwe ervaringen met je pasgeboren baby bij. Dat kost energie, net als ontzwangeren oftewel het herstel van je lichaam. Het is in elk geval heel normaal dat het tijd kost om fysiek én mentaal weer in balans te komen. 

Babyblues

Misschien vind je het zorgen voor je baby ook best lastig, heb je opeens vaker ruzie met je partner of gaat het voeden niet zoals je het had verwacht. Veertig tot tachtig procent van de vrouwen voelt zich in de dagen na de bevalling verdrietig, prikkelbaar, nerveus of kan niet goed slapen. Dat noemen we ook wel de babyblues. Dit onbestemde gevoel begint meestal de derde dag na de bevalling en duurt gemiddeld een paar dagen tot een week. Maar ook twee of drie weken na de bevalling kun je zomaar ineens somber zijn. Misschien schrik je hiervan, maar in de meeste gevallen hoef je je er geen zorgen over te maken en gaan de babyblues vanzelf over.

Symptomen

  • Huilbuien (de kraamtranen)
  • Zenuwachtig zijn
  • Slapeloosheid
  • Negatieve gedachten
  • Stemmingswisselingen
  • Prikkelbaar voelen
  • Overgevoelig zijn
  • Het gevoel de verantwoordelijkheid voor een baby niet aan te kunnen

Kraamtranen

Doordat je na je bevalling emotioneel even uit balans bent, kun je plotseling last van huilbuien krijgen. Dit worden ook wel kraamtranen genoemd. Vaak weet je niet eens waarom je moet huilen en is het een manier om spanningen van je af te zetten. Kraamtranen beginnen meestal drie tot vijf dagen na de bevalling te stromen. Je kunt een week tot tien dagen last hebben van huilbuien en stemmingswisselingen, dat verschilt per vrouw. Na de bevalling is er een sterke daling van concentraties hormonen die tijdens de zwangerschap juist hoog zijn. Ook komt de melkproductie op gang.  

Mogelijke oorzaken babyblues

Hoe die babyblues nu precies ontstaan? Er zijn tal van onderzoeken naar gedaan, bijvoorbeeld of een tekort aan progesteron of een gebrek aan bepaalde vitamines na de bevalling een rol speelt bij het ontstaan van sombere gevoelens. Maar er is geen duidelijke conclusie uitgekomen. Uit een recent onderzoek uit 2017 blijkt dat als vrouwen tijdens de bevalling weeënopwekkers krijgen toegediend er een verhoogde kans op sombere en angstige gevoelens na de bevalling. Maar dit onderzoek is nog niet wetenschappelijk omarmd.

Grote verandering

Afgezien van eventuele lichamelijke oorzaken is het heel logisch dat moeder worden veel doet met je emoties. Het is een enorme overgang in je leven. Sommige vrouwen voelen zich overweldigd door de verantwoordelijkheid voor hun hulpeloze baby. Of ze vinden het moeilijk dat de zwangerschap voorbij is, of ze worstelen met hun nieuwe identiteit als moeder. Als een vrouw zich tijdens de bevalling angstig, onveilig of niet gesteund heeft gevoeld, kan dat ook een grote impact hebben op haar gevoel daarna. Hoe dan ook maak je zowel lichamelijk als emotioneel een grote verandering door. Dat gaat lang niet altijd met alleen maar ‘ups’. 

Kun je kraamtranen voorkomen?

Emoties proberen te voorkomen of onderdrukken geeft alleen maar extra spanning. Vaak lucht het juist op als je de tranen laat komen. Je hoeft ook niet te verklaren waarom je om de haverklap emotioneel bent en er hoeft niets opgelost te worden. Wees lief voor jezelf en vraag dat ook van anderen. Vertel de kraamverzorgster gerust waar je behoefte aan hebt, zij begrijpt dit als geen ander. Probeer het voelen en uiten van je emoties te zien als iets natuurlijks en misschien zelfs als iets positiefs: volgens deskundigen is er een verband tussen de tranen en de aanmaak van moedermelk. 

Omgaan met de babyblues en kraamtranen

Maak het jezelf zo makkelijk mogelijk als je kraamtranen voelt opkomen. Deze tips helpen:

  • Laat ze stromen
    Je hoeft niets uit te leggen, je hoeft het zelf niet eens te snappen. Geef je emoties de ruimte, laat je kraamverzorgende of partner thee voor je zetten en laat ze je vertellen dat je hartstikke normaal bent. 
  • Huid-op-huidcontact met je baby
    Je baby’s huid voelen en zijn geur ruiken, zorgt ervoor dat je lichaam meer oxytocine aanmaakt. Dit hormoon regelt gevoelens van angst in je lichaam en versterkt liefdevolle gevoelens. Plus: het is super voor de band met je kind. Lees hier meer over de kracht van huid-op-huidcontact, ook wel kangoeroeën of buidelen genoemd. 
  • Blijf in je nest
    Daarmee bedoelen we niet persé: blijf in bed, maar wel: blijf in huis. Probeer prikkels van buiten nog even te vermijden. Als je net bevallen bent, reageer je heel alert en je brein heeft nu toch al veel te verwerken. Maak het knus en zorg dat je je veilig voelt.
  • Praat erover
    Je zult zien dat je moeder, zus of vriendinnen ook last van de babyblues hadden. Het is fijn om begrepen te worden en het schept een band. Vertel je partner ook wat er in je omgaat. Jullie gaan samen door deze fase en openheid zorgt dat je close blijft en dat hij je kan begrijpen. 
  • Zorg voor jezelf
    Geef zoveel mogelijk uit handen, schakel vrienden in om gezonde maaltijden te brengen (en meteen weer weg te gaan), drink veel water en slaap wanneer je kunt. Je lijf en geest hebben rust nodig. 
  • Pas het kraambezoek erop aan
    Nodig zolang je je kwetsbaar voelt alleen mensen uit bij wie je totaal jezelf kunt zijn. Ook met dikke wallen en ongekamde haren. Verre tantes, ooms en collega’s wachten maar tot jij fut voor ze hebt. Meer tips: zo ga je om met kraamvisite.
  • Neem de tijd
    Stel jezelf niet als doel om je nieuwe leven binnen een bepaalde tijd op de rit te hebben. Of dat je na een paar weken weer ‘de oude’ moet zijn. Ontzwangeren kost energie en dat met die gebroken nachten. Gun jezelf tijd om te herstellen en uit te vogelen wat het beste bij je past. Je kunt dit niet plannen. 
  • Wees mild voor jezelf
    Had je een heel ander beeld van jezelf als moeder? Stralend, zelfverzekerd, zorgzaam glimlachend, zoiets? Die moeder ben je óók. Maar alles op z’n tijd. Elke bui gaat voorbij en je doet het prima, ook als je huilt en moppert. 
  • Doe het samen
    Als de kraamverzorgster is vertrokken en je partner weer aan het werk is, kun je je ineens verloren voelen. Vooral als je emotioneel nog wiebelig bent. Kan hij misschien extra dagen of uren vrij nemen? Of heb je vriendinnen die een middag kunnen bijspringen? Ze doen het vast graag.
  • Te veel of aanhoudende kraamtranen? Bel de huisarts
    Voel je je overweldigd door je emoties of blijf je somber en huilerig? Zorgt dit ervoor dat je niet normaal kunt functioneren? Kost het je moeite om je baby te verzorgen of om te genieten van de kraamtijd? Blijf er niet alleen mee rondlopen. Vertel het je verloskundige of maak een afspraak bij de huisarts, die kan je doorverwijzen naar een deskundige als dat nodig blijkt. Ook dat is niets om je voor te schamen. Het betekent niet dat je geen goede moeder bent, maar alleen dat je wat extra steun kunt gebruiken.

Tip: verwennerij voor verse moeders

Bij sommige doula’s, geboortecoaches en zwangerschapsmasseuses kun je terecht voor fijne behandelingen die het fysieke herstel na de bevalling bevorderen en je helpen emotioneel weer in balans te brengen. Denk aan herstelmassages, kruidenbaden of een buikwikkeling (belly binding). Vaak kan dat ook bij je thuis. Kijk bijvoorbeeld eens op gentlebeginnings.nl of mamalogisch.nl.

Wanneer spreek je van een depressie?

Ongeveer tien procent van de jonge moeders krijgt last van een postpartum depressie.  Dit wordt niet altijd meteen herkend, omdat sommige symptomen overeenkomen met ‘gewone’ babyblues. Een postnatale of postpartum depressie begint vaak rond de vierde maand na de bevalling net als je weer begint met werken. Het is een maandenlang somber, prikkelbaar, angstig en neerslachtig gevoel en heeft niets te maken met of je je op de komst van de baby had verheugd.

De symptomen zijn: slecht slapen, weinig emoties voelen of juist snel geïrriteerd zijn, lusteloosheid, neerslachtig zijn, een machteloos gevoel hebben, angstig zijn, geen initiatief nemen, weinig eten of juist erg veel, en het gevoel hebben dat de zorg voor je baby je veel te veel is. Verder kun je het idee hebben dat het moedergevoel ontbreekt of dat je als moeder ernstig tekortschiet. Je kunt ook last hebben van lichamelijke klachten zoals: hoofdpijn, misselijkheid en duizeligheid. 

Wacht niet te lang met hulp zoeken als je merkt dat je blijft hangen in sombere emoties. Wees er vooral alert op als je een heftige bevalling en/of zwangerschap hebt gehad, of daarvoor al eens last hebt gehad van depressieve of angstige gevoelens. Dit is niet iets om in je eentje mee door te modderen. Maak een afspraak met de huisarts, die weet waar je deskundige begeleiding kunt krijgen. 

Wanneer spreek je van een posttraumatische stressstoornis?

Een posttraumatische stressstoornis (PTSS) is iets heel anders dan een postnatale depressie.

Het is de psychische en emotionele reactie van je lijf op een traumatische gebeurtenis. Uit onderzoek is gebleken dat in Nederland jaarlijks zo’n 2.000 moeders na de bevalling een PTSS ontwikkelen. De symptomen zijn een stuk serieuzer dan bij de gebruikelijke kraamtranen. De moeder heeft de bevalling als intens schokkend ervaren en heeft daar in het dagelijks leven nog veel last van in de vorm van: niet over de bevalling willen praten of foto’s willen bekijken, nachtmerries, slapeloosheid, paniekgevoelens, hartkloppingen, stemmingswisselingen, benauwdheid, geen behoefte aan sociale contacten. Als deze klachten langer dan een maand aanhouden, spreek je van een posttraumatische stressstoornis. Lees hier meer over posttraumatische stressstoornis en wat je er tegen kan doen.