baby druk voor de bevalling

Waarom is een baby druk of juist rustig voor de bevalling?

Kort voor de bevalling kun je verandering merken in het bewegingspatroon van je baby. Hij kan extra actief worden of juist erg weinig bewegen. Wat kunnen de redenen hiervoor zijn en wanneer moet je de verloskundige bellen?

Drukke baby

Merk je dat jouw baby in de periode voor de bevalling opeens veel meer gaat bewegen? Lees hier hoe dat komt:

Advertentie

Wat doet je baby daarbinnen?

Wiebelen, hikken, reageren op prikkels die zijn zintuigen opvangen: je baby is in je buik met van alles bezig. En dat kun jij voelen. Als hij schrikt van een hard geluid, voel je dat. En als hij het vruchtwater vies vindt smaken door iets wat jij hebt gegeten, kan hij daarop reageren door onrustig te bewegen. Ook ‘communiceert’ hij al met de buitenwereld: als hij iets of iemand tegen je buik aan voelt liggen, kan hij ertegen gaan duwen. Dat kun je vaak ook zien: opeens zie je de vorm van een handje, voetje of elleboog door je buik heen duwen. Omdat je baby nu zo dicht tegen jouw buikwand aan ligt, kun je je buik soms al zien bewegen van een hikje.

Reageren op oefenweeën

Kort voor de bevalling gebeurt er van alles in jouw lichaam om je voor te bereiden op de geboorte. Je hormoonhuishouding verandert: zo maak je prostaglandine aan om de baarmoedermond te verweken. Misschien heb je ook veel harde buiken of oefenweeën. Daarbij duwt de baarmoederspier tegen je baby aan. Daar kan je kind op reageren door druk te worden. Dat kan zo blijven tot in de ontsluitingsfase, dan zijn baby’s tussen de weeën door vaak ook erg beweeglijk.

Indalen en de optimale houding vinden

Als de bevalling dichterbij komt, daalt je baby dieper in het bekken. De ideale positie voor de geboorte is met zijn ruggengraat schuin voor en zijn kin op zijn borst. Zo ligt het kleinste, ronde deel van zijn schedel tegen de baarmoedermond. Op die manier komen de weeën en de ontsluiting goed op gang en kan hij het makkelijkst door het bekken bewegen. Het kan zijn dat je baby al druk bezig is om zich in deze positie te manoeuvreren en een comfortabele houding te vinden. Daarbij kan hij zich met zijn voeten of armen afzetten, waardoor je flinke porren voelt tegen je ribben, blaas of buikwand. Maar ook kleine draaibewegingen voel je nu goed.

Weinig ruimte

In de laatste weken is je baarmoeder behoorlijk krap voor je baby. Daardoor kan hij minder vrij bewegen, maar merk jij elke beweging wel beter. Als hij zich afzet, zie je meteen de vorm van een knie of voetje naar buiten steken. Maar ook als je baby een beetje draait en wiebelt kun je dat voelen. Bewegingen die je eerst niet merkte, krijg je nu allemaal mee. Daardoor kan het lijken alsof hij beweeglijker is dan eerst, terwijl dat misschien aldoor zo is geweest. Je baby kan ook op ruimtegebrek reageren door druk te bewegen. Als jij in een houding zit waarbij je buik wat in de knel komt, kan hij ‘protesteren’ door te duwen of schoppen. Je kunt kijken of je baby rustiger wordt als je goed rechtop zit en je buik en onderlichaam ontspant.

Lees ook: De baby voelen bewegen in je buik

Soepele buik

Als jouw buikwand soepel is en makkelijk meebeweegt, heeft je baby meer bewegingsruimte. Daar maakt hij misschien nog even lekker gebruik van. Heb je bovendien weinig vet op je buik, dan voel en zie je alle bewegingen ook nog extra goed.

Stress voor de bevalling

Ben je erg gespannen voor de naderende bevalling? Ook dat kan je baby onrustig maken. Baby’s krijgen de stemming van hun moeder heel goed mee. Kijk wat je kunt doen om kalmer te worden. Misschien heb je ontspanningsoefeningen of ademhalingstechnieken geleerd bij een zwangerschapscursus of zwangerschapsyoga? Zoek afleiding, ga lekker in bad, een eindje wandelen, neem een zwangerschapsmassage, praat met je partner of een lieve vriendin over de spanning die je voelt, of bel je verloskundige. Probeer verhalen of adviezen waar je zenuwachtig van wordt te negeren. Richt je aandacht op alles wat je vertrouwen in de bevalling en jezelf sterker maakt.

Rust in de tent

Vaak trekken vrouwen zich vlak voor de bevalling terug in hun eigen bubbel. Je wordt sowieso niet meer afgeleid door je werk en hebt alle tijd om je op jezelf en je baby te richten. Daardoor ben je automatisch meer gefocust op alles wat er in je lichaam gebeurt en vallen alle bewegingen van je baby je meer op. Vooral als je zelf niet meer zo actief bent: je voelt bewegingen beter wanneer je zit of ligt, dan wanneer je staat, loopt en bezig bent.

Plotseling wilde bewegingen

Meestal is het een goed teken als je baby aan het eind van de zwangerschap erg actief is. Maar als een baby plotseling heel wilde bewegingen maakt, kan dat duiden op stress. De bewegingen kunnen bijvoorbeeld wijzen op een toeval door zuurstoftekort, pijn of een infectie. Ook kan een baby wild gaan bewegen als hij verstrengeld is geraakt in de navelstreng. Dat komt vrij vaak voor en is zelden gevaarlijk: een dikke gelei beschermt de bloedvaten in de navelstreng tegen dichtdrukken. Maar het kan wel oncomfortabel voelen en misschien probeert je baby los te komen. Als je de bewegingen niet vertrouwt, bel dan altijd direct je verloskundige of gynaecoloog.

Wanneer aan de bel trekken?

De verloskundige vraagt niet voor niets bij controles of je je baby goed voelt bewegen: beweeglijkheid is een teken dat je baby sterk en energiek is. Neem wel contact op in de volgende gevallen:

  • Als je je zorgen maakt. Vertrouw op je intuïtie. Blijkt er niets aan de hand, dan is het alleen maar fijn dat je gerustgesteld bent en goed kunt ontspannen voor de bevalling.
  • Bij plotselinge, extreem wilde bewegingen.

Tips bij een drukke baby

Is jouw baby een lekker druk en beweeglijk type? Dan kun je daar best wel last van hebben: beurse ribben, continu geprik in je blaas en het gevoel alsof je buik geen moment rust krijgt. Een paar tips om de laatste weken door te komen:

  • Geef je baby ruimte door zoveel mogelijk goed rechtop te zitten en staan. Zo kan hij ook makkelijker in de beste positie voor de bevalling komen.
  • Ga dagelijks een tijdje op een fitnessbal zitten, met je voeten een eind uit elkaar plat op de grond. Draai rustig rondjes met je bekken, beide kanten op.
  • Masseer je buik met strijkende, cirkelende bewegingen met de klok mee (de twaalf is bij je maag, de drie bij je linkerheup, etc.). Dit kan je baby tot rust brengen.
  • Zorg dat je genoeg water drinkt om je spieren en banden soepel te houden. Een glas water drinken kan ook helpen als je veel harde buiken hebt: soms komt dat door vochtgebrek.

Rustige baby

Merk je dat jouw baby in de periode voor de bevalling juist rustiger wordt en voel je minder beweging? Lees hier hoe dat komt:

Minder bewegingsruimte

Als je baby aan het eind van de zwangerschap minder beweegt dan eerst, hoef je je niet direct zorgen te maken. Nu er bijna geen bewegingsruimte meer over is in de baarmoeder, wordt koppeltje duikelen lastig. Eerst voelde je je baby misschien uitbundig trappelen, maar als hij opgevouwen in je buik ligt, lukt dat niet goed meer. Je voelt dan meer het schuiven van zijn voeten, knieën of armen.

Stilte voor de storm

Vaak worden baby’s kort voor de bevalling erg rustig. Ze slapen veel en dan bewegen ze bijna niet. Zo sparen ze energie voor de bevalling, want ook voor baby’s is dat een hele inspanning. Toch duren slaapperiodes zelden langer dan anderhalf uur en hoort een baby ook tijdens de laatste loodjes elke dag regelmatig actief en beweeglijk te zijn. Het hoeven geen drukke bewegingen te zijn, maar je moet wel duidelijk kunnen voelen dat hij wakker is.

Veel of weinig vruchtwater

De ene vrouw heeft meer vruchtwater dan de andere. Als je weinig vruchtwater hebt, heeft je baby nog minder bewegingsruimte in de baarmoeder. Is er juist veel vruchtwater, dan kan het zijn dat je de bewegingen minder goed voelt. Veel of weinig vruchtwater hoeft geen probleem te zijn, maar kan een reden zijn om de zwangerschap extra in de gaten te houden. Daarom wordt bij te weinig beweging een echo gemaakt om het vruchtwater te controleren (zie verderop).

Drukke moeder

Als je zelf nog erg actief bent en regelmatig harde buiken hebt, kan het zijn dat je je baby daardoor minder hebt gevoeld. Probeer genoeg te ontspannen, ga bijvoorbeeld regelmatig even liggen, lekker in bad of onder een warme douche. Als jij tot rust komt, komt je baby vaak in beweging en merk je de bewegingen ook beter op.

Wanneer beweegt je baby te weinig?

De ene baby beweegt meer dan de andere; dat kan bij elke zwangerschap anders zijn. Tijdens de zwangerschap heb je de bewegingen van je baby steeds beter leren kennen, waardoor je ongeveer weet wat zijn normale bewegingspatroon is. Wanneer hij rustig is en wanneer actief, waar je welke bewegingen voelt, waar hij op reageert door te bewegen. Merk je dat dit ineens anders is of heb je je baby te lang niet gevoeld, dan is het goed om alert te zijn.

Goed om te weten:

  • Als ongeboren baby’s slapen, bewegen ze nauwelijks. Ze slapen doorgaans niet langer dan een uur.
  • Als je staat en actief bezig bent, voel je je baby minder goed bewegen dan wanneer je zit of ligt.
  • Baby’s worden meestal actiever nadat je hebt gegeten.
  • De meeste baby’s zijn ’s middags en ’s avonds het meest actief.

Wat kun je doen?

Als je minder beweging merkt en daar ongerust over bent, mag je uiteraard altijd je verloskundige bellen. Vind je dat nog niet nodig, dan kun je ook eerst een glas water drinken, eventueel iets eten en dan twee uur ontspannen op je linkerzij gaan liggen. Zo wordt de placenta optimaal doorbloed en voel je de bewegingen het beste. Wees met je aandacht bij je baby, adem rustig naar je buik, aai je buik en houd bij hoe vaak je je baby voelt bewegen. Ook kleine bewegingen tellen mee, alleen de hik niet. Je kunt ook proberen je baby wakker te maken of te stimuleren om te bewegen door zachtjes tegen je buik te duwen. Merk je minder dan tien bewegingen in twee uur tijd of voelen de bewegingen zwak, bel dan direct je verloskundige of gynaecoloog. Wacht daar niet mee tot de volgende dag.

Verloskundige bellen

Als je je zorgen maakt omdat je je baby te weinig voelt bewegen, bel dan altijd je verloskundige of gynaecoloog. Doe dit in ieder geval meteen in de volgende gevallen:

  • Als je al eerder op controle bent geweest omdat je te weinig beweging voelde.
  • Als je je baby een hele dag niet hebt gevoeld (wacht niet met bellen tot de volgende ochtend).
  • Als je baby in de loop van de dag steeds minder beweegt en je het niet vertrouwt.
  • Als je koorts hebt (38 graden of hoger).
  • Bij plotselinge (hevige) buikpijn.
  • Bij buikpijn die niet overgaat.
  • Bij bloedverlies.
  • Als je bent gevallen of je buik flink hebt bezeerd.
  • Als je verloskundige of gynaecoloog je extra adviezen heeft gegeven over het voelen van de bewegingen van je baby, houd die dan ook aan.

Meestal is er niets ernstigs aan de hand. Maar mocht een baby het toch niet fijn hebben in de buik, dan kunnen nare gevolgen vaak worden voorkomen als dit op tijd wordt vastgesteld.

Extra controle

In de meeste gevallen zal de verloskundige bij je langskomen of moet je naar de praktijk komen, zodat ze de harttonen van je baby en jouw bloeddruk kan controleren. Vaak kan ze je dan geruststellen, maar bij twijfel over de conditie van je baby verwijst ze je door naar het ziekenhuis. Op de polikliniek verloskunde krijg je een ctg om de harttonen van je baby minimaal een halfuur te registreren. Ook wordt er een echo gemaakt om de hoeveelheid vruchtwater te controleren. Als alles goed is, mag je weer naar huis. Je moet de beweging daarna goed in de gaten blijven houden. Vertrouw je het later opnieuw niet, bel dan weer de verloskundige.

Is er iets mis?

Meestal is er niets aan de hand als een baby kort voor de bevalling weinig beweegt. Maar er kan een complicatie worden gevonden waardoor ziekenhuisopname of een keizersnede nodig is. Bijvoorbeeld bij een ernstig verhoogde bloeddruk bij de moeder en/of problemen met de placenta. De placenta voorziet de baby van voeding en zuurstof en als hij daar niet genoeg van binnenkrijgt, gaat je baby stil liggen om energie te sparen. De kans dat de placentafunctie afneemt, wordt iets groter naarmate je dichter bij de 42 weken zwangerschap komt. Maar ook als de placenta (deels) loslaat, raakt een baby in nood. Symptomen hiervan zijn hevige buikpijn en bloedverlies. Deze complicaties komen gelukkig erg weinig voor. De meeste zwangere vrouwen die verminderde beweging voelen krijgen een normale bevalling en een gezonde baby.