innesteling bevruchte eicel

Innesteling van een bevruchte eicel in het baarmoederslijmvlies

Het moment is daar: jouw eicel is bevrucht door een zaadcel! Maar een paar dagen daarna volgt een minstens zo belangrijke stap, wanneer de bevruchte eicel zich innestelt in het baarmoederslijmvlies. Pas als dat is gelukt, ben je écht zwanger. Alles over de innesteling.

Voorafgaand aan de innesteling

Even bij het begin beginnen. De eerste dagen van je menstruatiecyclus heeft zich een eicel gerijpt in een van je eierstokken. Tijdens de ovulatie (eisprong) komt deze eicel vrij en beweegt zich via je eileider naar de baarmoeder. De dagen rondom je ovulatie zijn de meest vruchtbare dagen. In die periode kan de eicel bevrucht worden: een zaadcel dringt de eicel binnen en samen vormen ze één nieuwe cel. Het begin van een zwangerschap! De bevruchte eicel vervolgt zijn weg richting de baarmoeder en begint zich alvast te ontwikkelen tot een embryo. Het duurt ongeveer een week totdat de eicel in de baarmoeder arriveert.

Ondertussen heeft de baarmoeder zich voorbereid op een eventuele zwangerschap. Dat gebeurt elke maand: het slijmvlies van de baarmoeder wordt dikker. Het maakt zich klaar voor een mogelijke innesteling van een bevruchte eicel. Tijdens een menstruatiecyclus waarin er geen eicel is bevrucht, sterft het baarmoederslijmvlies ongeveer twee weken na de eisprong af en dan word je ongesteld. Heeft er wél een bevruchting plaatsgevonden, dan arriveert het bevruchte eitje voor die tijd in de baarmoeder, waar het zich gaat innestelen in de baarmoederwand. Als die innesteling goed verloopt, ben je echt zwanger.

Wanneer vindt de innesteling plaats?

De innesteling van een bevruchte eicel kan tussen de vijf en twaalf dagen na de eisprong plaatsvinden; vaak gebeurt het rond de negende dag na de ovulatie. Dat is gemiddeld ongeveer vijf dagen voordat je ongesteld zou moeten worden. Je kunt het moment van de innesteling dus zelf (ongeveer) uitrekenen:

  • negen dagen na je ovulatie
  • vijf dagen voor je verwachte menstruatie

Let op: het gaat hier om gemiddelden.

Wat gebeurt er precies tijdens de innesteling?

Tijdens de innesteling, het woord zegt het al, ‘nestelt’ het bevruchte eitje zich in het baarmoederslijmvlies aan de binnenkant van de baarmoederwand. Dat baarmoederslijmvlies (endometrium) bestaat uit twee lagen:

  1. de basale laag, die altijd aanwezig is.
  2. en de functionele laag, die elke maand aangroeit en wordt afgestoten tijdens de menstruatie.

De eicel graaft zich in die functionele laag van het baarmoederslijmvlies, dat bestaat uit onder meer slijmkliertjes en bloedvaatjes. Het is een optimale omgeving om een embryo te voeden en zich te laten ontwikkelen. Het bevruchte eitje zakt helemaal weg in het baarmoederslijmvlies en nestelt zich daarin vast. De eicel heeft aan de buitenkant uitstulpingen, hechtvlokken genoemd, die in het slijmvlies naar binnen groeien. Via die vlokken neemt de eicel voedingsstoffen op, die via de bloedvaten in het baarmoederslijmvlies worden toegevoerd. Als de innesteling helemaal goed is gegaan, vormt zich een placenta uit weefsel van het baarmoederslijmvlies samen met de hechtvlokken van de eicel.

Tijdens het proces van het innestelen begint het bevruchte eitje het zwangerschapshormoon hCG af te scheiden. Dit hormoon waarschuwt jouw lichaam dat er een zwangerschap begonnen is. Dit is ook het hormoon dat wordt waargenomen door een zwangerschapstest: die meet de hCG-waarden in je urine. Een zwangerschapstest kan dus pas positief zijn vanaf het moment dat de innesteling voltooid is, al is de hoeveelheid hCG dan vaak nog te laag om te meten.

Gemiddeld is de eicel zo’n negen dagen na de bevruchting helemaal weggezakt in het baarmoederslijmvlies. De innesteling is dan afgerond. Eigenlijk is dat pas het moment waarop de zwangerschap echt begint. Maar als je de uitgerekende datum gaat berekenen, wordt er gerekend vanaf de eerste dag van je laatste menstruatie. Op het moment dat de innesteling is geslaagd, ben je dus volgens de officiële telling al zo’n drie weken zwanger.

Kun je de innesteling voelen?

Ja, sommige vrouwen voelen de innesteling van de eicel. Maar de meeste vrouwen merken er niets van. De innesteling kan gepaard gaan met wat lichte krampen in je onderbuik. Dit komt omdat het eitje zich in het baarmoederslijmvlies ‘boort’. Het voelt een beetje zoals menstruatiekrampen, daarom is het soms moeilijk te zeggen of het om innestelingspijn gaat of dat de menstruatie eraan komt. Innestelingskrampen voel je meestal zo’n vijf dagen voordat je ongesteld zou moeten worden en dit kan één tot twee dagen duren, tot de eicel helemaal is ingenesteld.

Andere aanwijzingen

Naast eventuele krampjes zijn er meer tekenen die kunnen aangeven dat de innesteling bezig is of net is afgerond:

  • Innestelingsbloeding: als de eicel zich ingraaft in het baarmoederslijmvlies, kan er een bloedvaatje worden geraakt. Daardoor kun je wat bloed verliezen, de innestelingsbloeding. Dit komt bij één op de vijf vrouwen voor. Je verliest een klein beetje helderrood, lichtroze of lichtbruin bloed. Het lijkt op een beginnende menstruatie, maar dan op een onlogisch moment, namelijk zo’n vier tot vijf dagen te vroeg. Een innestelingsbloeding kan één à twee dagen duren. Je hoeft je er geen zorgen over te maken, het is geen teken dat er iets misgaat bij de innesteling.
  • Je lichaamstemperatuur daalt licht: dit is eigenlijk alleen meetbaar als je al langere tijd je lichaamstemperatuur bijhoudt, bijvoorbeeld omdat je op die manier je ovulatie wilt voorspellen. Tijdens je eisprong stijgt je lichaamstemperatuur 0,3 tot 0,5 graden. Tijdens de innesteling kan je temperatuur een kleine dip maken, maar dat verschil is vaak zo klein dat de meeste vrouwen het niet opmerken.
  • Eerste zwangerschapsverschijnselen: vanaf het moment dat het eitje zich innestelt, begint de afscheiding van het zwangerschapshormoon hCG. Dat hormoon kan zorgen voor allerlei eerste zwangerschapsverschijnselen, zoals misselijkheid, gevoelige borsten en stemmingswisselingen. Zodra de innesteling is afgerond, kun je deze eerste tekenen dus al merken.

Uitgerekende datum berekenen

Innesteling mislukt

Helaas gaat de innesteling van de eicel lang niet altijd goed. Een bevruchte eicel is dus nog geen garantie voor een zwangerschap: ongeveer veertig tot vijftig procent van de bevruchte eitjes nestelt zich niet goed in. Als de innesteling mislukt, wordt de bevruchte eicel afgestoten, evenals het opgebouwde baarmoederslijmvlies. Vaak merk je in dat geval niet eens dat er een bevruchting is geweest, want het lijkt alsof je gewoon ongesteld bent. Maar je zou het ook een heel vroege miskraam kunnen noemen. In sommige gevallen komt de menstruatie dan iets later dan je volgens je menstruatiecyclus zou verwachten.

Er kunnen meerdere oorzaken zijn voor een mislukte innesteling, maar meestal is dat moeilijk te achterhalen. Wel is duidelijk dat je leeftijd hierop van invloed is. Bij een mislukte innesteling is er vaak al iets fout gegaan in de celdeling van de eicel, maar het kan ook liggen aan de kwaliteit van het baarmoederslijmvlies, bijvoorbeeld doordat de doorbloeding niet helemaal goed is. Soms lukt de innesteling keer op keer niet, waardoor je moeite hebt om zwanger te worden. Mogelijke oorzaken hiervoor kunnen zijn:

  • Endometriose: een chronische ziekte waarbij slijmvlies, dat normaal alleen in de baarmoeder zit, ‘verdwaalt’ en op verschillende plekken in de buikholte gaat zitten. Dit kan leiden tot verklevingen en verstoppingen van de eileiders, waardoor de eicel niet (of te laat) in de baarmoeder komt.
  • Endometritis: een ontsteking van het baarmoederslijmvlies (niet te verwarren met endometriose). Dit kan veroorzaakt zijn door een bacteriële infectie, die in de meeste gevallen na een operatie (curettage of een keizersnede) in de baarmoeder terecht is gekomen, of in sommige gevallen na het inbrengen van een spiraaltje.
  • Een poliep of vleesboom: dit zijn (over het algemeen) onschuldige gezwellen die zich in de baarmoeder kunnen ontwikkelen. Poliepen bestaan uit slijmvliesweefsel, vleesbomen uit spierweefsel. Ze kunnen de innesteling van een bevruchte eicel in de weg zitten.

Buitenbaarmoederlijke zwangerschap

Soms nestelt een bevruchte eicel zich niet in in het baarmoederslijmvlies, maar op een andere plek, bijvoorbeeld in een van de eileiders. We spreken dan van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Die kan niet worden voldragen, omdat het bevruchte eitje zich niet goed kan ontwikkelen buiten de baarmoeder. Een buitenbaarmoederlijke zwangerschap is in de eerste weken moeilijk te herkennen. Je hebt namelijk gewoon een positieve zwangerschapstest en misschien ook al wat zwangerschapsverschijnselen. Vaak ontstaan er pas klachten tussen de vijfde en twaalfde week. Lees hier meer over buitenbaarmoederlijke zwangerschappen.