20 wekenecho

20 wekenecho: wat wordt er precies onderzocht?

De meeste kinderen worden gezond geboren, maar bij een klein percentage is er een aangeboren afwijking. Die wordt vaak bij de 20 wekenecho opgespoord. Waar kijkt de echoscopist precies naar en wat kun je van deze echo verwachten?

De 20 wekenecho wordt ook wel Structureel Echoscopisch Onderzoek (SEO) genoemd. Bijna alle kinderen worden gezond geboren, maar een klein percentage, ongeveer drie tot vier procent van alle kinderen, heeft bij de geboorte een aangeboren afwijking. Daarom praat je uitgebreid met je verloskundige of gynaecoloog over dit onderzoek. Zij bieden de 20 wekenecho aan, maar deze echo is niet verplicht. Je zorgverzekeraar vergoedt dit onderzoek. Lees hier wat er allemaal nog meer vergoedt wordt via de basisverzekering.

Advertentie

Je kunt de 20 wekenecho vanaf week 18 tot aan week 21 van je zwangerschap krijgen. Het meest gunstig is om de echo in de 19e week van je zwangerschap te laten maken. Dit gebeurt op dezelfde manier als de voorgaande termijnecho. Het onderzoek duurt ongeveer een half uur.

Wat wordt onderzocht bij de 20 wekenecho?

Bij de 20 wekenecho wordt er gekeken naar lichamelijke afwijkingen. De echoscopist kijkt onder andere naar:
open ruggetje
open schedel
• hartafwijkingen
• hersenen
waterhoofd
• ontbreken of afwijken van nieren
• ontbreken of afwijken van armen of benen
• afwijkingen aan de darmen
• breuk of gat in het middenrif
• breuk of gat in de buikwand

Ook wordt gekeken of het kind goed groeit en of er voldoende vruchtwater is.

De uitslag

De uitslag van het onderzoek krijg je meteen na het onderzoek. Is er door de 20 wekenecho een vermoeden op een lichamelijke afwijking, dan kom je in aanmerking voor verder onderzoek. Meestal is dat een uitgebreid echoscopisch onderzoek. Het vervolgonderzoek wordt meestal eerst met je huisarts, verloskundige of gynaecoloog besproken. Blijkt uit de prenatale screening dat er een verhoogde kans is op een afwijking, dan kun je kiezen voor vervolgonderzoek oftewel: prenatale diagnostiek. Lees hier wat dat precies inhoudt.

Bij de 20 wekenecho is het handig om niet alleen te gaan. Stel je voor dat de uitslag niet helemaal goed is, dan is het fijn iemand bij je hebben. Om deze reden mogen er ook geen kinderen bij deze echo aanwezig zijn.

Hoe betrouwbaar?

Dit onderzoek is geen 100 procent garantie voor een gezond kind, want niet alle aandoeningen kunnen worden gezien. Sommige afwijkingen ontwikkelen zich pas later in de zwangerschap, anderen kun je niet met een echo opsporen, zoals geestelijke stoornissen.

Tijdens de 20 wekenecho kun je ook niet zien of je kind het Downsyndroom heeft. Dat wordt onderzocht met de combinatietest. Die krijgt elke aanstaande moeder tussen de 9e en 14e week.

Wordt het een jongetje of een meisje?

Natuurlijk is de 20 wekenecho een onderzoek om te kijken naar lichamelijke afwijkingen. Maar tijdens dit onderzoek ziet de echoscopist vaak ook wat het geslacht is van je baby (lees hier meer over de geslachtsbepaling). Daarom wordt er vaak van tevoren aan je gevraagd of je het geslacht wil weten. De echoscopist is niet verplicht dit te doen.

Ligt je baby verkeerd en lukt het niet om iets te zien, dan kun je later een extra echo laten maken. Deze pretecho is geen standaard of medische echo en wordt dan ook niet vergoed.

Tip: met NUB-theorie kun je met 12 weken het geslacht bepalen.

Waar wordt de echo gemaakt?

De meeste 20 wekenecho’s worden in een gespecialiseerd echocentrum gemaakt. De screeningsecho kan ook in een verloskundige echopraktijk, een ziekenhuis of huisartsenlaboratorium worden gemaakt.

Op veel plaatsen werkt de verloskundige samen met een eerstelijns verloskundig echocentrum dat een vergunning heeft gekregen van de toezichthouder op de kwaliteit van de screeningsecho’s (het RIVM). Het is altijd handig als de echo wordt uitgevoerd in het centrum waar je verloskundige mee samenwerkt. Vraag aan je verloskundige welk echocentrum dit is.

Waarom zou je een 20 wekenecho laten maken?

De 20 wekenecho is niet verplicht. Daarom bespreek je vaak samen met je partner en je verloskundige of gynaecoloog om het onderzoek wel of niet te doen. Deze argumenten kun je meenemen in je overweging:

  1. Als je niet wil weten of er iets mis is met je baby, kun je ervoor kiezen deze echo niet te doen.
  2. Als er tijdens het onderzoek geen afwijkingen worden ontdekt, is dat een hele geruststelling.
  3. Hier staat natuurlijk tegenover dat als er wel wat wordt ontdekt, een vervolgonderzoek voor onzekerheid kan zorgen.
  4. Sommige afwijkingen zijn handig om te weten voordat je gaat bevallen, zodat er tijdens en na je bevalling eventuele extra zorg kan worden ingeschakeld.
  5. Houd er altijd rekening mee dat dit onderzoek niet 100 procent betrouwbaar is. Een gunstige uitslag is geen garantie dat je kind helemaal gezond is. Dit geldt ook andersom. Soms denkt een echoscopist een mogelijke afwijking te zien, maar blijkt er na de geboorte niks aan de hand te zijn. Dan heb je je onnodig zorgen gemaakt.
  6. Stel je voor dat er zo’n ernstige afwijking geconstateerd wordt die je niet verenigbaar met het leven vindt, dan kun je de zwangerschap nog afbreken. Een abortus is mogelijk tot 24 weken zwangerschap.

Nog even samengevat: dit zijn alle standaardecho’s die je tijdens je zwangerschap krijgt.