fysiotherapie

Wanneer is kinderfysiotherapie nodig voor baby en kind?

Ieder kind leert spelenderwijs bewegen. Dit gaat meestal goed, maar bij sommige kinderen kan de ontwikkeling wat langer duren of afwijken van wat ‘normaal’ is. Je kunt dan de hulp van een kinderfysiotherapeut inschakelen.

Wanneer naar de kinderfysiotherapeut?

Het kan zijn dat een kind door een beperking wordt vertraagd in zijn ontwikkeling. In dat geval kan een kinderfysiotherapeut helpen. Soms wordt zo iemand ook geraadpleegd door het consultatiebureau, als er twijfel is over de ontwikkeling. De kinderfysiotherapeut kijkt dan vaak mee om te monitoren en om te bepalen of er verder onderzoek nodig is of niet. Het doel is uiteindelijk dat je kind lekker kan bewegen en ontwikkelen zonder beperkingen. 

Doorverwijzing

Je hebt geen verwijzing nodig van de huisarts om een afspraak te maken, je kunt op eigen initiatief langsgaan. Als het nodig is komt de kinderfysiotherapeut bij je thuis, dit kan fijn zijn in verband met het geven van adviezen in de omgeving waar het kind het meest op zijn gemak is. Voor een aan huis behandeling heb je wel een verwijzing van de huisarts nodig. 

Wat doet een kinderfysiotherapeut?

Kinderen ontwikkelen en groeien voortdurend op zowel motorisch als zintuigelijk gebied maar soms wijkt deze ontwikkeling af van wat ‘gebruikelijk’ is. Dit kan komen door aandoeningen aan het houdings- en bewegingsapparaat of het heeft te maken met de zintuigen, organen of het zenuwstelsel. De kinderfysiotherapeut helpt het kind bepaalde vaardigheden eigen te maken door op een speelse en creatieve manier te onderzoeken en behandelen. Het resultaat: je kind kan makkelijker bewegen en zit lekkerder in zijn vel. 

Lees hier meer over de zintuigen van een baby (de eerste weken).

Uitleg bewegingsapparaat

Het klinkt wat afstandelijk ‘het houdings- en bewegingsapparaat’. Het betekent het orgaansysteem waardoor een mens kan staan, zitten en voortbewegen. Oftewel het skelet (gewrichten) en de skeletspieren die bewegingen mogelijk maken.

tip

Waar let een kinderfysiotherapeut op?

De kinderfysiotherapeute beschikt over de volgende kennis en vaardigheden:

  1. Afhankelijk van de hulpvraag wordt er in eerste instantie goed geobserveerd. Wat doet het kind allemaal al zelf. Is het bijvoorbeeld in staat om een speeltje te volgen en te pakken met beide handjes. Kan het kind al transfers maken, zoals vanuit rugligging naar buikligging komen. Of zelfstandig zitten? Ook kijkt de kinderfysiotherapeut naar de hantering. Hoe pakt een ouder het kind op? Hoe wordt er verschoond of borstvoeding gegeven en hoe wordt er bijvoorbeeld een beweging gestimuleerd. 
  2. Na de observatie volgt het onderzoek. Er wordt gekeken naar bijvoorbeeld de tonus/spanning van de spieren, er wordt gekeken naar de mobiliteit van de gewrichten en er wordt gekeken naar de kracht van een kind in verschillende houdingen. 
  3. Bij kinderen die al kunnen praten en opdrachten kunnen begrijpen wordt vaak spelenderwijs een beweging of houding uitgelokt. Als de kinderfysiotherapeut bijvoorbeeld vraagt om te hurken is dat vaak lastig, als je een puzzelstukje op de grond legt en bijvoorbeeld de puzzel op een tafeltje legt kan je heel mooi het hurken uitlokken en direct kijken hoe hij hurkt en weer omhoog komt. 
  4. Ook wordt er in het algemeen naar het kind gekeken of het gedrag vertoond dat bij zijn leeftijd past, zowel op motorisch gebied als ook op sensorisch en cognitief gebied.
  5. De kinderfysiotherapeut kijk vaak ook naar wat voor disciplines nog meer nodig zijn. Zoals het inzetten van een ergotherapeut voor mogelijke hulpmiddelen of een logopedist als er bijvoorbeeld ook moeite is bij het eten/drinken of praten. Daarnaast werken kinderfysiotherapeuten vaak nauw samen met consultatiebureaus, huisartsen en ziekenhuizen zodat er bij twijfel of verder onderzoek snel geschakeld kan worden. Dit zijn de meest voorkomende spraakproblemen bij kinderen.  

Baby’s van 0 tot 2 jaar

In het eerste jaar maakt een baby veel belangrijke motorische ontwikkelingen door. Motoriek is het vermogen om te bewegen. Je hebt grove en fijne motoriek. De grove motoriek gaat over grove bewegingen zoals omrollen, kruipen en lopen. Bij de fijne motoriek draait het om de fijne bewegingen zoals gericht grijpen naar en het vasthouden van speelgoed. Bij de meeste kinderen gaan die ontwikkelingen goed, maar als dat niet zo is, is er extra aandacht en misschien wel wat oefeningen met je kind nodig.

Lees ook: wanneer leert een baby tijgeren, kruipen, zitten en staan?

De reden om naar een kinderfysiotherapeut te gaan is per leeftijd verschillend. Bij een kind van 0 tot 2 jaar kunnen de volgende aanleidingen zijn:

  • Vertraagde motorische ontwikkeling (bijvoorbeeld niet op de buik willen liggen, niet kunnen omrollen, niet in staat zijn om zelfstandig te zitten, niet kunnen staan of lopen. Het kan ook om fijn motorische vaardigheden gaan zoals de samenwerking van de handen zoals het gericht pakken van speeltjes of het overpakken van links naar rechts.)
  • Voorkeurshouding
  • Scheef en/of afgeplat hoofd
  • Kramp, obstipatie of reflux
  • Veel huilen
  • Overstrekken of juist slapte (je baby voelt slapjes aan als je hem oppakt of kan bijvoorbeeld zijn hoofdje niet goed optillen)
  • Aangeboren aandoeningen 
  • Trauma na de bevalling

Kinderen vanaf 2 jaar en ouder

Als je kind twee jaar of ouder is, gaat hij meer van de wereld ontdekken en wordt hij steeds zelfstandiger. Rennen, klimmen en springen, maar ook knippen, plakken en zelf een jas of schoenen aantrekken zijn allemaal dingen die hij in deze fase leert. Sommige kinderen hebben extra hulp nodig van een kinderfysiotherapeut. Hieronder volgen een aantal redenen om met je kind naar een kinderfysiotherapeut te gaan:

Meer lezen: de motorische ontwikkeling van je peuter

De behandeling van de kinderfysiotherapeut

Een kinderfysiotherapeut zal je kind observeren en aan jou vragen stellen over zijn ontwikkelingen, je zwangerschap en de bevalling en eventuele andere bijzonderheden. Daarna onderzoekt de fysiotherapeut je kind. Dit kan bijvoorbeeld met motorische testen. Alle resultaten worden met je besproken en vervolgens krijg je een behandelvoorstel, oefeningen en/of een advies. 

Bijvoorbeeld hoe je je kind het beste kunt oppakken, neerleggen, dragen, voeden of verschonen. Maar ook hoe je je kind op een creatieve manier kunt stimuleren en in beweging brengen om zo de vaardigheid waar hij moeite mee heeft toch aan te leren. 

Wat kun je zelf doen?

Ga met het advies of oefeningen die je hebt gekregen aan de slag. Als je kind naar een gastouder of kinderopvang gaat, laat de medewerkers dan weten wat zij het beste kunnen doen en laten bij jouw kind. In sommige gevallen kan de kinderfysiotherapeut ook op de kinderopvang langs komen om ook daar te adviseren.

Tips bij een voorkeurshouding 

Stel dat je baby een voorkeurshouding heeft dan kun je hem zelf ook een handje helpen om dat af te leren. Het is belangrijk om hem uit te lokken om symmetrisch te gaan bewegen. Probeer je baby te stimuleren om ook de andere kant op te kijken. Je kunt dit doen door bijvoorbeeld het verschonen of voeden aan de andere kant te doen, dus niet aan de voorkeurskant. 

Ook is het goed voor je baby om hem af en toe op zijn buik te laten liggen. Blijf hier wel altijd bij. 

Meer tips: dit kun je zelf doen bij een voorkeurshouding

Vergoeding

Kinderfysiotherapie wordt vanuit de basisverzekering vergoed tot twee maal negen behandelingen. Als er sprake is van een chronische aandoening dan wordt kinderfysiotherapie onbeperkt vergoed. Er is in principe geen verwijzing van de huisarts nodig. Mocht een aan huis behandeling nodig zijn dan is een verwijzing van huisarts of specialist wel nodig.

Lees meer: Trage ontwikkeling: wanneer moet je je zorgen maken?

Anna Baltus

Kinderfysiotherapeute

Anna is mede eigenaar van De Fysio Studio in Amsterdam waar zij kinderen van 0 tot 18 jaar behandelt. Anna is expert op het gebied van alles wat met motorische ontwikkeling bij kinderen te maken heeft. Haar doel is om kinderen binnen hun kunnen met plezier te laten bewegen, zonder beperkingen, pijn of angst.