eerste week borstvoeding

Alles wat je moet weten over borstvoeding in de eerste week

Voor de eerste keer borstvoeding geven, is best even wennen. Hoe leg je je pasgeboren baby aan? Wanneer heeft hij genoeg gedronken? En wat als het allemaal niet vanzelf gaat? Hier alles wat je moet weten en tegen kunt komen bij het geven van borstvoeding in de eerste week na de bevalling.

Direct na de geboorte

Na de bevalling wordt je baby zo snel mogelijk op je blote buik of borst gelegd. Dit huid-op-huidcontact is belangrijk voor een goede hechting tussen jou en je kind en voor het stabiel houden van zijn lichaamstemperatuur en ademhaling. Vaak zal je baby na de geboorte eerst even bij moeten komen voordat hij honger krijgt. Zeker wanneer het een zware bevalling is geweest. Als hij wil drinken, meestal binnen het eerste uur na de geboorte, gaat hij smakken, op zijn handje sabbelen of zelfs op zoek naar een tepel. Je tepels zijn tijdens je zwangerschap donkerder geworden en kleine kliertjes eromheen scheiden een stof af die ruikt naar vruchtwater, zodat de baby de tepel goed kan vinden. Je baby zal zelf misschien al naar de tepel happen. Soms is het nodig om hem op weg te helpen. De kraamverzorgster of de verpleegkundige in het ziekenhuis zal je hierbij helpen als dat nodig is.

Advertentie

Toeschietreflex

Zodra je baby jouw tepel in zijn mond neemt en begint te zuigen, maakt je lichaam de hormonen oxytocine en prolactine aan. Door de oxytocine trekken de kleine spiercellen rondom de melkkanalen en –kliertjes zich samen, waardoor de melk naar de tepel stroomt. Dit wordt de toeschietreflex genoemd. Het drinken van je baby uit je borst vlak na de bevalling helpt ook bij de geboorte van de placenta: als je baby zuigt, trekt de baarmoeder samen. De placenta komt zo los van de baarmoederwand en wordt uitgedreven. Dit gebeurt meestal na ongeveer een kwartier tot een half uur.

Lees ook: Praktische tips voor de eerste nacht met je baby

Colostrum

De eerste moedermelk heet colostrum en is helemaal afgestemd op de behoefte van je pasgeboren baby. Het is dikker en geler dan ‘gewone’ moedermelk en is zeer geconcentreerd, zit vol eiwitten, voedingstoffen en antistoffen, heeft een laag vetgehalte en is licht verteerbaar. Verwacht niet dat je baby meteen lang drinkt. Een klein beetje (theelepeltje) colostrum is al voldoende voor je baby’s piepkleine maag.

Lees ook: Dit leer je op een borstvoedingscursus

Meconium

Moedermelk is niet alleen een goede start voor je baby, het werkt ook als laxeermiddel. Vlak na de geboorte poept je baby meconium, een groenzwart, kleverig goedje dat hij in zijn darmen heeft verzameld door vruchtwater te drinken. De eerste poepluier van vele, want zeker als je borstvoeding geeft, is het vaak na elke voeding raak.

Lees ook: Wegwerpluiers of wasbare luiers?

Dag 1 en 2

Hoe vaker je baby in het begin drinkt, hoe beter het is voor de melkproductie. Er zijn verschillende methodes om de melkproductie de eerste tijd dat je borstvoeding geeft te stimuleren. Kijk hier hoe je dit aanpakt. Je baby heeft genoeg gedronken als hij uit zichzelf de tepel loslaat, in een voldane slaap valt of als zijn zuigritme oppervlakkiger wordt. Maak je je zorgen of je wel genoeg borstvoeding hebt? Hier wat handige tips.

Aantal voedingen

Zorg dat je zoveel mogelijk huidcontact hebt met je baby. Je baby ligt dan dicht bij jouw borsten en kan op ieder moment van de dag melk drinken. De kraamverzorgster kan je helpen met het aanleggen van je baby. De eerste week moet je baby overdag op z’n minst elke drie uur drinken. ’s Nachts mag er ongeveer vijf uur tussen de voedingen zitten. Als je baby niet uit zichzelf wakker wordt om te drinken, is het slim om hem te wekken voor een voeding.

Neem de tijd

In het begin kan het een paar minuten duren voordat de melk toeschiet, dus neem rustig de tijd voor het voeden. Verliest je baby wat gewicht? Dat is de eerste dagen normaal. Na ongeveer twee weken is het de bedoeling dat hij weer terug op zijn geboortegewicht zit. Na een week zou je genoeg melk moeten hebben om je baby te kunnen voeden. Zo’n acht voedingen per 24 uur is in het begin heel gewoon. Probeer in elk geval minimaal 6 voedingen per dag te geven, want dat houdt de melkproductie op gang.

Goed aanleggen

Als je je baby goed aanlegt, drinkt hij beter. Bovendien bescherm je zo je borsten tegen pijnlijke kwaaltjes. Het is dus zeker in het begin belangrijk dat je hier goed op let. Zo leg je je baby goed aan in drie stappen.

Dag 3 en 4

Vanaf dag 3 begint de borstvoeding vaak echt op gang te komen en verandert het colostrum in ‘gewone’ moedermelk. Je baby drinkt nu waarschijnlijk acht tot twaalf keer in de 24 uur. Drinkt je baby minder vaak of juist veel vaker: maak je geen zorgen. Elke baby heeft nou eenmaal een andere behoefte en manier van drinken. Zolang je baby tevreden is tussen de voedingen door en voldoende aankomt, hoef je je geen zorgen te maken.

Stuwing

Als je borstvoeding geeft, kun je last krijgen van stuwing. De borstvoeding moet op gang komen en dat kan behoorlijk pijn doen. Je krijgt warme, pijnlijke en/of gespannen borsten (alsof ze op springen staan). Als je je baby vaak voedt, minstens 10 tot 12 keer per 24 uur, zal de stuwing binnen een paar dagen vanzelf minder worden.

Beide borsten

Bied tijdens elke voeding beide borsten aan, zodat je zeker weet dat je baby genoeg binnen krijgt en de borstvoeding goed gestimuleerd wordt. Je baby stopt vanzelf met drinken als hij genoeg heeft gehad. Je borsten voelen soepel aan als ze ‘leeg’ zijn. Waarschijnlijk zal je baby uit de eerste borst wat langer drinken dan uit de tweede. Leg hem in dat geval bij de volgende voeding eerst aan de borst waar hij de vorige keer het laatst uit gedronken heeft.

Lees meer: Borstvoedingshoudingen: welke past bij jou en je baby?

Borstontsteking

Je kunt door een verstopt melkkanaaltje een borstontsteking krijgen. Dit heeft meestal te maken met het verkeerd aanleggen of happen van je baby. Als je denkt dat je een borstontsteking hebt, maak dan meteen een afspraak met je huisarts of een lactatiekundige.Dit zijn de meest voorkomende borstvoedingskwaaltjes.

Lees ook: Borstontsteking, wat te doen?

Tepelkloven

Ook tepelkloven horen in het rijtje van borstvoedingskwaaltjes thuis. Dat zijn kleine, pijnlijke scheurtjes in de tepel die kunnen bloeden. Ook tepelkloven worden meestal veroorzaakt door verkeerd aanleggen.Tepelhoedjes kunnen een oplossing zijn bij tepelkloven.

Lees ook: Pijnlijke tepels bij borstvoeding

Poep- en plasluiers

De ontlasting van baby’s die borstvoeding krijgen, heeft gewoonlijk een niet-stinkende, enigszins zoete geur. De eerste poepluier (meestal één op de eerste dag) bestaat uit meconium en is geurloos. Het ziet er donkergroen tot pikzwart uit en is erg plakkerig. Daarna verandert de poep geleidelijk en wordt deze meer bruin/geelachtig en minder plakkerig.

Vanaf dag vier is babypoep over het algemeen geel en korrelig (zoals grove mosterd waarin hele zaden zijn verwerkt). De urine van je baby zou lichtgeel moeten zijn. De gemiddelde pasgeboren baby plast elke dag één keer. Tot ongeveer dag drie, dan zou hij ongeveer drie natte luiers per dag moeten hebben. Vanaf dag vijf heeft je baby als het goed is dagelijks vijf of meer natte luiers die ook steeds zwaarder worden.

Goed om te weten: Wat is normaal als het gaat om babypoep?

Dag 5 en 6

Na ongeveer vijf dagen is de kans groot dat je je draai begint te vinden met het geven van borstvoeding. Misschien doet het nog een beetje pijn als je je baby aanlegt, maar als het goed is gaat dit nu snel over. Blijft borstvoeding pijn doen, maak je je zorgen of je voldoende voeding hebt of loop je tegen problemen aan bij het geven van borstvoeding? Bespreek dit met de kraamverzorgster of maak een afspraak met een lactatiedeskundige.

Lees ook: Wat doet een lactatiedeskundige?

Gewichtsverlies na de geboorte

In de eerste week na de geboorte vallen de meeste baby’s een beetje af. Het is heel normaal, maar ze mogen niet meer dan tien procent van hun gewicht verliezen. De reden dat de baby’s afvallen heeft vaak te maken met het feit dat de moeder nog niet genoeg borstvoeding produceert, de baby nog niet goed weet hoe hij moet drinken of daar de kracht niet voor heeft. Het maakt bij dat laatste niet uit of je baby borst- of flesvoeding krijgt. In de tweede tot vierde week komt je baby vaak weer op zijn geboortegewicht.

Lees meer: De lengte en het gewicht van je baby

Even wegen

Als je op verzoek voedt, zou je lichaam de juiste hoeveelheid moedermelk aan moeten maken die je baby nodig heeft. Twijfel je of je baby wel genoeg borstvoeding krijgt en of hij niet te veel afvalt? Weeg je baby dan thuis of op het consultatiebureau. Doe dit wel altijd op dezelfde manier, zonder kleding en zonder luier aan.

Handig! Voedingsschema voor borstvoeding

Na één week

De kraamverzorgster neemt (meestal) na een week weer afscheid. Als het goed is, lukt het je nu helemaal zelf om borstvoeding te geven. Misschien moet je in het begin nog erg wennen aan het alleen thuis zijn met je baby en krijg je niet veel meer gedaan in het huishouden. Vergeet niet dat het geven van borstvoeding ook best intensief is. En hoe lief en behulpzaam partners ook zijn, het produceren van melk en het borstvoeden van de baby kunnen ze niet van jou overnemen.

Tip: Spoedcursus borstvoeding voor partners

Kolven

Als het niet lukt om je baby goed te laten happen of als hij problemen heeft met zuigen, kun je overwegen om te gaan kolven en de moedermelk met een flesje te geven. Bijkomend voordeel is dat je partner de baby dan ook kan voeden. Geef je baby wel alle kans om zo ontspannen mogelijk aan de fles te wennen. Kolven kan in de eerste periode ook helpen bij het op gang krijgen van de melkproductie.

Lees ook: Kolven: wanneer, hoe vaak en hoe lang?

Van borst- naar flesvoeding

Vind je het geven van borstvoeding niet prettig, gaat het moeizaam of is er een andere reden dat je ermee wilt stoppen? Het is belangrijk om de borstvoeding dan rustig af te bouwen. Zo hebben je lichaam en je baby tijd om aan flesvoeding te wennen. Er is dan niet één juiste methode of een ideaal moment. Met behulp van deze tips kun je uitzoeken wat het beste werkt voor jou en je baby.

Meer weten? Lees hier alles over kunstvoeding

Dit artikel is tot stand gekomen en goedgekeurd door artsen en andere (medische) deskundigen van het Ouders van Nu expertteam.

Christine Bulsing

Lactatiekundige

Christine Bulsing is lactatiekundige en jeugdverpleegkundige bij de jeugdgezondheidszorg. Vanuit haar praktijk Zoete Melk begeleidt ze moeders bij de borstvoeding. Daarnaast geeft ze ook voorlichtingsavonden over borstvoeding voor aanstaande ouders.

Contact
Website
Facebook
Instagram