Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

 

Borstvoeding: 8 veel voorkomende problemen

Het geven van borstvoeding kan soms gepaard gaan met allerlei dilemma’s. Wat doe je als borstvoeding geven niet lukt? Of als het pijn doet? Dit zijn de meest voorkomende borstvoedingsproblemen.

Advertentie

Mogelijke problemen bij borstvoeding

Met borstvoeding krijgt je baby belangrijke voedingsstoffen binnen en tijdens het voeden versterk je de band die je met je kind opbouwt. Maar voor veel vrouwen gaat borstvoeding geven van begin af aan niet vlekkeloos. Het kan pijn doen, je kunt twijfels hebben over de hoeveelheid melk die je baby binnenkrijgt, misschien gaat je baby snel huilen als hij aan de borst ligt of wil hij niet drinken, of het aanleggen lukt niet goed.

Er zijn ook allerlei dilemma’s waarmee je te maken kunt krijgen: hoe lang blijf je voeden, ga je kolven op je werk en hoe pak je voeden in het openbaar aan? Lees hier meer over de verschillende problemen waar je tegenaan kunt lopen als je borstvoeding geeft.

1. Als borstvoeding geven niet lukt

Borstvoeding gaat lang niet altijd van begin af aan goed. Ben je ermee aan het worstelen, weet dan dat je zeker niet de enige bent: borstvoedingsproblemen komen bij veel vrouwen voor. Als borstvoeding geven niet meteen lukt, is er gelukkig allerlei hulp mogelijk. In de eerste plaats kun je terecht bij je kraamverzorgster. Zij kan je bijvoorbeeld helpen met goed aanleggen.

Als je baby de borst niet goed pakt en je komt er met de hulp van je kraamverzorgster niet uit kun je een lactatiekundige inschakelen. Zij kan onderzoeken wat de oorzaak is. Dat kan van alles zijn; misschien heeft je baby een te kort tongriempje of een te strak lipbandje. Misschien drinkt je baby te gulzig of valt hij juist in slaap aan de borst. Of misschien heeft je baby last van spruw, of heb je ingetrokken tepels? Daar zijn allerlei oplossingen voor. Vaak gaat het met een beetje hulp uiteindelijk toch goed.

Advertentie

Lukt het ook met hulp niet om borstvoeding te geven, dan kun je besluiten om te kolven en de afgekolfde melk te vingervoeden of met de fles te geven. Ook kun je de borstvoeding afbouwen en overstappen op flesvoeding. Het is jouw keuze, laat je daarin niet te veel beïnvloeden door wat anderen ervan vinden.

Lees ook: Baby drinkt te snel, kan dat kwaad?

2. Pijn bij borstvoeding

Het kan zijn dat borstvoeding geven pijn doet. Ook daarvoor geldt: je bent niet de enige. Zeker in de eerste weken kan het pijnlijk zijn, maar ook als je al weken of maanden borstvoeding geeft kun je nog pijnlijke klachten krijgen. Er zijn allerlei soorten borstvoedingskwaaltjes. Veel vrouwen krijgen in de eerste dagen of weken last van pijnlijke tepels of tepelkloven. Dat kan zelfs zoveel pijn doen dat je liever geen borstvoeding meer wilt geven. Toch is het zonde om dan direct te stoppen, want vaak gaat het vanzelf over of kun je het probleem oplossen als je weet wat de oorzaak is. Het kan bijvoorbeeld zijn dat je baby verkeerd aanhapt of misschien is een tepelhoedje de oplossing.

Vraag je kraamverzorgende of een lactatiekundige om hulp. Pijnlijke, branderige tepels kunnen ook worden veroorzaakt door spruw. Als je spruw hebt, voel je soms ook een stekende pijn in je borst, of krijg je last van tepelkloven die maar niet genezen. Spruw is goed te behandelen met een zalf.

Een ander veel voorkomend probleem tijdens de borstvoeding is een borstontsteking. Dat kan erg pijnlijk zijn en je kunt er flink ziek van worden en koorts krijgen. Lees hier hoe je een borstontsteking herkent en hoe je er vanaf komt.

Advertentie

Meer lezen: Alles wat je moet weten over borstvoeding in de eerste week.

3. Twijfels over te weinig melk

Veel moeders vragen zich of af ze wel genoeg moedermelk hebben om hun kind te voeden. Daar mag je gerust van uitgaan. In uitzonderlijke gevallen krijgt een baby echt niet genoeg binnen en valt hij te veel af. Mogelijk hapt je baby niet op de juiste manier aan, waardoor hij te weinig melk binnenkrijgt of valt hij te snel in slaap aan de borst. Het is dan verstandig om een lactatiekundige in te schakelen zodat zij kan meekijken met het drinken uit de borst. Een andere mogelijkheid is om extra te kolven. Je hiervoor je eigen kolf gebruiken of een kolf huren bij de thuiszorgwinkel. Lees ook deze tips om je melkproductie te verhogen.

Blijk je nadat een lactatiekundige heeft meegekeken toch te weinig melk te hebben en extra kolven helpt niet? Dan kun je overstappen op flesvoeding. Je kunt ook kijken of je flesvoeding kunt combineren met  borstvoeding. ’s Ochtends heb je vaak meer melk en kun je je baby zelf voeden. Overdag kun je dan een keer flesvoeding geven. Houd er wel rekening mee dat hoe meer flessen je geeft, hoe meer je productie achteruit zal gaan.

Op sommige dagen lijkt het misschien alsof je baby onverzadigbaar is en maar blijft vragen om voeding. Dat kan een regeldag zijn. Op regeldagen wil je baby meer drinken dan je van hem gewend bent. Als je blijft voeden op verzoek (en dus meer voedt dan normaal), gaat je melkproductie omhoog om in de behoefte van je baby te voorzien. Regeldagen duren vaak één of twee dagen, maar het kan ook langer duren (soms zelfs een week).

Lees ook: Hoe weet je of je baby genoeg heeft gedronken?

4. Te veel melk

Andere moeders maken zich juist zorgen omdat ze te veel melk produceren. Overproductie van melk kan verschillende problemen opleveren. Je borsten voel erg vol en zwaar aan, ook na het voeden. Je kunt veel last hebben van stuwing en lekkende borsten. Daarnaast loop je kans op verstopte melkkanaaltjes en borstontsteking. Bij overproductie van melk kun je beter niet gaan kolven. Wat wel goed helpt, is blokvoeding. Dan geef je borstvoeding in tijdsblokken van drie uur, waarbinnen je je baby steeds aan dezelfde borst aanlegt. Doe dit altijd in overleg met een lactatiekundige. Lees hier meer over hoe je blokvoeding aanpakt.

Lees ook: 10x misverstanden over borstvoeding

5. Borstvoeding terwijl je ziek bent

We worden allemaal weleens ziek en dat kan ook gebeuren terwijl je borstvoeding geeft. Dat hoeft geen probleem te zijn: als jij verkouden bent, griep hebt of ziek bent, kun je gewoon borstvoeding blijven geven. Je lichaam maakt antistoffen aan tegen de ziektemakers in je lijf en die antistoffen komen ook in de moedermelk terecht. Zo geef je ze door aan je baby, wat juist goed is. Je baby wordt er niet ziek van, maar krijgt wel afweerstoffen binnen waardoor zijn weerstand sterker wordt.

Doordat je ziek bent, kun je wel tijdelijk minder melk aanmaken, omdat je lichaam veel energie steekt in het bestrijden van het virus of de bacterie in je lichaam. Zeker als je ook moet overgeven, of veel zweet door koorts, verlies je veel vocht en wordt de melkproductie minder. Als je daardoor te weinig melk produceert voor je baby, moet je hem misschien tijdelijk bijvoeden of vaker aanleggen. Lees hier meer over borstvoeding als je ziek bent en wat je moet doen als je in het ziekenhuis terechtkomt terwijl je borstvoeding geeft.

Waar je wel mee moet oppassen als je ziek bent en borstvoeding geeft, is medicijngebruik. Sommige medicatie kun je veilig innemen als je borstvoeding geeft, maar andere medicijnen kun je beter niet nemen. Check altijd de bijsluiter voordat je iets inneemt. Bij twijfel is het verstandig om het niet te nemen. Heb je echt een medicijn nodig, overleg dan eerst met je huisarts.

6. Moeite met voeden in het openbaar

Sommige moeders hebben er totaal geen moeite mee, maar de meeste vrouwen vinden borstvoeding geven in het openbaar (zeker de eerste keer) best even spannend. Toch is het handig als je ook onderweg gewoon de borst kunt geven. Zie je ertegenop? Zoek dan een rustige plek of ga met je rug naar de mensen toe zitten. Voordeel is ook dat je baby dan niet zo snel afgeleid raakt. Je kunt ervoor kiezen om speciale borstvoedingskleding te dragen. Zo blijft je borst bedekt en zien anderen er nauwelijks iets van. Met meerdere lagen kleding of een grote sjaal / hydrofiele doek kun je ook veel bedekken.

Tip: Ga thuis eens voor een spiegel zitten voeden. Zo zie je wat er voor omstanders te zien is. Waarschijnlijk valt dat reuze mee.

Lees ook: Borstvoeding en een glaasje alcohol, kan dat?

7. Kolven onder werktijd

Ben je van plan om na je verlof door te gaan met de borstvoeding, dan kun je op je werk gaan kolven. Helaas gebeurt het nog weleens dat vrouwen op onbegrip stuiten op hun werk. Collega’s kunnen bijvoorbeeld vervelende opmerkingen maken, omdat je een paar keer per dag ‘kolfpauze’ moet nemen. Vertel je werkgever en eventueel je collega’s voordat je terugkomt van verlof dat je wilt gaan kolven onder werktijd. Laat ze weten wanneer je ongeveer gaat kolven en wanneer je weer bereikbaar bent.

Je staat volledig in je recht: tot je kind negen maanden is mag je volgens de wet maximaal een kwart van je werktijd besteden aan het voeden van je baby. Dat heet voedingsrecht. Je mag zelf kiezen of je naar je baby toegaat om hem te voeden of dat je kolft. Ook moet je werkgever voor een afsluitbare kolfruimte zorgen. Na die negen maanden moet je nog steeds de mogelijkheid krijgen om te kolven, maar je krijgt de tijd dan niet meer doorbetaald. Lees hier meer: Kolven op je werk, dit zijn je rechten.

8. Hoe lang blijven voeden?

Hoe lang je de borst geeft, bepaal je uiteraard zelf. De ene moeder stopt na een paar dagen omdat het niet lukt. Andere moeders gaan door tot ze weer aan het werk moeten. En weer anderen blijven hun kind voeden tot ze de WHO-norm hebben gehaald (twee jaar) of misschien nog langer. Hoe lang je borstvoeding blijft geven, hangt af van jouw omstandigheden en is helemaal aan jou en wat je fijn vindt. Er zijn zoveel meningen over wat het beste is, maar doe vooral waar jij je goed bij voelt.

Hoe lang je ook voedt, er komt een moment dat je ermee wilt (of noodgedwongen moet) stoppen. Het is dan het verstandigst om de voedingen rustig af te bouwen. Doe dit stap voor stap, want als je te snel afbouwt loop je risico op een borstontsteking.

Video: Alles wat je moet weten over borstvoeding geven:

Bronnen: La Leche League, Apotheek.nl