Alles over vruchtwater

Alles over vruchtwater

Tijdens je zwangerschap is je baarmoeder gevuld met vruchtwater. Dit speelt een belangrijke rol in de bescherming van je ongeboren baby. Maar te veel of te weinig ervan kan voor complicaties zorgen.

Wat is vruchtwater?

In de eerste veertien weken van je zwangerschap wordt de vruchtzak, het vlies waarin je baby groeit,  gevuld met vocht uit jouw bloedsomloop. Dit vruchtwater bestaat dus voornamelijk uit water en voor een klein deel uit zouten en cellen van je baby. Na ongeveer vier maanden gaat je baby vruchtwater inslikken: dit plast hij terug in het vruchtwater. Dat klinkt misschien niet zo fris, maar dit recyclen is volkomen veilig.

Het vruchtwater is erg belangrijk voor de bescherming van je baby:

  • Het dient als stootkussen; als jij je beweegt of je buik stoot, vangt het water de klappen op.
  • Met het inslikken ervan traint je baby zijn ademhalingsstelsel en spijsverteringssysteem.
  • Het zorgt voor een aangename temperatuur in de baarmoeder.
  • Het beschermt je baby tegen infecties.
  • Het voorkomt dat de navelstreng wordt dichtgedrukt.
  • Door te ‘zwemmen’ traint je baby alvast zijn spieren.

Vruchtwater verliezen

Aan het einde van de zwangerschap kan je vruchtwater verliezen. Dit is vaak een teken dat de bevalling gaat beginnen. De meeste vrouwen krijgen eerst weeën, maar bij ongeveer 10% van de vrouwen begint de bevalling met het breken van de vliezen. Dan komt ook het vruchtwater vrij; in een golf, in kleine, warme beetjes of in een geleidelijke, langzame stroom.

Hoe ziet het eruit?

Vruchtwater is makkelijk te verwarren met urineverlies of vaginale afscheiding. Soms is het lastig om te bepalen of wat je verliest vruchtwater is. Je kunt het onder andere herkennen aan de geur en kleur. Het ruikt zoet en is vaak helder en kleurloos, zoals gewoon water. Soms zitten er witte vlokken in. Er kan ook een beetje bloed bij zitten waardoor het een roze kleur heeft.

Als je baby in het vruchtwater heeft gepoept, kan het groen, donkergeel of bruin van kleur zijn. Dit wordt meconiumhoudend vruchtwater genoemd. Hoewel dit vaak voorkomt, kan dit ook leiden tot complicaties. Het is daarom belangrijk om direct contact op te nemen met je verloskundige als je denkt dat je ongeboren baby al gepoept heeft.

Te veel vruchtwater

Soms zit er te veel vruchtwater in je baarmoeder. Dat wordt ook wel polyhydramnion genoemd en kan met een echo worden vastgesteld. Wanneer je ongeveer een kwart of meer vocht extra hebt dan normaal, is er sprake van te veel vruchtwater. Deze zwangerschapscomplicatie treedt op bij ongeveer 1% van de zwangerschappen. Goed om te weten: meestal gaat het om een vrij onschuldig en voorbijgaand verschijnsel.

Oorzaken

De symptomen zijn een te snel groeiende baarmoeder, rugpijn, buikklachten, extreem opgezwollen enkels en kortademigheid. In meer dan de helft van de gevallen wordt er geen specifieke oorzaak gevonden. Toch zijn er een aantal oorzaken en risicofactoren die de kans op polyhydramnion kunnen verhogen, zoals het dragen van een meerling, genetische afwijkingen bij je baby (zoals het syndroom van Down) of een afwijking waardoor je baby niet of beperkt vruchtwater slikt.

Behandeling

Wanneer polyhydramnion op tijd wordt ontdekt kan het teveel aan water via een vruchtwaterpunctie worden afgevoerd.

Omdat te veel water kan wijzen op een afwijking bij je baby zal er extra goed worden gezocht naar de oorzaak. Ook zal je tijdens de rest van je zwangerschap en de bevalling goed in de gaten worden gehouden. Het zorgt namelijk ook voor een verhoogd risico op complicaties. Als de baarmoeder uitzet als gevolg van de te grote hoeveelheid kan dat leiden tot het vroegtijdig breken van de vliezen, weeën en vroeggeboorte. Ook kan de placenta (moederkoek) vroegtijdig loslaten.

Te weinig vruchtwater

Het kan ook zijn dat er te weinig in je baarmoeder zit. Dit wordt ook wel oligohydramnion genoemd. De symptomen hiervan zijn een relatief kleine baarmoeder en het voelen van weinig beweging van je baby. Het komt vaker voor ná je uitgerekende datum. Met een echo kan worden gekeken of er daadwerkelijk sprake is van een tekort.

Oorzaken

Oorzaken of risicofactoren zijn onder andere: gescheurde of gebroken vliezen, het dragen van een meerling, zwangerschapsvergiftiging of diabetes, het niet goed functioneren van de placenta of een aangeboren afwijking bij je baby.

Gevolgen

Hoe later in de zwangerschap er sprake is van te weinig vruchtwater, hoe minder problemen dit over het algemeen oplevert. Wel zal je door de verloskundige beter in de gaten worden gehouden, vanwege de verhoogde kans op complicaties. Wat je zelf kan doen is de bewegingen van je baby goed in de gaten houden. Je moet je baby goed kunnen blijven voelen bewegen. He kan nodig zijn om de bevalling op te wekken of om de baby eerder te halen met een keizersnede.

Video: Zo krijgt je foetus eten binnen