afweersysteem

Zo werkt het afweersysteem van je kind

De functie van het afweersysteem van je kind is het lichaam beschermen tegen bacteriën, virussen, schimmels en andere indringers. Hoe werkt dit complexe systeem? En hoe kun je de weerstand van je kind verhogen?

Wat is het afweersysteem?

Ons afweersysteem, ook wel immuunsysteem genoemd, beschermt het lichaam tegen allerlei indringers van buitenaf. Het zorgt ervoor dat lichaamsvreemde stoffen, zoals bacteriën, virussen, schimmels, parasieten en allergenen worden tegengehouden, of dat ze worden vernietigd als ze toch het lichaam zijn binnengedrongen.

Het afweersysteem bevindt zich door ons hele lichaam. Het bestaat onder andere uit de huid, de slijmvliezen in de luchtwegen en darmen, uit speeksel en maagzuur, witte bloedcellen en het lymfestelsel. Het is een complex systeem dat op allerlei mogelijke manieren probeert om het lichaam te beschermen tegen ziekteverwekkers.

Aangeboren afweer

Het immuunsysteem bestaat uit drie onderdelen: 

  • de fysieke barrière 
  • algemene (a-specifieke) afweer
  • specifieke afweer 

Een deel van het immuunsysteem is aangeboren, namelijk de fysieke barrière en de algemene afweer. Dit deel werkt dus al direct vanaf de geboorte van je kind, al moet het zich nog wel verder ontwikkelen.

De fysieke barrière moet ervoor zorgen dat ziekteverwekkers überhaupt niet het lichaam binnendringen. De huid, slijmvliezen en het speeksel en maagzuur vormen letterlijk een barrière tussen de buitenwereld en het inwendige lichaam. De algemene afweer pakt álle indringers aan. Dit gebeurt door de witte bloedcellen in het bloed, die elke schadelijke stof die ze tegenkomen proberen te vernietigen.

En dan is er ook nog de specifieke afweer, dat heel gericht specifieke ziektekiemen aanpakt. Die specifieke afweer moet zich gedurende een mensenleven nog ontwikkelen.

Weerstand opbouwen

Je kind moet na zijn geboorte dus weerstand gaan opbouwen tegen allerlei specifieke ziekteverwekkers. Dat opbouwen gebeurt als je kind voor het eerst in aanraking komt met zo’n specifieke ziekteverwekker. Het lichaam maakt dan antistoffen en afweercellen aan tegen die specifieke indringer. Na die eerste keer onthoudt het immuunsysteem hoe het die ziekteverwekker moet aanpakken. Als diezelfde ziektekiem dus later nog eens het lichaam binnendringt, herkent het afweersysteem dat direct en stuurt gelijk die specifieke afweercellen eropaf.

Een voorbeeld: als je kind voor het eerst besmet wordt met het waterpokkenvirus, wordt hij ziek. Je kind krijgt de waterpokken, want het afweersysteem kan dit virus nog niet vernietigen. Maar op het moment dat je kind de waterpokken heeft opgelopen, bouwt zijn lichaam antistoffen op tegen dat virus. Die antistoffen blijven voor altijd in zijn bloed zitten. Als je kind daarna ooit nog eens in aanraking komt met het waterpokkenvirus, zal hij niet meer ziek worden. Je kind is er immuun voor geworden. Lees hier wanneer waterpokken gevaarlijk kunnen zijn voor een zwangere vrouw.

Hoe ouder je kind is, hoe meer afweerstoffen hij heeft opgebouwd en hoe sterker zijn afweersysteem is geworden. Het immuunsysteem is ongeveer aan het eind van de puberteit ‘volgroeid’. Dat wil overigens niet zeggen dat je kind dan nooit meer ziek zal worden, maar hij is wel een stuk minder vatbaar voor ziektes geworden.

Tip: deze kinderziektes zijn gevaarlijk als je zwanger bent. 

afweersysteem

Waarom toch vaker verkouden?

Toch lijkt het vreemd: waterpokken krijgen kinderen maar één keer, maar verkouden zijn ze veel vaker. Dat komt doordat er maar één waterpokkenvirus is, maar talloze verkoudheidsvirussen. Als je kind net verkouden is geweest dankzij virus X, en een maand later komt virus X wéér langs, dan heeft je kind al afweerstoffen tegen virus X opgebouwd. Je kind wordt dan niet weer verkouden. Maar als verkoudheidvirus Y of virus Z voorbij komt, dan is je kind daar nog niet immuun voor. Dan wordt hij dus wel weer verkouden en begint het besmet- en herkenproces weer opnieuw. 

Kinderen kunnen daardoor met gemak meer dan tien keer in een jaar verkouden worden. Maar elke keer dát hij verkouden is, wordt zijn afweergeheugen steeds verder opgebouwd. 6 tips: dit kun je zelf doen als je baby verkouden is. 

Afweer bij pasgeboren baby’s 

Die ‘herkenning’ van specifieke ziekteverwekkers zit nog niet in het systeem bij pasgeboren baby’s. Zij worden geboren met een onvolgroeid afweersysteem. Toch zijn baby’s, weliswaar tijdelijk, wel beschermd tegen bepaalde specifieke ziektekiemen. De placenta werkte tijdens de zwangerschap namelijk als een doorgeefluik van afweerstoffen. Het gaat om antistoffen tegen ziekteverwekkers waarmee de moeder al voor of tijdens de zwangerschap in aanraking is gekomen. Maar de voorraad aan afweerstoffen die de baby van zijn moeder meekrijgt, is maar beperkt. Na de geboorte kunnen baby’s er zo’n drie maanden mee vooruit. Daarna moeten ze zelf hun afweerstoffen gaan opbouwen en uitbreiden. 

Ondanks de voorraad afweerstoffen zijn baby’s erg vatbaar voor virussen en bacteriën waar ze nog geen antistoffen voor hebben. En sommige vrij onschuldige ziekteverwekkers kunnen voor een baby veel hevigere gevolgen hebben dan voor volwassenen, zoals het RS-virus. Een volwassene met het RS-virus heeft waarschijnlijk hooguit een neusverkoudheid, maar een baby kan er ernstig ziek van worden. Het is dus niet gek om verkouden kraamvisite op afstand te houden. En pas bijvoorbeeld ook heel goed op als iemand in de omgeving een koortslip. Het herpesvirus wat een koortslip veroorzaakt, is erg gevaarlijk voor baby’s. Lees hier meer: dit zijn de risico’s van een koortslip voor je baby. 

Afweerstoffen via borstvoeding

Het geven van borstvoeding helpt mee aan het opbouwen van het afweersysteem van je kind. In moedermelk zitten namelijk antistoffen tegen ziekteverwekkers. Zo helpt moedermelk bij de ontwikkeling van het darmslijmvlies en de darmflora van je kind. Via de borstvoeding krijgt je kind allerlei ‘goede’ bacteriën in zijn darmen, die ervoor zorgen dat slechte bacteriën er minder makkelijk kunnen vestigen. En de moedermelk zorgt voor een beschermend laagje op de darmwand, waardoor ziekteverwekkers moeilijker het lichaam binnen kunnen komen via de darmen. Lees meer over babypoep, wat is normaal?

Daarnaast zitten er in moedermelk miljoenen witte bloedcellen, eiwitten en enzymen die de ontwikkeling van het afweersysteem van je baby stimuleren. Zo bevat het onder andere een enzym dat via het speeksel van je baby de streptokokkenbacterie aanpakt en een eiwit dat de groei van virussen remt. 

Uit onderzoek is dan ook gebleken dat borstgevoede baby’s over het algemeen minder last hebben van infecties aan de maag en darmen. Ook hebben baby’s die borstvoeding krijgen minder vaak oorontsteking dan kinderen die kunstvoeding krijgen. Borstvoeding zou mogelijk ook de kans op astma en eczeem bij je baby verlagen. 

Weerstand opbouwen met vaccinaties 

Je kind bouwt afweerstoffen tegen ziekteverwekkers op als hij voor het eerst in aanraking komt met zo’n ziektekiem. Als je kind wordt ingeënt tegen ziektes bouwt hij op die manier ook weerstand op. Bij een inenting of vaccinatie wordt het lichaam van je kind namelijk ‘besmet’ met een kleine dosis afgezwakte of dode ziektekiemen van een specifieke (kinder)ziekte. 

Er wordt een minuscule hoeveelheid van die ziekteverwekker ingespoten, bijvoorbeeld de bof. Dit geeft je kind de kans om antistoffen tegen bof te maken, zonder dat hij er echt ziek van wordt. Hij wordt er immuun voor. Als je kind later nog eens in aanraking komt met de echte bof, herkent het afweersysteem deze ziektekiemen meteen. Het afweersysteem stuurt er vervolgens de juiste antistoffen op af, die sinds de vaccinatie al in het lichaam van je kind aanwezig zijn. Zo wordt de ziekteverwekker onschadelijk gemaakt en krijgt je kind dus niet alsnog de echte bof. 

Lees ook: Deze bijwerkingen kun je per pril verwachten

Voeding en weerstand

Om het afweersysteem van je kind te versterken, is het belangrijk dat hij gezond en gevarieerd eet. Je kind heeft namelijk allerlei vitamines, mineralen, vezels en vetten nodig om zijn weerstand op peil te houden. De belangrijkste vitamines  voor de weerstand van je kind zijn vitamine A, C, D, E en B6. Deze vitamines zorgen onder andere voor de aanmaak van witte bloedcellen. 

Vitamine A, C, D, E en B6 krijgt je kind in principe voldoende binnen via zijn dagelijkse voeding. Alleen van vitamine D hebben kinderen tot vier jaar extra nodig: geef daarom vitamine D-druppels of tabletjes als aanvulling. 

  • Vitamine A zit vooral in vis, vlees, zuivel, ei en als toevoeging in margarine, halvarine en vloeibare bak en braadproducten.
  • Vitamine C zit vooral in fruit, groente en aardappelen, met name in paprika, citrusvruchten, kiwi’s, bessen en aardbeien.
  • Vitamine D zit vooral in vette vis en als toevoeging en margarine, halvarine en vloeibare bak en braadproducten.
  • Vitamine E zit vooral in zonnebloemolie, halvarine, margarine, brood, noten, zaden, groenten en fruit.
  • Vitamine B6 zit vooral in vlees, eieren, vis, noten, brood en graanproducten, peulvruchten, groente, en zuivelproducten.

Verminderde weerstand

Factoren als slaapgebrek, stress, bepaalde medicatie en slechte voeding hebben invloed op de weerstand van je kind. Als je kind een verminderde weerstand heeft, werkt het afweersysteem minder goed dan normaal en hebben ziekteverwekkers meer kans om je kind ziek te maken. Ook kan je kind heviger ziek worden dan normaal als zijn weerstand lager is; de kans op een infectie is dan groter. 

Tips om de weerstand van je kind te verhogen

Middeltjes of pillen die de weerstand van je kind zouden boosten, kun je in principe links laten liggen. Voor een goede weerstand is het namelijk vooral belangrijk dat je kind gezond en gevarieerd eet, voldoende drinkt, genoeg slaapt en voldoende beweging krijgt. En let op een goede hygiëne. 

  1. Geef je kind dagelijks groente en fruit te eten. Daar zitten de nodige vitamines in om zijn weerstand op peil te houden. Meer weten: hoeveel groente en fruit moet je kind per dag eten? 
  2. Een goede nachtrust is ontzettend belangrijk voor de weerstand van je kind. Breng je kind dus op tijd naar bed. Baby’s hebben zo’n 14 tot 16 uur slaap per dag nodig. Peuters slapen ongeveer 12 tot 14 uur per dag en schoolgaande kinderen gemiddeld 10 tot 12 uur per nacht. De ideale bedtijd per leeftijd: check dit handige slaapschema. 
  3. Handen wassen! Alles wat je kind aanraakt, bevat bacteriën en die verspreiden zich via zijn handen. Laat je kind z’n handen wassen met water en zeep na elk wc-bezoek, na het niezen, na het (buiten) spelen, na het aaien van een dier en altijd voor het eten. Dat maakt het risico op besmetting met ziekteverwekkers een stuk kleiner. 
  4. Ook frisse lucht is belangrijk. En zonlicht, want dat is de belangrijkste bron van vitamine D. Het is dus goed voor je kind om dagelijks in de buitenlucht te zijn. Laat hem dus elke dag buiten spelen of ga buiten wandelen of fietsen. De beweging die hij dan krijgt, is ook nog eens goed voor zijn immuunsysteem. Win-win. 
  5. Laat je kind genoeg water drinken. Het is belangrijk dat de vochtbalans in zijn lichaam op peil blijft. Dat voorkomt onder andere uitdroging van de slijmvliezen, die belangrijk zijn voor de fysieke barrière van het afweersysteem. Vanaf welke leeftijd mag een baby water drinken?

Lees ook: alles over kinderziektes

Helaas zijn het er veel. De meesten zijn gelukkig onschuldig. Hoe herken je de symptomen en tegen welke kinderziektes wordt je baby ingeënt?