Poliklinisch bevallen

Poliklinisch bevallen

De ene vrouw wil het liefst thuis bevallen in haar vertrouwde omgeving. De ander bevalt liever in het ziekenhuis, met alle medische apparatuur, pijnstillingsmiddelen en expertise in de buurt. Alles over poliklinisch bevallen.

Thuis bevallen of poliklinisch bevallen: een keuze die iedere zwangere vrouw zelf mag maken, tenzij ze om medische redenen sowieso in het ziekenhuis moet bevallen. De term ‘poliklinisch bevallen’ staat voor een bevalling in het ziekenhuis, geboortecentrum of kraamhotel, onder begeleiding van je eigen verloskundige. Er is geen medische indicatie en je wordt ook niet in het ziekenhuis opgenomen. Ook ga je bij een poliklinische bevalling meestal snel na de geboorte van je kind weer naar huis. Vaak al binnen 24 uur.

Verschil ziekenhuisbevalling en poliklinisch bevallen

De termen ‘ziekenhuisbevalling’ en ‘poliklinisch bevallen’ worden vaak door elkaar gebruikt, maar er is een verschil. Een ziekenhuisbevalling is een bevalling in het ziekenhuis. Hierin is een onderscheid te maken tussen een klinische bevalling (met medische noodzaak en onder begeleiding van een gynaecoloog) en een poliklinische bevalling (zonder medische noodzaak, onder begeleiding van de verloskundige).

Klinische bevalling: met medische noodzaak

Tijdens een zwangerschap kunnen er verschillende redenen zijn, waarom je niet door een verloskundige begeleid kunt worden, maar door een gynaecoloog, arts of klinisch verloskundige. Je afspraken en controles zijn dan in het ziekenhuis. Bijvoorbeeld omdat:

  • je een tweeling of meerling verwacht
  • de baby in een stuit- of dwarsligging ligt
  • er tijdens een eerdere zwangerschap of bevalling complicaties waren
  • je last hebt van bepaalde aandoeningen die de zwangerschap of bevalling bemoeilijken
  • je een geplande keizersnede krijgt.

In bovenstaande gevallen weet je (meestal) van tevoren al, dat je om medische redenen in het ziekenhuis moet bevallen. We spreken dan van een klinische bevalling. Het kan ook voorkomen dat de medische noodzaak pas ontstaat tijdens de bevalling, bijvoorbeeld als:

  • jouw bevalling al voor de 37e week begint (vroeggeboorte)
  • er een (spoed)keizersnede nodig is
  • er tijdens de bevalling complicaties optreden

Als je op dat moment al in het ziekenhuis bent voor een poliklinische bevalling, neemt een gynaecoloog de bevalling van jouw verloskundige over. Als je hebt gekozen voor een thuisbevalling, moet je alsnog naar het ziekenhuis om daar de bevalling af te maken. Ook in deze gevallen spreken we van een klinische bevalling.

Poliklinisch bevallen: uit eigen keuze

In Nederland ben je vrij in de keuze waar je wilt bevallen, tenzij er dus sprake is van een medische indicatie of andere bijzondere omstandigheden. Als je in het ziekenhuis, een geboortecentrum of kraamhotel bevalt omdat je dit prettig vindt, spreken we van een poliklinische bevalling.

Je kunt je keuze in principe tot het allerlaatste moment uitstellen. Zou je poliklinisch bevallen, maar gaat het thuis allemaal zo vlot dat je niet meer wilt verkassen? Dan hoeft dat ook niet. En had je je heilig voorgenomen thuis te bevallen, maar wil je tijdens de weeën toch ineens liever naar het ziekenhuis, dan mag dat ook.

Verloop poliklinische bevalling

  1. Thuis

    Een poliklinische bevalling begint in principe gewoon thuis. Je verloskundige zal je bij je laatste controles precies vertellen, op welk moment je haar kunt bellen. Meestal is dat vanaf het moment, dat je regelmatige weeën hebt. De verloskundige zal bij je thuis langskomen, om te kijken hoe het gaat en om de ontsluiting te controleren. Als je nog niet veel ontsluiting is, gaat de verloskundige weer weg. Ze komt dan op een later moment terug om het nogmaals te controleren. Op het moment dat de ontsluiting groot genoeg is, meestal bij zo’n vijf of zes centimeter, is het tijd om naar het ziekenhuis te gaan. De verloskundige belt het ziekenhuis van je eerste keuze of een ziekenhuis in de buurt, om te informeren of er plaats is. Is er geen plek op de verlosafdeling, dan belt ze een ander ziekenhuis en desnoods nog een ander, tot er ergens plek is. Er wordt daar dan een verloskamer voor je vrijgehouden. Vervolgens vertrekken jullie met eigen vervoer naar het ziekenhuis. Je verloskundige gaat met haar eigen auto naar het ziekenhuis.

  2. Naar het ziekenhuis

    Aangekomen in het ziekenhuis word je meestal opgehaald met een rolstoel en naar de verloskamer gebracht. Als de weeën het toelaten, kun je je eerst rustig installeren in je kamer. Zolang er geen complicaties optreden, begeleidt je verloskundige de bevalling met behulp van een verpleegkundige van het ziekenhuis. Wil je tijdens de bevalling een ruggenprik of andere pijnbestrijding, dan krijg je deze toegediend door een anesthesist van het ziekenhuis. Zodra je baby is geboren en even bij je heeft gelegen, wordt hij door je verloskundige gecontroleerd. Je kind wordt gewogen, gemeten en de Apgar-score wordt bepaald. Als er geen complicaties zijn opgetreden en je baby de bevalling goed heeft doorstaan, mogen jullie al snel samen naar huis. In principe ben je binnen 24 uur na de bevalling weer thuis.

Pijnbestrijding in het ziekenhuis

Bij een bevalling in het ziekenhuis kun je om medische pijnstilling vragen, zoals een ruggenprik, verdovende injectie, een pompje met pijnstilling of lachgas. Het verschilt per ziekenhuis welke soorten pijnstilling er worden aangeboden. Lees hier meer over pijnbestrijding tijdens de bevalling.

Weet je van tevoren al dat jij graag een ruggenprik wilt tijdens de bevalling, of injecties met pethidine of een pompje met remifentanil? Dan zal je moeten kiezen voor een bevalling in het ziekenhuis. Bij een thuisbevalling mogen deze middelen namelijk niet toegediend worden. De medicijnen kunnen bijwerkingen hebben en om die reden moet na het toedienen jouw hartslag en bloeddruk – en die van je baby – in de gaten worden gehouden met ziekenhuisapparatuur.

Kosten poliklinisch bevallen

Aan een poliklinische bevalling zijn kosten verbonden. In 2018 krijg je vanuit de basisverzekering een vergoeding van € 211 voor een ziekenhuisbevalling zonder medische noodzaak. Je betaalt hiervoor geen eigen risico. De meerkosten van een poliklinische bevalling moet je zelf betalen: deze eigen bijdrage is voor 2018 wettelijk vastgesteld op €341,31. Je kunt je hiervoor eventueel aanvullend verzekeren.

Beval je in het ziekenhuis met medische noodzaak? Dan worden de kosten wel volledig vergoed vanuit de basisverzekering.

Voor- en nadelen

Iedere vrouw moet voor zichzelf bepalen of ze liever thuis bevalt of in het ziekenhuis. De voor- en nadelen van poliklinische bevallen op een rijtje:

Voordelen:

  • In het ziekenhuis bevallen is niet veiliger dan thuis, maar als er complicaties optreden of een ingreep nodig is, dan is het handig als je al in het ziekenhuis bent.
  • Je weet van tevoren dat je naar het ziekenhuis gaat en kunt je daarop voorbereiden.
  • Er is medische pijnstilling beschikbaar. Als jij het een geruststellend idee vindt dat je pijnstilling toegediend kunt krijgen, dan kan dat een positief effect hebben op de bevalling.
  • Als jij naar het ziekenhuis gaat, blijft thuis alles rustig. Dat is prettig voor eventuele andere kinderen.

Nadelen:

  • Bij een ziekenhuisbevalling is de kans op medische ingrepen groter, dan bij een thuisbevalling.
  • Je moet tijdens je bevalling met de auto naar het ziekenhuis, met weeën en al.
  • De sfeer in een ziekenhuis is minder intiem.
  • Door wisselende diensten zullen verschillende mensen je kamer in- en uitlopen.
  • Je kunt je in het ziekenhuis wat opgejaagd voelen, met name als er veel vrouwen tegelijkertijd aan het bevallen zijn. Het personeel heeft het dan druk en de verloskamer is eigenlijk alweer nodig voor de barende na jou.
  • Het is steeds gebruikelijker om je zo snel mogelijk te ontslaan uit het ziekenhuis. Het nadeel daarvan is dat je kort na de bevalling al je kraambed uit moet om de reis naar huis te maken.
  • De kosten worden niet volledig vergoed door de basisverzekering.

Voorlichtingsavond

De meeste ziekenhuizen organiseren speciale voorlichtingsavonden voor zwangeren en hun partners. Je neemt dan een kijkje in een verloskamer, krijgt uitleg over de apparaten die er aanwezig zijn en er wordt verteld hoe een bevalling in het ziekenhuis normaal gesproken verloopt. Ook krijg je uitleg over de mogelijkheden die er zijn qua pijnbestrijding.

Alternatief: het kraamhotel of geboortehuis

Een vorm van poliklinisch bevallen die steeds populairder wordt, is een bevalling in een geboortehuis of kraamhotel. Eigenlijk kun je dit zien als een tussenvorm van een thuisbevalling en een ziekenhuisbevalling. Alle medische apparatuur is in de buurt, maar in een geboortehuis of kraamhotel is de sfeer huiselijker dan in het ziekenhuis. Je mag er ook langer blijven dan in het ziekenhuis. Je krijgt meer tijd om bij te komen en mag vaak kraamvisite ontvangen. In een kraamhotel kun je vaak nog een paar dagen langer blijven, en zelfs je kraamtijd doorbrengen.

De kosten voor een poliklinische bevalling in een geboortehuis of kraamhotel zijn gelijk getrokken met de kosten van een bevalling in het ziekenhuis.

Tips en voorbereiding

Om een poliklinische bevalling zo goed mogelijk te laten verlopen, een paar handige tips:

  • Bezoek een voorlichtingsavond in het ziekenhuis waar je wilt bevallen.
  • Ga daar met de auto naartoe (als jullie die hebben), zodat je partner alvast de weg kent en weet waar hij moet parkeren als jij straks aan het bevallen bent.
  • Schrijf een geboorteplan. Hierin kan de verloskundige, verpleegkundige of gynaecoloog precies lezen, hoe jij je bevalling het liefst ziet verlopen. Dan hoef je het ze zelf niet meer uit te leggen, als je druk bezig bent met het wegpuffen van weeën.
  • Installeer het autostoeltje alvast in de auto of zorg dat deze klaarstaat: deze is verplicht als je straks na de bevalling met je baby terug naar huis wilt rijden.
  • Zorg dat de auto voor de deur staat, zodat je niet al puffend de hele straat door hoeft te waggelen of regel op tijd iemand die stand-by staat om je naar het ziekenhuis te brengen.
  • Vergeet je identiteitsbewijs en pasje van de zorgverzekeraar niet.
  • Zet een vluchtkoffertje klaar, zodat je geen spullen meer hoeft in te pakken op het moment dat de bevalling is begonnen.