Inentingen en vaccinaties bij je baby en kind

Inentingen en vaccinaties bij je baby en kind

Je kunt je kind laten vaccineren tegen twaalf infectieziekten. De eerste prik uit het vaccinatieprogramma wordt gegeven als je baby twee maanden oud is. Hoe gaat dat precies in zijn werk? En om welke inentingen en vaccinaties gaat het?  

Wat is inenten?

Als je kind een kinderziekte heeft, bouwt zijn lichaam afweerstoffen op die altijd in het bloed blijven zitten. Hierdoor is je kind voor de rest van zijn leven niet meer vatbaar voor de ziekte. Bij een inenting of vaccinatie wordt het lichaam van je kind ‘besmet’ met een kleine dosis afgezwakte of dode ziektekiemen. Bij de BMR-prik gaat het bijvoorbeeld om verzwakte ziektekiemen van de bof, mazelen en rodehond. Je kind krijgt deze ziekte dan niet letterlijk, maar zijn lichaam krijgt wel het sein dat het antistoffen moet aanmaken. Hij wordt immuun voor de betreffende ziekten. Hoe werkt het immuunsysteem van je kind precies?

Tegen de meeste ziekten is je kind pas na een aantal inentingen optimaal beschermd. Zo krijgt hij vier keer een Hib-prik. Tot die laatste prik kan hij nog steeds een Hib-ziekte krijgen, al wordt de kans bij iedere vaccinatie kleiner.

Vaccinaties op het consultatiebureau

Kinderen kunnen gratis worden ingeënt volgens een vastgesteld inentingsprogramma, het zogenaamde Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Kort na de geboorte van je baby krijg je automatisch bericht van het RIVM over het Rijksvaccinatieprogramma. Je ontvangt een set oproepkaarten. Als je besloten hebt om met je kind deel te nemen aan het Rijksvaccinatieprogramma, neem je deze oproepkaarten mee naar het consultatiebureau, waar de prikken gezet worden. Het consultatiebureau neemt van tevoren contact met je op voor het maken van een afspraak voor de vaccinatie. 

De arts van het consultatiebureau legt je bij iedere inenting uit wat er precies gaat gebeuren. De prikken worden gegeven in het bovenbeen of in de bovenarm van je kind. Na elke prikafspraak krijg je een brochure mee. Hierin staat wat voor vaccinatie het is, waartegen het beschermt en wat de mogelijke bijwerkingen zijn. 

Vaccinatieschema

Als je voor het Rijksvaccinatieprogramma kiest, kun je in het onderstaande vaccinatieschema zien wanneer jouw kind welke inentingen krijgt:

6 – 9 weken DKTP-Hib-HepB en Pneu
3 maanden DKTP-Hib-HepB
4 maanden DKTP-Hib-HepB en Pneu
11 maanden DKTP-Hib-HepB en Pneu
14 maanden BMR en Men
4 jaar DKTP
9 jaar DTP en BMR
Meisjes 12 jaar HPV
14 jaar Men

Daarnaast is er nog een speciaal vaccin voor baby’s waarvan de moeder tijdens de zwangerschap Hepatitis B blijkt te hebben. Deze baby’s krijgen binnen 48 uur na de geboorte een Hepatitis B vaccin toegediend. Zo voorkom je Hepatitis B bij je kind. 

Uitleg afkortingen

In het vaccinatieschema staan een hoop afkortingen. Dit betekenen ze: 

Hib      = Haemophilus influenzae type b
HepB  = Hepatitis B
Pneu   = Pneumokokken
BMR   = bof, mazelen en rodehond
Men   = Meningokokken
DKTP  = difterie, kinkhoest, tetanus en poliomyelitis
DTP    = difterie, tetanus, poliomyelitis
HPV    = Humaan papilloma virus

Tegen welke ziekten wordt je baby ingeënt?

In zijn eerste levensjaar wordt je baby tegen zeven verschillende ziektes ingeënt. Als je baby ongeveer acht weken oud is, krijgt hij zijn eerste prikken. Een van die prikken is de cocktail DKTP-Hib-HepB: een combinatievaccin die beschermt tegen zes ziektes. 

Deze cocktail bestaat uit drie vaccins:

De tweede prik die je baby krijgt, tegelijk met de DKTP-Hib-HepB-vaccinatie, is het pneumokokkenvaccin. Pneumokokken kan hersenvliesontsteking veroorzaken. 

Vaccinaties na het eerste jaar

Na z’n eerste verjaardag wordt je kind nog een keer gevaccineerd en daarna is het voorlopig even klaar. 

Pas als je kind 4 en 9 jaar oud wordt, ontvang je weer een oproepkaart voor een vaccinatie:  

  • Op 4-jarige leeftijd krijgt je kind een herhaling van de DKTP-prik. 
  • Op 9-jarige leeftijd wordt de BMR-prik herhaald, net als de DTP-vaccinatie (DKTP, maar dan zonder kinkhoest-vaccin).  
  • Meisjes krijgen tenslotte nog een uitnodiging voor de HPV-vaccinatie in het jaar dat ze 13 worden. 

In 2019 krijgen kinderen van 14 jaar een uitnodiging voor een extra vaccinatie tegen meningokokken, een bacterie die bloedvergiftiging en hersenvliesontsteking kan veroorzaken. Het gaat om een uitgebreidere vaccinatie dan die ze als eenjarige al gehad hebben. Sinds 2018 zit deze uitgebreidere vaccinatie (combinatie typen A,C, W en Y) ook standaard opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma voor baby’s van veertien maanden. 

Meer lezen: er is een gevaarlijk type meningokokken in opmars.

DKTP-vaccinatie

De DKTP-inenting wordt voor het eerst gegeven als je kind ongeveer acht weken oud is en wordt herhaald bij leeftijd van drie, vier en elf maanden en vier jaar. Als je kind negen jaar is wordt deze vaccinatie nogmaals herhaald, maar dan zonder kinkhoest erin: de DTP-inenting.

De DKTP-inenting beschermt je kind tegen:

  • Difterie: een ernstige infectieziekte die zich in verschillende organen kan manifesteren, met name de huid en luchtwegen. Het kan verstikkingsgevaar veroorzaken, aantasting van het hartje en het zenuwstelsel van je baby. De ziekte komt bijna niet meer voor in Nederland.
  • Kinkhoest: besmettelijke luchtweginfectie (met nare hoest) en vooral gevaarlijk voor nog niet (volledig) gevaccineerde zuigelingen vanwege de kans op hersenbeschadiging.
  • Tetanus: ook wel kaakklem genoemd. Tetanus is zonder behandeling een dodelijke ziekte. Het zenuwstelsel en de spieren worden snel aangetast waardoor problemen met slikken en ademhalen ontstaan en de spieren rondom de kaak verkrampen. Door beschadiging van spier- en zenuwstelsel kunnen botbreuken, hoge bloeddruk en hartritmestoornissen ontstaan. Omdat bijna iedereen in Nederland tegen tetanus is ingeënt, komt de ziekte hier bijna niet meer voor.
  • Polio: ook wel bekend als kinderverlamming. Polio is een maag-darminfectie waarbij het virus kan doordringen in het zenuwstelsel en zo kan leiden tot ernstige verlammingsverschijnselen of zelfs overlijden. Kinderverlamming komt in Nederland alleen nog voor bij sommige kinderen die niet zijn ingeënt. Lees meer: polio-achtige ziekte in opmars onder jonge kinderen. 

Hib-vaccinatie

Met acht weken krijgt je baby zijn eerste Hib-inenting. Deze wordt herhaald als je baby drie, vier en elf maanden is. Deze vaccinatie beschermt je kind tegen een Hib-infectie. De Hib-ziekte wordt veroorzaakt door de bacterie Haemophilus influenzae type b. Als de bacterie in de bloedbaan of in het zenuwstelsel komt kan het ernstige ziektebeelden geven zoals bloedvergiftiging of hersenvliesontsteking.

HepB-vaccinatie

Tegelijkertijd met het DKTP- en Hib-vaccin, krijgt je baby het Hepatitis-B-vaccin. Ook deze wordt herhaald als je baby drie, vier en elf maanden is en beschermt je kind tegen het Hepatitis-B-virus. Dit virus kan een acute of chronische leverontsteking veroorzaken, die kan leiden tot leverfalen. Bij een chronische actieve ontsteking wordt het risico op leverkanker op latere leeftijd hoger.

Pneumokokkenvaccinatie

Als je baby zes tot negen weken oud is, krijgt hij een vaccinatie die beschermt tegen tien typen pneumokokken. De pneumokokkenvaccinatie wordt herhaald als je baby vier en elf maanden oud is. 

Pneumokokken is een verzamelnaam van bacteriën. De pneumokok kan luchtweginfecties veroorzaken zoals oorontsteking en longontsteking. De bacterie kan ook ernstige infecties zoals bloedvergiftiging en hersenvliesontsteking veroorzaken.

BMR-vaccinatie

Zodra je kind veertien maanden oud is, krijgt hij zijn eerste BMR-prik. (linken naar nieuwe evergreen BMR) Wanneer je kind negen jaar oud is, wordt de BMR-inenting herhaald. Deze vaccinatie beschermt je kind tegen:

  • Bof: een ziekte van de speekselklieren, waarbij de wang opzwelt. De bof kan in vier tot tien op de 1000 keer leiden tot hersenvliesontsteking en in zeldzame gevallen tot een ontsteking van de alvleesklier, eenzijdige doofheid of reuma. 
  • Mazelen: een vervelende virusziekte waarbij je kind hoge koorts en ruwe huiduitslag krijgt. Als een kind de mazelen heeft gehad, is hij daarna tot 2 jaar na de ziekte extra vatbaar voor andere ziektes. Mazelen kan ernstige complicaties met zich meebrengen, zoals hersenontsteking en longontsteking. Soms is de ziekte zelfs dodelijk.
  • Rodehond: een besmettelijke ziekte die gepaard gaat met verkoudheidsklachten, lichte koorts en rode vlekkerige uitslag. Voor kinderen is rodehond onschuldig, maar de ziekte is wel gevaarlijk voor zwangere vrouwen en vooral voor het ongeboren kind. Baby’s kunnen doof, blind of met een verstandelijke handicap geboren worden of de zwangerschap kan eindigen in een miskraam. 

Jonge kinderen worden dus vooral tegen rodehond gevaccineerd om zwangere vrouwen preventief te beschermen. Ook deze kinderziektes zijn gevaarlijk voor zwangere vrouwen.

Meningokokken-vaccinatie

Dreumesen van veertien maanden krijgen de meningokokken-vaccinatie tegelijkertijd met de BMR-prik. Infectie met meningokokken kan op alle leeftijden voorkomen, maar extra vatbaar zijn kinderen tot 4 jaar en jonge mensen tussen de 14 en 25 jaar. Als je kind veertien maanden oud is, wordt hij ingeënt tegen Meningokokken A, C, W en Y. Op zijn veertiende wordt dit herhaald. 

Een infectie met de meningokokkenbacterie is zeer gevaarlijk. Deze infectie kan hersenvliesontsteking en bloedvergiftiging veroorzaken. Je kind kan eraan overlijden, maar ook blijvende schade overhouden zoals doofheid, problemen met de motoriek of leer- en gedragsproblemen.

Nieuw: Rotavirus vaccinatie

Een infectie met het rotavirus veroorzaakt een ontsteking aan de maag en darmen. Vooral jonge kinderen (6 tot 24 maanden) zijn kwetsbaar voor dit virus. Er is een vaccinatie beschikbaar, deze wordt gegeven via druppeltjes in de mond. De vaccinatie wordt vanaf medio 2019 aangeboden aan kinderen die extra risico lopen.

Extra risico lopen kinderen die:

  • te vroeg geboren zijn
  • een laag geboortegewicht hebben
  • een aangeboren afwijking hebben

Deze kinderen lopen een grotere kans dat een infectie met het rotavirus ernstig verloopt. De vaccinatie voor deze kinderen wordt toegevoegd aan het Rijksvaccinatieprogramma. Het is de bedoeling dat de eerste kinderen medio 2019 worden ingeënt.

HPV-vaccinatie

Meisjes krijgen in het jaar dat zij 13 worden een oproep voor de HPV-vaccinatie. HPV staat voor humaan papillomavirus. Er zijn heel veel van die HPV-virussen, maar een aantal zijn gevaarlijk en kunnen later baarmoederhalskanker veroorzaken. Ook andere soorten kanker kunnen door het virus veroorzaakt worden, zoals kanker aan de vagina, schaamlippen, anus, penis, mondholte, keel en slokdarm. 

Het vaccin beschermt tegen de gevaarlijke HPV-virussen type 16 en 18. Als je dochter gevaccineerd is met het HPV-vaccin, neemt de kans op baarmoederhalskanker door HPV af met zeventig tot tachtig procent. Er blijft dus altijd nog wel een kleine kans bestaan dat je kind na de inenting alsnog ooit baarmoederhalskanker krijgt. 

Ook jongens kunnen voordeel hebben van het HPV-vaccin, aangezien het virus ook andere vormen van kanker kan veroorzaken. Maar jongens worden nog niet voor de vaccinatie opgeroepen. Ze kunnen de prik wel (tegen betaling) krijgen buiten het Rijksvaccinatieprogramma om. Wil je je zoon ook graag deze prik geven, vraag je huisarts hier dan meer informatie over.  

Zijn inentingen verplicht?

Je bent niet wettelijk verplicht om je kind te laten inenten. Toch kiezen in Nederland verreweg de meeste ouders ervoor om hun kinderen te laten vaccineren: voor de meeste vaccins ligt de vaccinatiegraad boven de negentig procent. 

Er is wel al jaren spraken van een dalende vaccinatiegraad, iets waar de overheid zich zorgen over maakt. Bij een te lage vaccinatiegraad wordt de kans op uitbraken van ziektes als de mazelen groter. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie moet de vaccinatiegraad tegen mazelen bijvoorbeeld hoger dan 95 procent zijn. Om die reden staat vaccineren de laatste tijd zowel in Nederland als in Europa hoog op de politieke agenda. 

Dit GIFje laat duidelijk zien waarom vaccineren belangrijk is.

Uitgesteld vaccineren

Je hoeft je baby niet per se met twee maanden de eerste inenting te geven, maar het wordt wel aangeraden. Wil je de inenting uitstellen tot een later tijdstip, dan kun je dit het beste overleggen met je huisarts of de arts van het consultatiebureau. Het is belangrijk dat je je aan de tijdsvolgorde van het vaccinatieschema houdt, want hiermee bied je je kind de beste bescherming. Moet je een inenting uitstellen wegens ziekte, zorg er dan voor dat er niet te veel tijd komt te zitten tussen twee vaccinaties.

Als je kind wat verkouden is, een verstopte neus of een lichte temperatuurverhoging heeft (tot 38,5 graden), kun je hem gewoon laten inenten. Heeft hij hogere koorts of is hij flink ziek, dan kun je de vaccinatie beter uitstellen. Overleg dit eventueel met de arts op het consultatiebureau en maak daarna een nieuwe afspraak. Het is niet verstandig om een inenting over te slaan. Je kind heeft alle vaccinaties nodig om optimaal beschermd te zijn.

Hier 5 misverstanden over vaccineren die elke ouder moet weten.

Bijwerkingen van inentingen

Een inenting doet meestal (even) pijn, waardoor je baby waarschijnlijk moet huilen. In bijna alle gevallen verdwijnt de pijn snel. De plek van de prik kan wat dikker en rood worden. Soms helpt het om meteen na de vaccinatie een koud, nat washandje op de plek te leggen. 

Elk vaccin kan wel wat bijwerkingen geven, zoals hangerigheid en zich niet lekker voelen. Een aantal uren na de DKTP- en Hib-inenting kan je kind wat koorts krijgen en een beetje huileriger zijn dan normaal. Verder kan hij wat slechter eten en meer of juist minder slapen dan gewoonlijk.

Reacties op de BMR-prik komen vaak pas na vijf tot twaalf dagen. Je kind kan dan wat verhoging hebben en hangeriger zijn dan normaal. Ook kan hij tijdelijk last hebben van een lichte huiduitslag. Ook deze klachten zijn na een dag of twee verdwenen.

Meer lezen: Bijwerkingen vaccinaties: wat kun je per prik verwachten?

Wat kun je doen tegen bijwerkingen?

Het is handig om paracetamol in huis te hebben, zodat je dat bij hoge koorts kunt geven. Zorg verder dat je kind goed blijft drinken. Meestal heeft je kind na één of twee dagen nergens last meer van. Je baby een zetpil geven? Zo doe je dat.

Vertel bij het volgende bezoek aan het consultatiebureau altijd hoe je kind gereageerd heeft op de vaccinaties. Als je kind na een prik een onbekende of ernstige bijwerking hebt, meld dit dan meteen bij het consultatiebureau of je huisarts.

Lees meer: reisvaccinatie voor kinderen, wanneer is het nodig?