Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

ontzwangeren

Ontzwangeren: dit doet je lichaam na de bevalling

Het herstel van je lichaam na je zwangerschap wordt ook wel ‘ontzwangeren’ genoemd. Wat kun je daarvan verwachten en hoe ga je ermee om? Dit zijn de tien meest voorkomende ongemakken én tien manieren om je herstel te helpen.

Hoe lang ontzwangeren?

Negen maanden op, negen maanden af, die uitspraak ken je ongetwijfeld. Met andere woorden: na negen maanden zwangerschap heb je negen maanden nodig om je weer fit te voelen en lekker in je vel te zitten. Neem die negen maanden extra ruim. Veel moeders hebben langer de tijd nodig om zowel lichamelijk als mentaal weer helemaal de ‘oude’ te worden. Maar er zijn ook vrouwen die na de geboorte van hun kind meteen de draad weer oppakken. Iedere vrouw is anders en vindt haar eigen manier van omgaan met fysieke en mentale veranderingen na een bevalling. Toch geldt voor iedereen: neem de tijd om rustig te herstellen, weet welke ongemakken ontzwangeren met zich meebrengt, en wat je er tegen kunt doen.

Advertentie

Ongemakken tijdens het ontzwangeren

Dit zijn de meest voorkomende ongemakken tijdens het ontzwangeren, zowel kort na de bevalling als in de maanden daarna:

1. Een pijnlijke vagina

Bij de geboorte van je baby komt er veel druk op de weefsels in en rond je vagina. Dit kan na de bevalling beurs voelen. Als je bent ingescheurd of ingeknipt, kunnen de hechtingen of de wond pijn doen. Dit kun je doen om pijn te verzachten:

  • Bij trekkerige hechtingen: ga elke dag minimaal een halfuur met ontbloot onderlichaam op bed liggen (op een celstofmatje of handdoek). De wond geneest sneller als er lucht bij komt. De kraamverzorgster controleert elke dag of de hechtingen goed genezen en niet ontsteken.
  • Irriterende hechtingen: ga vijf tot tien minuten in een soda- of Biotex-badje zitten. Biotex en soda trekken het vuil en de bacteriën uit de wond. Vul een teiltje met een laag lauwwarm water en meng er een flinke eetlepel Biotex of soda doorheen. Spoel goed na met lauwwarm water.
  • Een beurs gevoel: na de bevalling is je vagina opgezet en gezwollen. Misschien wil je dan het liefst op een zacht kussen zitten, maar kies toch eerder voor een harde ondergrond (een houten stoel of kruk), dan neemt de zwelling af.
  • Pijn bij het plassen: als je een scheur(tje), knip of (inwendige) schaafwond hebt gekregen bij de bevalling, kan plassen pijn doen. De urine zorgt voor een branderig gevoel. Laat tijdens het plassen water langs je vagina lopen om de urine te verdunnen, zodat het minder brandt. Gebruik bijvoorbeeld een kan, petfles of kleine gieter, of plas onder de douche. Door het spoelen met water, spoel je ook meteen eventuele hechtingen. Je kunt ook spoelen met lauwwarme kamillethee, dat werkt verzachtend en ontstekingsremmend.

2. Naweeën

De eerste drie à vier dagen na de bevalling kun je last hebben van krampen, variërend van lichte buikpijn tot intense buikkrampen. Deze naweeën zorgen ervoor dat je baarmoeder samentrekt en weer tot normale grootte krimpt. Je verliest hierbij ook bloed, zo maakt je baarmoeder zichzelf schoon. Geef je borstvoeding? Vaak krijg je dan tijdens het voeden last van naweeën, omdat je op dat moment oxytocine aanmaakt. Dit hormoon zorgt niet alleen voor de toeschietreflex, maar ook voor het samentrekken van je baarmoeder. Tip: ga voor het voeden even plassen, zodat je geen last hebt van een volle blaas tijdens de naweeën, daardoor kunnen ze nog intenser zijn. Na een tweede of derde zwangerschap heb je vaak meer naweeën die ook heviger kunnen aanvoelen. De baarmoeder is dan minder elastisch dan de eerste keer en moet harder werken om de oude vorm te krijgen. Dat kan vervelend zijn, maar bedenk: hoe meer naweeën, hoe eerder je baarmoeder zijn normale grootte heeft.

Tegen de pijn

  • Wiegen, wiebelen of draaien met je heupen. Dit kan ook zittend of liggend op je zij.
  • Een onderrugmassage kan afleiden van de kramp in je buik.
  • Een warme kruik of douche helpt bij buikkrampen, net als wanneer je ongesteld bent.
  • Je kunt een paracetamol nemen als je veel pijn hebt. Dit kan ook als je borstvoeding geeft. Hou je wel aan de aangegeven dosering.Medicijnen en borstvoeding: wat mag wel en wat mag niet.

tip

3. Vloeien

Het is normaal dat je na je bevalling bloed en wondvocht verliest. Het vloeien duurt ongeveer vier tot zes weken. Deze afscheiding wordt ook wel lochia of kraamvloed genoemd en komt uit je baarmoeder. Op de plek waar de placenta zat, zit een wond die moet genezen en dat kost tijd. Vaak verlies je in de eerste week na de bevalling het meeste bloed en er kunnen (grote) stolsels in zitten.

In het begin gebruik je speciaal kraamverband uit het kraampakket. Zodra het bloedverlies minder wordt, kun je gewoon maandverband gebruiken. Zolang je vloeit, mag je niet in bad en geen tampons gebruiken vanwege de kans op een infectie in de baarmoeder.

Het kan zijn dat je extreem veel bloed verliest doordat er iets anders aan de hand is. Bel de huisarts of de verloskundige in de volgende situaties:

  • Als je vaak meerdere grote stolsels verliest.
  • Als je bloed onaangenaam ruikt. Dit kan wijzen op een ontsteking van het baarmoederslijmvlies of een achtergebleven stukje van de placenta.
  • Als je ineens veel bloed verliest of als het vloeien plotseling helemaal stopt.
  • Als je koorts krijgt.

4. Stuwing

Veel moeders krijgen tijdens het ontzwangeren last van stuwing. Zo’n drie tot vijf dagen na de bevalling (of nog wat later) kunnen je borsten erg gespannen zijn, voller worden, pijn doen en warm aanvoelen. Dit komt omdat de melkproductie goed op gang komt en door een verhoogde doorbloeding.

  • Geef je borstvoeding? Leg je baby de eerste 38 uur zo vaak mogelijk aan en probeer hem goed te laten drinken. Afkolven kan ook, maar doe dit niet te veel. Anders (over)stimuleer je de melkproductie en zit je een paar dagen later met hetzelfde probleem.
  • Heb je veel last van stuwing? Wikkel een icepack uit de vriezer in een hydrofielluier en leg deze op de pijnlijke plek. Een zak bevroren erwtjes met een theedoek werkt overigens ook prima.
  • Een tip die al jaren wordt toegepast: leg rauwe (schone) koolbladeren op de pijnlijke, gloeiende plekken op je borsten. Leg ze van tevoren even in de koelkast of in de vriezer, zodat ze extra verkoeling bieden.

5. Verstopping

Na de bevalling kun je moeite hebben met poepen, omdat het daar allemaal nog beurs en pijnlijk is. Probeer toch te gaan als je voelt dat je moet. Hoe langer je wacht, hoe groter de kans op harde ontlasting en verstopping. Neem de tijd, zorg dat je kunt ontspannen en zet zo min mogelijk kracht. Neem een tijdschrift of een tablet mee als dat helpt. Als je ademhalingstechnieken hebt geleerd om te ontspannen tijdens de bevalling, kunnen die nu ook helpen. Qua voeding is het verstandig om het volgende te proberen:

  • Je lijf houdt van regelmaat. Probeer te eten op vaste tijdstippen en sla geen maaltijden over.
  • Eet vezelrijk voedsel zoals fruit (mango’s, pruimen, peren met schil en bosvruchten), muesli, volkorenproducten en lijnzaad.
  • Probeer vet eten, bananen, wit brood, rijst, hardgekookte eieren, te veel koffie en thee te vermijden.
  • Drink voldoende water: zo’n 1,5 tot 2 liter per dag.

6. Aambeien

Tijdens de zwangerschap en na de bevalling krijgen veel vrouwen last van aambeien, een uitstulping aan de binnen- of buitenkant van de anus. Aambeien kunnen ook ontstaan door het persen tijdens de bevalling. Ze kunnen geen kwaad, maar doen soms wel pijn. Gelukkig kun je er wel iets aandoen:

  • Eet gezonde voeding: drink voldoende water, vermijd vet, eet regelmatig en kies voor groenten, fruit en vooral vezelrijk voedsel.
  • Probeer in beweging te blijven. Overleg samen met de kraamverzorger wat mogelijk is zo vlak na de bevalling.
  • Stel je wc-bezoek niet uit. Uitstel kan ontlasting harder maken waardoor je meer last van aambeien kunt krijgen.
  • Neem de tijd op de wc en probeer niet te persen.
  • De huisarts kan eventueel lidocaïnezalf voorschrijven. Dit werkt verdovend.

7. Urineverlies

Tijdens de bevalling komt er veel druk op je bekkenbodem en worden je bekkenbodemspieren slapper onder invloed van hormonen. Op die manier kan je baby er tijdens de bevalling makkelijker door. Zwakkere bekkenbodemspieren ondersteunen de sluitspieren van de blaas minder goed, waardoor veel vrouwen na de bevalling last hebben van urineverlies. Bijvoorbeeld als je moet niezen, lachen, springen of zodra je moet plassen. Meestal is dit tijdelijk en herstellen je bekkenbodemspieren vanzelf. Bekkenbodemoefeningen kunnen hierbij helpen. Als je na drie maanden na de bevalling nog klachten hebt, is het verstandig om contact op te nemen met een geregistreerde bekkenfysiotherapeut.

Oefeningen voor thuis:
Met speciale oefeningen tegen urineverlies kun je je bekkenbodemspieren trainen, zodat ze weer sterker worden. Vroeger leerden vrouwen na hun bevalling om ‘stippeltjes te plassen’ om zo hun bekkenbodemspieren te trainen. Tijdens het plassen moesten ze dan telkens even stoppen. Maar dat is geen goed plan: zo verstoor je de plasreflex, omdat je je hersenen steeds het signaal geeft dat je klaar bent met plassen, terwijl dat niet zo is. Daarnaast ben je na de bevalling extra vatbaar voor een blaasontsteking, dus plas vooral goed uit. Als er wat urine achterblijft, kunnen daar bacteriën in groeien.

8. Kraamtranen

Een baby krijgen is overweldigend. Je voelt een heel nieuw soort liefde en hebt er een enorme verantwoordelijkheid bij, dat kan allerlei emoties oproepen. Daarbij verandert je hormoonhuishouding na de bevalling enorm en je hormonen zijn van grote invloed op je stemming. Veel vrouwen worden in de eerste week na de bevalling overvallen door huilbuien of een angstig of somber gevoel. Dit noem je kraamtranen of babyblues. Meestal gaat het vanzelf over en het helpt om je hart te luchten. Voel je niet schuldig als je niet op een roze wolk zit: bij de meeste ouders wisselen roze wolken en grijze buien elkaar af. Blijf je somber, angstig en verdrietig, bespreek dit dan met je verloskundige of huisarts.

9. Haaruitval

Tijdens je zwangerschap zorgen hormonen ervoor dat je minder haar verliest. Als je hormoonhuishouding na de bevalling weer ‘normaal’ wordt, vallen die extra haren uit. Dat kan soms met plukken tegelijk gaan. Je hoeft hier niet van te schrikken, het hoort erbij. Maar leuk is anders. Sommige vrouwen knippen hun haar om die reden af, maar dat hoeft natuurlijk niet. De haaruitval stopt vanzelf. Meestal is je haar rond de eerste verjaardag van je kind weer zoals het altijd was.

10. Vette of droge huid

Veranderingen in je hormoonhuishouding hebben ook invloed op je huid. Sommige vrouwen krijgen na de bevalling een vettere huid met puistjes, anderen een droge, jeukende huid. Ook kun je na de bevalling meer last van pigmentvlekken krijgen. Gebruik zo min mogelijk make-up en verzorg je huid met milde producten, zonder alcohol en parfum. Probeer bij een droge huid lauw te douchen (niet warmer dan 37 °C) of ga kort in bad met wat voedende en extra hydraterende olie. Drink veel water, eet gezond en bescherm je huid met zonnebrandcrème, ook als het geen zomer is.

Ontzwangeren: zo help je je lichaam

Er is gelukkig van alles wat je kunt doen (of beter kunt laten) om je lichaam zo goed mogelijk te ondersteunen bij het herstel en je weer happy en jezelf te voelen. Bij de één gaat dat vrijwel vanzelf, bij de ander met ups en downs. De allerbelangrijkste tip is misschien wel de eerste…

  1. Geef jezelf de tijd
    Voor herstel is rust nodig. Voedingsstoffen worden dan optimaal opgenomen, weefsels genezen, je hersenen kunnen ervaringen en nieuwe informatie verwerken en je bouwt nieuwe energiereserves op. Allemaal heek belangrijk in de eerste periode met je baby, maar juist in die eerste paar weken kom je vaak ook minder aan rust toe. Slaapgebrek door de gebroken nachten, kraamvisite, misschien geef je borstvoeding, dat vraagt ook weer extra energie van je lijf. Probeer voor rust te zorgen door jezelf in elk geval zo min mogelijk doelen op te leggen. Leef bij de dag en laat je planning afhangen van hoe je je voelt. De eerste veertig dagen na de geboorte noemen ze ook wel het ‘vierde trimester’, een periode waarin de baby went aan de wereld buiten de buik en de ouders aan het ouderschap. Het is helemaal geen gek idee om in het vierde trimester veel te cocoonen en je alleen te richten op jouw behoeftes en die van je baby.
  2. Boek massages
    Er zijn speciale massages voor in de kraamtijd en de eerste periode erna: kraambed- of postpartum-massages. Ze zijn gericht op herstel van de spieren, ontspanning en er is veel aandacht voor je buik. Na een zwangerschap moeten de organen hun plek weer vinden en je baarmoeder moet krimpen. Een massage kan dit ondersteunen. Sommige masseuses kunnen je buik en bekken ook inwikkelen met ondersteunende banden (belly binding). Maar ook een gewone massage helpt, door de ontspanning, verbeterde doorbloeding en de gelukshormonen die vrijkomen. Boek iemand die aan huis komt en zorg dat je partner of iemand anders een uurtje op je baby kan passen.
  3. Pas op met tillen
    Tijdens de zwangerschap en de bevalling hebben je rug, bekken en bekkenbodemspieren het zwaar te verduren gehad. Ontspannen bewegen is goed voor de doorbloeding en soepele spieren, maar met de nadruk op ‘ontspannen’. Vraag anderen om de volle wasmand, stofzuiger of boodschappen voor je te dragen. Zo voorkom je dat je je rug en bekkenbodem overbelast. Door je bekkenbodemspieren eerst goed te laten herstellen, kun je ook latere bekkenbodemklachten voorkomen.
  4. Wissel de nachten af
    Na de bevalling is je hele systeem gericht op één ding: je baby verzorgen en beschermen. Je bent heel alert op signalen en geluiden en reageert hier reflexmatig op. Zo regelt de natuur dat en dat is logisch, want een baby is volledig afhankelijk van zijn ouders. Yep, beide ouders, en dat betekent dat je de zorg ook écht een keer mag overlaten aan je partner. Breekt het slaapgebrek jullie op? Ga met oordoppen op de bank liggen en probeer een hele nacht slaap te pakken. Je partner regelt de baby wel, eventueel met gekolfde melk. Zo kom jij even uit de biologische waakstand, waardoor je dieper slaapt en dat is heel belangrijk voor je herstel.
  5. Eet gezond
    Een dooddoener die altijd opgaat, maar we noemen ’m toch. Er zijn verschillende visies op ‘gezond’ en welke voedingsstoffen je nodig hebt, maar over het algemeen kun je zeggen: eet gevarieerd en zoveel mogelijk vers en onbewerkt. IJzer is belangrijk om aan te sterken en dit zit bijvoorbeeld in gedroogd fruit, granen, peulvruchten, zilvervliesrijst, groenten en rundvlees. Warme gerechten kosten je lichaam minder energie dan koud eten. Denk aan soep en bouillon, of een kom havermout met zonnebloempitten en gedroogde abrikozen als ontbijt. Eventueel kan een diëtist een eetpatroon voor je samenstellen dat de hormoonhuishouding en het herstel ondersteunt.
  6. Wacht met seks tot je weer zin hebt
    Zolang je bloed verliest, is seks met penetratie een no-go vanwege infectiegevaar, maar verder mag je uiteraard creatief zijn als je behoefte hebt aan intimiteit. Wanneer je weer zin krijgt? Dat is heel persoonlijk. Uit onderzoek blijkt dat 50 procent van de vrouwen zes weken na de bevalling nog geen seks heeft gehad. Ongeveer een kwart begint er na twee tot vier weken weer rustig aan mee. Behalve het lichamelijke herstel, speelt hierbij ook mee hoe je je mentaal voelt. Misschien ben je door de komst van jullie baby nog gekker op je partner dan eerst en kun je niet wáchten. Maar het is ook heel normaal als je tijdelijk geen zin hebt, omdat je zo in beslag wordt genomen door je baby, vermoeidheid en je nieuwe rol als moeder. Neem ook hiervoor de tijd die je nodig hebt: seks tegen je zin kan averechts werken voor je libido. En er zijn ook andere manieren te bedenken om het samen fijn te hebben.Lees ook: Tips bij als vrijen na de bevalling pijn doet
  7. Gebruik anticonceptie
    Tijdens het ontzwangeren komt je cyclus weer op gang. Gemiddeld komt de eerste menstruatie drie tot zes maanden nadat je bevallen bent. Als je borstvoeding geeft, kan het langer duren. Maar let op: ook als je nog niet ongesteld wordt, kun je alweer vruchtbaar zijn. Wil je niet direct opnieuw zwanger worden, denk dan op tijd aan anticonceptie. Je verloskundige zal je adviseren over anticonceptie na de bevalling en steeds meer verloskundigen zijn opgeleid om een spiraal te plaatsen, mocht dit het beste bij jou passen. Maar je kunt hierover ook bij de huisarts op gesprek.Lees ook: Dit zijn de meest gestelde vragen (en antwoorden) over seks na de bevalling
  8. Sporten: wanneer mag het weer?
    Je buik-, rug- en bekkenbodemspieren moeten niet alleen herstellen van de bevalling, maar ook van de zwangerschap, waarbij ze zich moesten aanpassen aan je groeiende buik. Bovendien kun je nog zo’n vier tot zes maanden na de zwangerschap het hormoon relaxine in je lichaam hebben. Dit maakt onder meer je gewrichten zachter en daardoor heb je meer kans op blessures. In principe mag je zes weken na een vaginale bevalling weer sporten en acht weken na een keizersnede. Overleg dit met je verloskundige en laat eventueel checken of je bekkenbodem en buikspieren genoeg zijn hersteld, om te voorkomen dat je door het sporten last krijgt van incontinentie of een blijvende diastase. Ga hiervoor bijvoorbeeld naar een bekkenfysiotherapeut of gespecialiseerde fitnessinstructeur. Bouw het sporten onder begeleiding op en doe de eerste twaalf weken geen oefeningen met een hoge intensiteit, zoals sprongen of hardlopen.Beweging is overigens wel goed voor je herstel. Voordat je weer gaat sporten, kun je wandelen en rustige bekkenbodem- en buikspieroefeningen doen.
  9. Kalm aan met afvallen
    Gemiddeld komen vrouwen tijdens de zwangerschap tien tot vijftien kilo aan. Zo’n vijf kilo daarvan ben je direct kwijt: zoveel wegen je baby, de placenta en het vruchtwater samen. Ook het extra vocht en bloed dat je tijdens de zwangerschap in je lichaam had, verdwijnt geleidelijk. De overige kilo’s raak je na een paar maanden vanzelf kwijt. Gebeurt dit niet (of heb je geen geduld), laat je dan niet verleiden tot ingewikkelde (crash)diëten. Juist nu je lichaam op zoek is naar een hormonale balans kan diëten averechts werken of je aan het jojoën brengen. Bovendien heb je alle voedingsstoffen nodig bij je herstel en zolang je volledig borstvoeding geeft verbrand je ook zo’n 500 extra calorieën per dag.Wat mag wel als je wilt afvallen na de bevalling? Gezond eten (zie boven), rustig wandelen, water drinken en pak zoveel mogelijk slaap mee. Als je moe bent, vraagt je lichaam extra energie (eten!) en ben je mentaal minder sterk, waardoor je eerder toegeeft aan slechte trek. Blijf weg van suikers, vette snacks en pas bevallen vrouwen met een sixpack op Instagram.
  10. Wees lief voor jezelf
    Serieus: dat verdient je lijf, dat zo hard heeft gewerkt voor je baby. Zet jezelf op één wanneer het kan, wees lui als het moet, en laat alles wat (extra) stress en vermoeidheid oplevert zoveel mogelijk schieten. Boek een schoonheidsbehandeling, koop een mooie outfit, bestel die gezonde maaltijd online, knuffel je baby en je partner; kortom, doe waar je blij van wordt. Dat verdien je niet alleen, het is ook heel nuttig: de feelgoodhormonen en neurotransmitters die hierdoor vrijkomen, zijn zéker goed voor je.