Alles over borstvoeding

Alles over borstvoeding

Wel of geen borstvoeding geven, de keuze is uiteraard aan jou. Wel is het fijn om  wat algemene informatie en alle feiten en fabels over borstvoeding overzichtelijk op een rij te hebben.

De algemene aanbeveling vanuit de overheid is om borstvoeding minimaal zes maanden vol te houden. Voor sommige vrouwen is dat een hele opgave, om verschillende redenen, anderen gaan een jaar of langer door. Er zijn best veel vrouwen die zich zorgen maken of ze überhaupt wel borstvoeding kunnen geven. Tegenwoordig start ongeveer 75% van de Nederlandse moeders met het geven van borstvoeding. Daarvan gaat 29% drie maanden of langer door.

Borstvoeding, hoe werkt dat eigenlijk?

Al in de eerste weken van je zwangerschap begint je lichaam met het aanmaken van extra klierweefsel. Dit is het resultaat van de werking van de zwangerschapshormonen. Je borsten kunnen gevoelig zijn en gaan opzwellen. Al in de 16e week van je zwangerschap kunnen de kliertjes moedermelk aanmaken. Als je baby er is heb je dus (bijna) altijd voldoende voeding. Deze eerste melk heet colostrum en zit boordevol antistoffen. Ook als je geen borstvoeding wilt geven kun je je baby direct na de geboorte aanleggen, dit heeft nog geen invloed op het op gang komen van de melkproductie. Pas na een aantal dagen komt de ‘echte’ borstvoeding op gang.

Wanneer je baby aan de borst zuigt komen er twee hormonen vrij: prolactine en oxytocine. De eerste zorgt ervoor dat je melk aanmaakt. Oxytocine zorgt dat de melk uit de klieren naar je tepels stroomt. Dit heet de toeschietreflex.

Kan elke vrouw borstvoeding geven?

De meeste vrouwen die stoppen met borstvoeding geven, doen dat omdat ze denken dat ze te weinig melk hebben. Dat is jammer want in feite heeft slechts 2% van het vrouwelijke deel van de wereldbevolking te weinig melk. Het gaat niet om de grootte van je borsten, maar om de hoeveelheid melkkliertjes in je borst. Daarnaast kunnen operaties en hormonale schommelingen invloed hebben op je melkproductie.

Voorbereiden op borstvoeding

De beste manier om je op de borstvoeding voor te bereiden is een borstvoedingscursus. Bij een borstvoedingscursus krijg je de basis van het borstvoeding geven uitgelegd. Dus: hoe kun je zien of je baby honger heeft? En hoe je kun hem het beste aanleggen? Daarnaast is het slim een goede borstvoedingsbh aan te schaffen.

Hoe begin je met borstvoeding?

Het is belangrijk dat je je kind na de bevalling direct op je buik gelegd krijgt. Je kunt hem dan eigenlijk al gelijk aan de borst leggen. Er komt colostrum uit je borsten; deze eerste moedermelk zit vol met antistoffen en is licht verteerbaar. De eerste dagen na de bevalling kun je je baby zo vaak aanleggen als jij denkt dat nodig is. Je merkt vanzelf wanneer je baby genoeg gedronken heeft.

Soms kan het even duren voor de borstvoeding op gang komt. Zeker na een gecompliceerde bevalling of als de moeder ziek is, kan het langer duren. Het begint meestal met een klein beetje melk, een paar druppels maar.

Goed aanleggen

Het belangrijkste en moeilijkste is het goed aanleggen van je baby. Een baby die goed is aangelegd en goed ‘aanhapt’ kan voldoende melk binnenkrijgen. Daarnaast beschermt het je borsten tegen pijnlijke kwaaltjes, zoals borstontsteking of tepelkloven. Zorg dat je ontspannen bent en neem een comfortabele houding aan. Meestal beginnen vrouwen na de bevalling met liggend borstvoeding geven. Voeden kan op verschillende manieren:

  • Zittend borstvoeding geven
    De meeste vrouwen geven borstvoeding terwijl ze zitten. Zorg dat je lekker rechtop zit, in een comfortabele stoel of in bed. Je kan kussens als steuntje in je rug of onder je arm gebruiken.
  • In kleermakerszit borstvoeding geven
    Dit werkt ongeveer hetzelfde als voeden in een zittende houding. Ga met een rechte rug ergens tegenaan zitten en leg je baby schuin voor je op een groot (voedings)kussen.
  • Onder je arm
    In deze houding ga je rechtop zitten met een kussen naast je en een kussen op schoot. Leg je baby op de kussens met het hoofdje voor je borst. Neem je borst in je vrije hand en breng het hoofdje dat op je hand rust naar je borst toe.
  • Liggend borstvoeding geven
    In het begin geven veel vrouwen graag liggend borstvoeding. Ook tijdens nachtvoedingen is dit een prettige houding. Je ligt op je zij of op je rug en zorgt dat je tepel recht voor het mondje van je baby ligt.

In het artikel over borstvoedingshoudingen kun je lezen hoe je in elke houding borstvoeding comfortabel kan geven. Je komt er vanzelf achter welke borstvoedingshouding het beste bij jou past.

liggend-borstvoeding-geven

Fabels over borstvoeding

‘Pijn hoort erbij’ en ‘je krijgt er lelijke borsten van’: er bestaan nogal wat fabels over borstvoeding. Bij het geven van borstvoeding komt het hormoon oxytocine vrij, een stofje dat de band stimuleert tussen moeder en kind. En wist je dat zwangerschapskilo’s over het algemeen sneller verdwijnen bij moeders die borstvoeding geven? Er wordt vaak beweerd  dat borstvoeding geven gelijk staat aan zo’n 500 calorieën extra per dag. Dat is een feit, maar over borstvoeding bestaan ook veel fabels:

  1. Borstvoeding is de perfecte anticonceptie
    Daar hebben veel jonge ouders zich al in vergist. Het werkt alleen als de moeder 100% borstvoeding geeft, altijd rond dezelfde tijden en nog niet ongesteld is geworden na haar zwangerschap. Het is aan te raden toch voorbehoedsmiddelen te gebruiken, want je weet nooit precies wanneer de eerste eisprong weer is.
  2. Van borstvoeding krijg je hangborsten
    De vorm van je borsten verandert niet doordat je borstvoeding geeft. De enige vijand voor je borsten? Je zwangerschap. Er wordt in die negen maanden klierweefsel aangemaakt dat na de borstvoedingsperiode weer verdwijnt, en je ‘leger’ dan voorheen kan achterlaten.
  3. Kleine borsten, weinig melk
    Grote borsten hebben meer vetweefsel, maar bijna alle vrouwen hebben genoeg klierweefsel om melk te maken. Kleine borsten hebben wel minder opslagruimte, waardoor deze moeders meestal iets vaker moeten voeden.
  4. Drink veel melk als je borstvoeding geeft
    Daar heb je niets aan. Moedermelk wordt namelijk uit je bloed samengesteld, dus het is belangrijk dat daar goede voedingsstoffen in zitten. Kwestie van gezond en bewust eten.
  5. Veel vrouwen hebben niet genoeg melk
    De meeste baby’s die afvallen of niet aankomen, kunnen de melk niet goed uit de borst krijgen. Het kind wordt misschien niet goed aangelegd of de baby drinkt te kort, waardoor hij niet aan de ‘groeimelk’ toekomt. Voor dat laatste is het belangrijk dat hij de borst helemaal leegdrinkt.
  6. Je moet stoppen als je baby diarree heeft
    Als je baby maagkrampen heeft, diarree of overgeeft is borstvoeding juist een goed medicijn. Het is wel verstandig om een tijdje te stoppen met bijvoeding.
  7. Refluxbaby’s verdragen geen borstvoeding
    Vroeger werd gedacht dat baby’s met refluxklachten beter een dikkere pap konden krijgen in plaats van borstvoeding Die theorie is inmiddels achterhaald. Dikkere melk beïnvloedt namelijk de darmwerking en kan juist voor krampjes en verstopping zorgen. Zo beland je vaak van het ene probleem in het andere.
  8. Pijn hoort erbij
    Dit wordt nog steeds vaak gezegd. Vlak na het aanleggen mag het even gevoelig zijn – zo’n tien seconden – maar daarna moet de pijn toch echt wegtrekken. Zo niet, dan gaat het waarschijnlijk niet helemaal goed en is het verstandig om een lactatiekundige te laten meekijken.
  9. Drink donkerbruin bier om de borstvoeding op gang te brengen
    Niet waar. Het enige denkbare positieve effect is dat de moeder beter ontspant met een biertje, wat weer goed is voor de melkstroom. Maar je kunt natuurlijk ook ontspannen met een kop thee, wat ook nog eens gezonder is voor de baby (die houdt niet van alcohol).
  10. Eet geen sinaasappels, chocola of pepers
    Van oudsher zijn er lijstjes met ‘verboden voedsel’ voor de periode waarin je borstvoeding geeft. Maar de meeste moeders kunnen alles eten zonder dat de baby er last van heeft. Alleen als de baby allergisch blijkt, moet je soms voedingsmiddelen vermijden. Overleg in dat geval met het consultatiebureau.

borstvoeding

Feiten over borstvoeding

Maar hoe zit het dan wel? Dit zijn de belangrijkste feiten:

  1. Borstvoeding is de natuurlijke start voor je baby
    Er zitten afweerstoffen in die niet in flesvoeding zitten. Vooral in de melk van de eerste dagen (colostrum) zitten grote hoeveelheden beschermende en voedende stoffen. Die hebben een positief effect op het immuunsysteem. Het wordt daarom ook wel de eerste vaccinatie genoemd.
  2. Borstvoeding schept een band
    Door het huid-op-huid-contact tijdens het voeden komt het hormoon oxytocine vrij, ook wel het ‘knuffelhormoon’ genoemd. Dit stimuleert de hechting tussen moeder en kind, al kan je die intimiteit uiteraard ook met flesjes creëren. Mooi meegenomen: oxytocine heeft ook een stressverlagende werking. Sommige vrouwen worden er slaperig van, anderen ervaren vooral een rustgevende werking.
  3. Borstvoeding beschermt je kind tegen ziektes
    Het immuunsysteem van een baby is nog niet volgroeid. Een baby die borstvoeding krijgt, kan terugvallen op de antistoffen van zijn moeder die hij via de moedermelk meekrijgt. In poedermelk zitten die ziektebeschermers niet. Overigens geeft borstvoeding wat dat betreft geen garantie voor de toekomst en kan je kind natuurlijk toch een virus oplopen.
  4. Je valt af door borstvoeding
    Borstvoeding kost je ongeveer 500 calorieën per dag. Moeders die met de borst voeden zien over het algemeen de zwangerschapskilo’s sneller verdwijnen.
  5. Moedermelk kun je nooit te veel geven
    Als een baby op verzoek wordt gevoed, kun je er van uit gaan dat hij genoeg krijgt. Flesvoeding mag je wel maar in bepaalde hoeveelheden geven.
  6. Je staat er alleen voor
    Hoe lief en behulpzaam vaders en partners ook zijn, het produceren van melk en het borstvoeden van de baby zelf kunnen ze niet van de moeder overnemen. Wel kan er eventueel melk gekolfd worden, zodat je partner ook een keer het flesje kan geven.

Wanneer heeft mijn baby voldoende gedronken?

In het begin kun je twijfelen of onzeker zijn of je baby wel genoeg heeft gedronken. Meestal is die angst onterecht: een baby neemt wat hij nodig heeft. Je baby heeft voldoende gedronken als hij zelf de tepel loslaat, in slaap valt of het zuigritme oppervlakkiger wordt. Lijkt hij na de voeding niet tevreden? Leg hem dan nogmaals aan. Als je baby onrustig blijft, kan het zijn dat je onvoldoende melkproductie hebt. Laat in dat geval adviseren door een lactatiekundige. Er zijn verschillende manieren om te zien of je baby voldoende heeft gedronken.

Borstvoedingskwaaltjes

Borstvoeding hoort geen pijn te doen. In de eerste dagen na de bevalling kan het even ongemakkelijk of een gedoe zijn, maar het is de bedoeling dat dit snel wegtrekt. Blijft het pijn doen, dan is het belangrijk goed advies in te winnen. Het kan komen door verkeerd aanleggen of door borstvoedingskwaaltjes. Er zijn een aantal borstvoedingskwaaltjes waarmee je te maken kan krijgen.

  • Stuwing: De meeste kersverse moeders krijgen hier tussen dag 3 en dag 5 last van. De borstvoeding moet op gang komen en dat kan behoorlijk pijn doen. Je krijgt warme, pijnlijke en/of gespannen borsten.
  • Borstontsteking: Door een verstopt melkkanaaltje kun je een borstonsteking krijgen, dit heeft meestal te maken met het verkeerd aanleggen of aanhappen van je baby. Neem te allen tijde contact op met je huisarts of een lactatiedeskundige.
  • Tepelkloven: Dat zijn kleine, pijnlijke scheurtjes in de tepel die uiteindelijk kunnen gaan bloeden. Ook een schimmelinfectie komt nogal eens voor. Tepelkloven worden meestal veroorzaakt door verkeerd aanleggen.
  • Pijn door tandjes: Er zijn baby’s die af en toe in tepels bijten. De eerste keer is dat behoorlijk schrikken (en pijnlijk!), maar trek je baby nooit direct van je borst want dat kan alleen maar meer schade aan je tepel veroorzaken. Het is belangrijk dat je je baby leert dat bijten niet mag. Dat kun je bijvoorbeeld doen door te stoppen met voeden en je baby even weg te leggen. Zo krijgt hij de boodschap mee dat bijten negatieve gevolgen heeft. Er zijn ook moeders die een bijtertje even zacht in zijn neus knijpen zodat hij zijn mondje open doet en de borst loslaat.

Heb je last van een borstvoedingskwaaltje of pijn tijdens het voeden? Neem dan contact op met je huisarts of de lactatiekundige. Nogmaals: borstvoeding geven hoort geen pijn te doen!

Borstvoeding afbouwen

Wil je stoppen met borstvoeding geven? Doe dat dan niet van de één op de andere dag. Als je te snel stopt, loop je de kans dat je een borstontsteking krijgt. Borstvoeding afbouwen duurt ongeveer 2 tot 4 weken. Hoe snel het gaat hangt af van je melkproductie. Wil je toch in één keer stoppen, dan kun je de borst afkolven tot de melkproductie voldoende is afgebouwd. Je kan voor het afbouwen het volgende schema gebruiken. Dit voorbeeld gaat uit van 8 voedingen, maar je kan het ook gebruiken als je minder voedingen geeft.

Voeding Dag 1 t/m 7 Dag 7 t/m 14 Dag 14 t/m 21 Dag 21 t/m 26 Dag 26 t/m 31 Dag 31 t/m 34 Dag 34 t/m 37 Dag 37 t/m 40
1 e Borst Borst Borst Borst Borst Borst Fles Fles
2e Borst Fles Fles Fles Fles Fles Fles Fles
3e Borst Borst Borst Fles Fles Fles Fles Fles
4e Borst Borst Borst Borst Borst Fles Fles Fles
5e Fles Fles Fles Fles Fles Fles Fles Fles
6e Borst Borst Borst Borst Fles Fles Fles Fles
7e Borst Borst Fles Fles Fles Fles Fles Fles
8e  (nacht) Borst Borst Borst Borst Borst Borst Borst Fles

De lactatiekundige

Als je problemen hebt met het geven van borstvoeding, kan een lactatiekundige je helpen. Een lactatiekundige is geschoold in de borstvoedingswetenschap. Vaak zijn ze vrijwilligster geweest bij een borstvoedingsorganisatie en hebben ze veel ervaring. Ze kunnen je daardoor goed helpen. Soms kan een simpele tip al genoeg zijn om je problemen op te lossen. Je kan naar een lactatiekundige als:

  • De baby niet of moeilijk drinkt aan de borst;
  • Het voeden pijnlijk is;
  • De baby steeds onrustig of juist slaperig is;
  • Je baby te vroeg geboren is.

Borstvoeding of flesvoeding?

Ben je nog aan het twijfelen over welke voeding je straks gaat geven. Lees zoveel mogelijk over beide soorten voeding. Richt je op goede, betrouwbare informatie, uit onafhankelijke bron of juist van andere moeders die je goed kent en vertrouwt. Verdiep je in beide ‘kampen’. Zet voor jou alle voor- en nadelen op een rij. Ga daarbij uit van jezelf, je baby en je partner. Lukt het écht niet met de borstvoeding? Dan is er altijd nog flesvoeding. Graag zonder schuldgevoel!

Vragen over borstvoeding? Praat mee op ons forum