kraamweek

De kraamweek: wat kun je verwachten?

Je hebt je maanden voorbereid en dan heb je opeens een baby in je armen. Die eerste week is prachtig, maar ook nogal overweldigend. Wanneer komt de kraamverzorgster? Hoe herstel je van je bevalling en hoe ga je om met kraamtranen en -bezoek? Alles over de kraamweek.

Na negen maanden zwangerschap, bevallingscursussen en kwaaltjes is je baby er eindelijk. De bevalling waar je zo lang naartoe hebt geleefd is achter de rug en je bent moeder. Het is ook de start van de kraamweek. Deze week telt ‘officieel’ eigenlijk tien dagen. Vroeger lag de kraamvrouw, de vrouw die net was bevallen, tien dagen in bed en mocht daar absoluut niet uit. Zo is het tegenwoordig niet meer, maar je kraambed of -tijd is er wel nog steeds om bij te komen en je lichaam te laten herstellen van de bevalling. In deze week leer je ook – onder begeleiding van de kraamverzorgster – hoe je je baby voedt en verzorgt en wen je aan je nieuwe rol als moeder.

Je kunt de kraamverzorgster in deze periode zien als jullie aanspreekpunt en persoonlijke coach bij de verzorging van jou en jullie baby. Kort door de bocht kun je concreet de volgende zaken verwachten in de kraamweek:

Wanneer komt de kraamzorg?

Wanneer de kraamverzorgster komt hangt ervan af of je thuis of in het ziekenhuis bevalt. Bij een thuisbevalling roept de verloskundige de kraamzorg tijdens de laatste centimeters ontsluiting op om haar te assisteren bij de bevalling. Bij een ziekenhuisbevalling gaat dit anders. Je kraamverzorgster is dan niet bij de bevalling aanwezig, maar zal er zijn vanaf het moment dat jullie weer thuis zijn. Het is handig om de kraamzorgorganisatie te laten weten wanneer de baby is geboren en wanneer je thuis denkt te zijn, zodat de kraamverzorgster op tijd bij jullie thuis kan zijn. Ben je ’s nachts bevallen? Dan is de kans groot dat je kraamverzorgster pas de volgende ochtend komt, samen maak je hier een afspraak over. Dit geldt ook voor een ziekenhuisopname na een keizersnede: houd de kraamverzorgster op de hoogte van je herstel, wanneer je naar huis mag en spreek samen een moment af dat ze langskomt.

De eerste uren na de bevalling

Als je thuisbevalling zonder complicaties is verlopen, controleert de kraamverzorgster je gezondheid in de eerste uren na je bevalling. Ook zal ze jou en de baby goed verzorgen. Ben je in het ziekenhuis bevallen, dan doet een verpleegkundige deze taken tot je naar huis gaat. Dit is wat ze onder andere doet:

  • Opnemen van je temperatuur, in de gaten houden van bloedverlies en de hoogte van de baarmoeder controleren.
  • De baby verzorgen: nadat je baby op je borst of buik heeft gelegen, krijgt hij een luier en kleertjes aan om warm te blijven en wordt hij getemperatuurd.
  • Voeden: als je borstvoeding wilt geven, helpt je kraamverzorgster daarbij. Ze leert je onder andere hoe je je baby kunt aanleggen.
  • Een bevalling kost veel energie. Je kraamverzorgster zal zorgen voor iets te eten en te drinken.
  • Als je je goed genoeg voelt, kun je onder de douche. De kraamverzorgster of je partner kan je daarbij helpen. Als douchen niet lukt, word je met een washand op bed gewassen.

Uitrusten

Misschien doe je direct na je bevalling het liefst alles zelf en kun je niet wachten om je baby te verschonen, in bad te doen en aan te kleden. Toch is het goed om ook je rust te pakken in de eerste dagen na de geboorte. De bevalling heeft zowel lichamelijk als geestelijk grote impact en het herstel en het wennen aan een nieuw ritme kost veel energie. De kraamweek is bedoeld om jou te laten bijkomen en je vol vertrouwen en energie aan het moederschap te laten beginnen. Je hebt deze week een kraamverzorgster en met een beetje geluk is je partner ook vrij: maak gebruik van die hulp en laat je verzorgen. Als jij zelf weer wat op de been bent, kun je er des te beter voor je baby zijn als de kraamhulp is vertrokken.

Leren tijdens de kraamweek

In de dagen na de bevalling is het heel belangrijk dat jij de rust krijgt om te herstellen. Tegelijkertijd zal de kraamverzorgster jou en je partner van alles leren over de verzorging van je baby, zodat jullie na haar vertrek goed voorbereid zijn. Ze leert jullie onder andere:

Voeden: als je borstvoeding wilt geven, zal de kraamverzorgster je hierin begeleiden en ondersteunen. Ze leert je verschillende houdingen waarin je borstvoeding kunt geven en helpt je bij het aanleggen. Als je je baby kunstvoeding geeft, leert zij je hoe je dit klaarmaakt, hoeveel je baby mag drinken en hoe je de fles het beste kunt geven. Lees ook: borstvoedingshoudingen, welke past bij jou?

Logboek bijhouden: de kraamverzorgster voert dagelijks controles uit bij jou en de baby. Alle resultaten worden in het logboek geschreven. Als de verloskundige langskomt kijkt ze in het logboek en heeft ze direct een goed overzicht van hoe het met jullie gaat. Bij de baby kijkt ze naar de temperatuur, de kleur van de huid, de ademhaling, het urine- en ontlastingspatroon, huilen, slapen en alertheid, het navelstompje, de algehele conditie en het gewicht. Bij de moeder checkt ze de hartslag, temperatuur, bloedverlies, baarmoederstand of keizersnede en de algehele conditie. Als de kraamverzorgster denkt dat het niet goed gaat met jou of je baby schakelt ze de verloskundige in.

Controleren van de temperatuur: een pasgeboren baby kan zijn eigen lichaamstemperatuur nog niet goed op peil houden. De kraamverzorgster controleert daarom dagelijks de temperatuur van je baby en leert jou en je partner hoe je dit zelf kunt doen en bij welke temperatuur je aan de bel moet trekken. Ook jouw temperatuur wordt gemeten om eventuele ontstekingen te signaleren.

Algehele verzorging: de kraamverzorgster leert jullie van alles over de verzorging van en het leven met een baby. Bijvoorbeeld hoe je je baby verschoont, aankleedt en in bad doet (water op temperatuur brengen, wat leg je klaar, hoe houd je hem vast). Maar ook hoe je omgaat met krampjes, (veel) huilen, hoe je ziet of een baby honger heeft, hoe je je melkproductie omhoog krijgt, etc.

Je kunt haar deze week al je vragen stellen. Schrijf ze op als je kraamverzorgster al naar huis is, dan kun je ze de volgende dag stellen. Verder houdt de kraamverzorgster in de gaten hoe je je voelt en zorgt ze ervoor dat je voldoende rust krijgt zodat jij goed kunt herstellen en kunt genieten van je kraamtijd. Zo kun je alle aandacht hebben voor het eerste contact met je baby.

Voor hoeveel uur heb je kraamzorg?

In principe vergoedt je verzekering tot een maximum van 49 uur kraamzorg per bevalling. Dit is bijvoorbeeld één dag van zeven uur en zeven dagen van zes uur. Beval je op een maandag, dan heb je kraamzorg tot en met de maandag daarop, ongeacht of je ’s ochtends of ’s avonds bent bevallen. Hierbij is de geboortedag dag één van kraamzorg, ook als je ’s avonds bevalt.

Als je in het ziekenhuis bent, krijg je kraamzorg in het ziekenhuis en als je thuis bent komt er een kraamverzorgende naar je huis. Soms kom je in aanmerking voor maximaal twee extra dagen kraamzorg, bijvoorbeeld bij een keizersnede. Dit overlegt de kraamverzorger met de verloskundige. Bij problemen kan er tot een maximum van tachtig uur inclusief bevalling vergoed worden.

Lichamelijke ongemakken

Je hebt de uitspraak misschien weleens gehoord: ‘Negen maanden op, negen maanden af’. Maar vooral de eerste weken is je lichaam hard bezig te herstellen van de bevalling. Ook de zwangerschapshormonen verdwijnen uit je lichaam. Je kunt hierdoor verschillende kwaaltjes krijgen:

  1. Pijn aan de vagina/anus: als je een vaginale bevalling hebt gehad, is het gebied rond je vagina en anus uitgerekt, misschien ingescheurd en daardoor de eerste dagen extra gevoelig. Dit gaat vanzelf over, maar dat kan wel even duren.
  2. Urine en ontlasting: de eerste dagen na je bevalling kan plassen een branderig gevoel geven. Dit zal erger zijn als je bij de geboorte van de baby (een) scheurtje(s) hebt opgelopen. Het helpt om na of mee te spoelen met een fles lauwwarm water. Veel vrouwen vinden het eng om de eerste keer te poepen na de bevalling; dit lijkt op persen en het is allemaal nog kwetsbaar daar beneden. Geen zorgen, meestal komt de ontlasting na een paar dagen weer goed op gang.
  3. Vocht verliezen: je lichaam heeft, vooral in de weken voor je bevalling, veel vocht vastgehouden en dat verlies je nu in de vorm van veel plassen en (nacht)zweten. Leg een handdoek onder je hoeslaken voor je gaat slapen en vraag de kraamverzorgster je bed regelmatig te verschonen.
  4. Naweeën: na de bevalling kun je last hebben van naweeën of krampen. Dat is omdat je baarmoeder krimpt naar de oorspronkelijke grootte. Het kan flink pijn doen. Tips tegen de pijn: zorg dat je blaas steeds leeg is (dan kan de baarmoeder goed krimpen), leg een warme kruik op je buik en/of gebruik (in overleg met je verloskundige) paracetamol.
  5. Vloeien: vooral de eerste dagen na de bevalling kun je flink wat bloed verliezen. Hier kunnen ook stolsels bij zitten. Je kunt tot ongeveer zes weken na de bevalling bloed blijven verliezen, maar het wordt steeds minder. Om infecties te voorkomen mag je zolang je vloeit niet in bad, wordt seks afgeraden en kun je geen tampons gebruiken.
  6. Stuwing: op de derde of vierde dag na je bevalling kun je last krijgen van stuwing. De melkproductie komt op gang en je borsten zwellen enorm op. Dit kan vrij pijnlijk zijn. Geef je borstvoeding, dan kan het helpen je baby vaker te laten drinken of wat af te kolven. Ook een strakke beha kan helpen tegen de pijn, net als het afdekken van je borsten met verse koolbladeren. Lees hier wat je nog meer kunt doen bij stuwing.
  7. Herstellen van een hechting, scheur of knip: de meeste hechtingen zijn oplosbaar en verdwijnen vanzelf. Na een paar dagen kunnen ze wel gaan trekken of jeuken. Het helpt om op een harde ondergrond te gaan zitten in plaats van op een zachte stoel of bank. Ben je ingeknipt of -gescheurd, dan checkt je kraamverzorgster of de genezing goed verloopt. Een knip of scheurtje geneest in de meeste gevallen heel snel.
  8. Herstellen van een keizersnede: het herstel na een keizersnede duurt vaak langer dan na een vaginale bevalling. Je blijft na de operatie altijd een paar dagen in het ziekenhuis tot je wond goed genoeg genezen is. Bij thuiskomst moet je ook rustig aan doen: voor het herstel na een keizersnee staat zes weken rust. Ook moet je oppassen met de bewegingen die je maakt. De hechtingen zijn bijna altijd oplosbaar. Hiervoor hoef je dus niet terug naar het ziekenhuis. Wel ga je na zes weken terug voor de nacontrole bij de verloskundige. Je mag dan ook weer wat actiever worden. Meer weten: wanneer mag je weer sporten na een keizersnede?
  9. Aambeien: aan het persen tijdens je bevalling kun je aambeien overhouden. Door veel te drinken en vezelrijk te eten houd je je ontlasting zacht en heb je er zo min mogelijk last van. Meestal verdwijnen ze vanzelf. Eventueel kan je huisarts je medicijnen of een zalf voorschrijven.
  10. Lege buik: na je bevalling is je dikke buik opeens weg. Je buik voelt leeg, slap en misschien een beetje puddingachtig aan. Het duurt wel even voor je je ‘oude’ buik van voor de zwangerschap terug hebt. Geef het de tijd en wees hier niet onzeker over.

Kraamtranen en babyblues

De eerste dagen met je baby kunnen er allerlei emoties voorbij komen. Het is zo bijzonder, onwennig en overweldigend tegelijk. En er is zoveel gebeurd: je bent bevallen, je kreeg je baby voor het eerst in je armen, je lijf is aan het herstellen en je hebt ineens 24 uur per dag de zorg over een klein wezentje. Ondanks je behoefte aan rust heb je waarschijnlijk al een tijdje, de bevalling meegerekend, vooral onrustige nachten. Dit alles, in combinatie met het snelle verdwijnen van de zwangerschapshormonen, kan zorgen voor ‘kraamtranen’ of de ‘babyblues’. Dit gebeurt vaak zo’n drie dagen na de bevalling.

Kraamtranen zijn een heel normaal verschijnsel, bijna elke pas bevallen vrouw heeft er in meer of mindere mate last van. Laat ze dus lekker stromen, bel bezoek af en laat je door je partner in de watten leggen. Als je je verdrietig of neerslachtig blijft voelen, vraag je kraamverzorgster of verloskundige dan om advies.

Je partner in de kraamweek

Niet alleen voor jou, maar ook voor je partner is het ouderschap een hele omschakeling. Gelukkig is er ook voor partners steeds meer mogelijk op het gebied van kraam- en ouderschapsverlof. Het is namelijk echt fijn als je partner tijdens de kraamweek ook thuis is. Ook je partner zal alle vaardigheden omtrent de verzorging van jullie baby onder de knie moeten krijgen.

Soms is het gewoon niet anders en moet je partner toch werken. Laat hem dan in de tijd dat hij thuis is helpen met de verzorging van jullie baby. Leg uit hoe je een luier omdoet, de temperatuur opneemt, etc. Als jij alles zelf wilt doen of denkt dat je het beter kunt, is het lastiger voor je partner om een band op te bouwen met jullie baby. Geef hem de ruimte. Dit versterkt jullie teamgevoel en de band als gezin. Handige checklist: wat moet je partner allemaal regelen na de geboorte?

Aangifte doen na de geboorte

Binnen drie werkdagen na de bevalling moet je je kind aangeven bij de gemeente. Dit moet je partner doen of jij zelf, maar meestal laten moeders dit liever aan de vader over. Je hebt die eerste dagen vast weinig zin om in de rij voor het loket op het gemeentehuis te staan. Lees voor de aangifte in elk geval deze checklist, zodat je weet wat je moet meenemen. Zodra er aangifte is gedaan, volgt de hielprik vanzelf.

Hielprik en consultatiebureau

Zodra de geboorteaangifte binnen is bij de gemeente, staat je baby op de lijst voor de hielprik. Deze hielprik wordt in de eerste week na de geboorte bij je thuis uitgevoerd. Er worden een paar druppeltjes bloed afgenomen uit de hiel van je baby. In een laboratorium wordt het bloed onderzocht op een aantal ernstige, zeldzame, aangeboren ziektes. Deelname aan de hielprik is vrijwillig en er zijn geen kosten aan verbonden. Als de uitslag van het onderzoek goed is, ontvang je geen bericht. Als er een afwijkende uitslag is gevonden, ontvang je wel bericht. De huisarts neemt in dat geval zo snel mogelijk contact op.

Tegelijk met de hielprik wordt vaak ook een gehoortest gedaan bij je baby. In sommige regio’s wordt de gehoortest op het consultatiebureau afgenomen. Ligt je baby nog in het ziekenhuis, dan wordt hij daar geprikt en getest. Bij de test wordt gecheckt of en hoe je baby op geluid reageert. Dit is heel belangrijk: een kind kan pas goed leren praten als hij goed hoort. Lees hier hoe de gehoortest precies verloopt.

Kraamvisite

Iedereen is natuurlijk ontzettend benieuwd naar jou en je baby, en misschien wil je hem zo snel mogelijk aan iedereen laten zien. Na een bevalling is het allereerst belangrijk dat jij en de baby bijkomen en dat jullie wennen aan een nieuw ritme als gezin. Voor je baby was de bevalling ook een hele gebeurtenis en de overgang van de baarmoeder naar de buitenwereld is indrukwekkend en wennen voor hem. Er zijn talloze nieuwe prikkels, zoals licht, geluid en temperatuurverschillen, en hij ervaart voor het eerst honger en ongemak. Doe daarom rustig aan met kraamvisite en nodig de eerste tijd alleen mensen uit bij wie je je totaal op je gemak voelt (en die je durft weg te sturen als je het genoeg vindt geweest). Je collega’s kunnen echt nog wel even wachten. Ook een optie: organiseer een kraamfeest als je eraan toe bent. Neem de tijd en luister naar je gevoel, ook als je liever niet wilt dat je baby door iedereen wordt vastgehouden. Ontdek: wat past het beste bij jou, kraamvisite of een kraamfeest?

Afsluiten van de kraamweek

Als alles goed gaat sluit je verloskundige je kraamweek af. Ze is eerder deze week al bij je langs geweest om te kijken of alles goed ging. De meeste verloskundigen vragen je na zes weken nog eens langs te komen voor nacontrole. Hetzelfde gebeurt in het ziekenhuis bij de gynaecoloog. Tijdens dit bezoek wordt dan onder andere je ijzergehalte gecontroleerd, wordt je bevalling nog eens doorgenomen en kun je zelf ook vragen stellen die je nog hebt over bijvoorbeeld je bevalling. Het kan ook zijn dat deze nacontrole alleen op eigen verzoek plaatsvindt.

Je neemt afscheid van je kraamverzorgster (niet zelden met tranen) en bent op jezelf en je moedergevoel aangewezen. Maak je hier niet te druk over: je kunt het. En mocht je toch ergens mee zitten, dan kun je vanaf nu voor al je vragen contact opnemen met je huisarts of het consultatiebureau.

Hersteltraining 'Fit na de bevalling':